Zoeken in deze blog

zondag 30 juli 2017

#246: audio.nl (1998-2007)

In dit blog nu eens een keer geen aandacht voor een specifieke artiest of bijzonder album, maar voor een bijzonder platenlabel: audio.nl

Het label werd gerund door de mannen van Goem (Frans de WaardPeter Duimelinks en Roel Meelkop) en in de tien jaar dat het label bestond brachten ze negenentwintig 12"-es, vier CD's, één LP en één 7" uit van zestien verschillende artiesten. Sommige artiesten zijn slechts bij één uitgave betrokken, anderen zijn op wel zes verschillende uitgaven te horen.

Op de muziek die audio.nl uitbracht kan het minimal techno label geplakt worden, maar ook stijlen als microhouse en glitch en mengvormen komen voorbij. Net zo minimaal als de muziek zijn ook de hoezen en labels. Slechts het hoognodige is vermeld.

De eerste uitgave was een 12" van Motor waarop een aantal lekkere ritmische tracks stonden zoals 1, met een fijne langzame opbouw. Motor zou regelmatig iets uitbrengen via audio.nl, zoals 4, 5.

Zoals gezegd zijn stijlvarianten ruim vertegenwoordigd zoals échte minimal techno van Radboud Mens (MixDownNL012) en de unieke bijdrage van Muslimgauze (Port Said 1, 2), duidelijk uit zijn 'Azzazin'-periode.

Ook artiesten als Rannisto (Untitled A1Untitled A2), Anders Ilar (EndastTenfolden Static (Full SwingDub Bashet) leveren interessante platen, maar er zijn een paar artiesten die er met hun muziek voor mij uitspringen.

Dat is ten eerste Komet (alias van Frank Bretschneider) die met tracks als GenMogGo en Good op diverse bijdragen een constant hoog niveau haalt. De muziek is ritmisch, subtiel, gevarieerd en de muziek lééft. Een andere topschijf is de enige bijdrage van Tomas Jirku, de 12" We Call Them Acids. Hij gebruikt alle mogelijke stijlen en maakt hier iets heel eigens van. Hij start op een pad, raakt er dan vanaf, slingert wat rond en komt als vanzelf weer terug op dat pad op een manier die volkomen natuurlijk aandoet. Luister naar H₂SO₄HClHNO₃ en HBr en misschien hoor je dan wat ik bedoel.

De beste bijdragen zijn wat mij betreft van Taylor Deupree. Dit zijn geen gewone nummers, maar klankschilderingen waarbij in ieder geval mijn fantasie de vrije loop neemt. Soms ogenschijnlijk simpel, soms hoorbaar complex, maar altijd boeiend en geraffineerd. Zijn drie 12"-es voor het audio.nl label zijn me zeer dierbaar door tracks als Focux, Subtract, Sp:er3.13.153.2 en 3.8.

Aan één kant is het jammer dat
het audio.nl-boek na tien jaar werd gesloten, aan de andere kant weet je dat aan alle mooie dingen een eind komt.

© 2017 TTZL


Discogs: audio.nl
Discogs: Goem / Frans de Waard / Peter Duimelinks / Roel Meelkop

YouTube: Motor - 1 [audio.nl 001]
YouTube: Muslimgauze - Port Said 1, 2 [audio.nl 004]
YouTube: Taylor Deupree - Focux [audio.nl 006]
YouTube: Taylor Deupree - Subtract [audio.nl 006]
YouTube: Taylor Deupree - Sp:er [audio.nl 006]
YouTube: Motor - 4, 5 [audio.nl 008]
YouTube: Radboud Mens - MixDownNL012 [audio.nl 010]
YouTube: Komet - Gen [audio.nl 012]
YouTube: Komet - Mog [audio.nl 012]
YouTube: Static - Full Swing [audio.nl 015]
YouTube: Static - Dub Bashet [audio.nl 015]
YouTube: Taylor Deupree - 3.1 [audio.nl 018]
YouTube: Taylor Deupree - 3.15 [audio.nl 018]
YouTube: Taylor Deupree - 3.2 [audio.nl 018]
YouTube: Taylor Deupree - 3.8 [audio.nl 018]
YouTube: Tomas Jirku - H₂SO₄ [audio.nl 023]
YouTube: Tomas Jirku - HCl [audio.nl 023]
YouTube: Tomas Jirku - HNO₃ [audio.nl 023]
YouTube: Tomas Jirku - HBr [audio.nl 023]
YouTube: Komet - Go [audio.nl 025]
YouTube: Komet - Good [audio.nl 025]
YouTube: Anders Ilar - Endast [audio.nl 026]
YouTube: Anders Ilar - Tenfold [audio.nl 026] 
YouTube: Rannisto - Untitled A1 [audio.nl 028]
YouTube: Rannisto - Untitled A2 [audio.nl 028]

zaterdag 22 juli 2017

#245: The Buoys - Give Up Your Guns (1972)

Eéndagsvliegen, ook wel 'one hit wonders' genoemd, zijn van alle dagen, maar aan sommigen kleeft toch een bijzonder verhaal. Dat is zeker het geval bij de Amerikaanse groep The Buoys. De naam van de band zorgt al voor verwarring, want je 'boy' en 'buoy; weliswaar hetzelfde uit, maar de betekenis is heel anders: 'jongen' versus 'boei'.

De groep bestond maar kort begin jaren zeventig van de vorige eeuw en maakte slechts één album en een paar singles. Opvallend aan het album is dat de helft van de nummers van de band zelf zijn en de andere helft geschreven zijn door een producer, muzikant en schrijver die aan het begin van zijn carriére stond: Rupert Holmes. Tien jaar later zou hij succes hebben als solo-artiest (Escape, Him) en tegenwoordig is hij een gevierde theatermaker op Broadway.

Eén van die nummers van Holmes is Timothy. In Nederland is het nummer niet bekend, maar in Amerika reikte het tot de 17e plaats van de hitparade. Toch is dat niet waarom het nummer bekend is geworden. 

De tekst gaat over drie mijnwerkers die opgesloten zijn geraakt. Twee vervallen ten einde raad tot kannibalisme en verorberen hun maat. De platenmaatschappij kreeg pas door waar het nummer over ging toen het al lang en breed in de charts stond en veel commotie veroorzaakte. Veel radiostations weigerden de plaat te draaien.

Hun tweede single deed niet veel in de US (nr. 84 slechts), maar deed het dan weer verrassend goed in Europa. In Nederland bereikte Give Up Your Guns in 1972 de 5e plaats van de Top 40. Het verhaal van de bankrover wiens liefje hem verlaten had omdat ze wilde dat hij zich zou overgeven sloeg hier wel aan. Opvallend aan het heerlijke, laidback countryrock nummer is dat 'outro' bijna de hele tweede helft van het nummer beslaat. Alsof het nummer is opgedeeld in een vocaal en een instrumentaal gedeelte. 

Opmerkelijk is dat het nummer in 1979 opnieuw een hit werd in Nederland en deze keer tot de 8e plek kwam. Als een nummer twee keer in de hitparade komt, telt het dan nog als ééndagsvlieg?

Dat Give Up Your Guns bij velen in Nederland in het geheugen gegrift staat blijkt wel uit de Radio 2 Top 2000 waar het nummer vanaf 1999 onafgebroken een plekje bezet houdt.

© 2017 TTZL


Wikipedia EN: The Buoys
Wikipedia NL: The Buoys

YouTube: Timothy

YouTube: Escape (The Pina Colada Song) [Rupert Holmes]
YouTube: Him [Rupert Holmes]

zondag 16 juli 2017

#244: Death - ...For The Whole World To See (1975/2009)

Sommige verhalen zijn te mooi om waar te zijn en die zijn dat dan meestal ook. Zo niet het verhaal Death. Het verhaal van drie broers uit Detroit die de échte punkpioniers zijn, maar waar tot voor kort niemand van had gehoord.

De Death saga start in 1971 als de broers Bobby (bas/zang), David (gitaar) en Dannis (drums) Hackney van hun ouders muziekinstrumenten mogen kopen van de schadevergoeding die hun moeder heeft ontvangen na een auto-ongeluk.

Ook al laten hun ouders ze via de radio kennis maken met allerlei soorten muziek, als drie Afro-Amerikanen in Detroit beginnen ze natuurlijk met muziek beïnvloed door soul, funk en Motown. Dit verandert nadat ze concerten bezoeken van The Who en Alice Cooper. Voortaan zullen deze drie zwarte jongens de buurt terroriseren met snoeiharde rock and roll. Ze kopiëren echter niet hun voorbeelden, maar spelen hun eigen versie: harder en sneller. In retrospect kunnen we stellen dat we hier de geboorte van de punk horen.

De broers werden wel in staat gesteld hun muziek op te nemen door een lokale muziekuitgever, maar ondanks veel inspanningen werd er geen platenmaatschappij gevonden die de opnamen wilde uitgeven. Uiteindelijk werd er toch één bereid gevonden, maar dan moesten ze wel hun naam veranderen. Dat weigerde bandleider David, omdat dit zijn hele achterliggende concept rondom de naam 'Death' zou vernietigen. 

Death bracht nog in eigen beheer een single uit (oplage: 500), maar ook dit zette geen zoden aan de dijk. Het gevolg was dat de mastertapes op zolder lagen te verstoffen. In 2000 overleed David aan en was er geen enkele reden om aan te nemen dat er ooit nog iets van Death zou worden vernomen. Bobby en Dannis waren intussen actief in een reggaeband (Lambsbread).

Halverwege de jaren 2000 ontdekken ineens een paar verzamelaars de single en wordt het in die kringen een gewild object. Middels blogs (met mp3's van de A en B kant) komt de single langzaam onder de aandacht van meerdere mensen. Ook één van de zoons van Bobby wordt er door een vriendin op geattendeerd en hoort tot zijn stomme verbazing de stem van zijn vader op Politicians In My Eyes en Keep On Knocking. Nadat hij van zijn vader de geschiedenis van Death verneemt noemt hij zijn band naar een pseudoniem dat zijn overleden oom David gebruikte (Rough Francis) en gaat de muziek van Death spelen.

Dat leidt uiteindelijk tot een verhaal in de New York Times over Death en Rough Francis en de uitgave van de sessies uit 1975 door platenmaatschappij Drag City onder de titel ...For The Whole World To See (die reeds door David bedacht was).

De nummers van de sessie duren bij elkaar nog geen 27 minuten, maar dat geeft niets. Ten eerste zijn de beste punkplaten ook korter dan 30 minuten en ten tweede zijn die 27 minuten zo verpletterend goed dat je niet meer nodig hebt.

Naast de eerder genoemde nummers van de single, staan er nog vijf juweeltjes op. Rock-N-Roll Victim en You're A Prisoner zijn heerlijke high energy nummers, terwijl Freakin Out en Where Do We Go From Here? ook nog gezegend zijn met heerlijke breaks. Let The World Turn is het meest afwisselende nummer met een mooi rustig begin, midtempo en uptempo stukken en een heerlijke drumbreak.

Na de 'ontdekking' van Death buitelden muzikanten en critici over elkaar heen om hun verbazing te uiten over de kwaliteit van de songs, over het feit dat dit al in 1975 was opgenomen (dus ruim voor de Sex Pistols en de Ramones) en over hun onbegrip dat dit stukje muziekhistorie zo lang verborgen kon blijven.

Naar aanleiding van de gebeurtenissen werd Death heropgericht door Bobby en Dannis, ondersteund door Lambsbread-gitarist Bobbie Duncan. Ze ondernamen een succesvolle tournee en hebben in 2015 zelfs een album met nieuw materiaal uitgebracht.

Als je meer wil weten van het verhaal van Death, kijk dan vooral naar de geweldige documentaire A Band Called Death uit 2012 (trailer).

© 2017 TTZL


Official website: Death
Wikipedia EN: Death
Wikipedia NL: Death

YouTube: ...For The Whole World To See [hele album]

zondag 9 juli 2017

#243: Klaatu - Klaatu (1976)

Mysterieus. Dat woord omschrijft de Canadese band Klaatu misschien nog wel het best. Zo is er de aparte bandnaam die afkomstig is van het buitenaardse wezen in de film The Day The Earth Stood Still uit 1951. 

Daarnaast werden de bandleden niet vermeld op de hoezen van hun eerste drie LP's. In combinatie met de muziek, die heel duidelijk invloeden van The Beatles heeft in de tijd van Sgt. Pepper en Magical Mystery Tour, leidde dit tot een opmerkelijk gerucht. 

De Amerikaanse journalist Steve Smith opperde in een artikel in 1977 dat het in 1976 uitgekomen debuutalbum van Klaatu wel eens een anoniem album van The Beatles zou kunnen zijn. Dat gerucht werd al snel een wereldwijd fenomeen en zorgde voor flink wat aandacht voor Klaatu en in sommige landen voor wat kleine hits.

Het debuutalbum heette in Canada 3:47 EST (naar het tijdstip waarop Klaatu in de film aankomt op aarde), maar werd in de rest van de wereld als Klaatu uitgebracht. De opener van het album, Calling Occupants Of Interplanetary Craft, zet direct de toon. We horen eerst bijna een minuut natuurgeluiden voordat een heel lieflijke melodie en stem het nummer echt beginnen. In 7 minuten met veel tempo- en dynamiekwisselingen wordt de essentie van de film The Day The Earth Stood Still verwoordt (buitenaards bezoek met de beste bedoelingen).Het nummer werd voor Klaatu geen klapper, maar de versie van The Carpenters in 1977 werd dat wel.

Na California Jam volgt het eerste stevigere nummer, Anus Of Uranus. De track opent met een lekkere gitaarlick en bouwt uit tot een nummer met een opvallende bas en spaarzame, maar effectieve drums. 

Nadat de Beatlesque song Sub-Rosa Subway kant A heeft afsgesloten, opent n kant B met True Life Hero. Een heerlijk voortstampend nummer dat voor een aangename afwisseling zorgt op het album.

Het album vervolgt met drie nummers waarvan Doctor Marvello zo zou kunnen doorgaan voor een George Harrison nummer en Sir Bodsworth Rugglesby III qua stijl en uitvoering doet denken carnivalesque Beatles-tracks als Maxwell's Silver Hammer en Being For The Benefit Of Mr. Kite! 

Little Neutrino sluit het album af zoals Calling Occupants het begon: sfeervol, episch en op een wonderlijke manier zowel origineel als refererend aan hun grote voorbeelden.

Helaas kon Klaatu het hoge niveau van dit album niet volhouden. Opvolger Hope werd nog goed ontvangen, maar het derde album Sir Army Suit werd al minder enthousiast onthaald. Toch is dit laatste album van belang omdat in de hoestekening voor het eerst aanwijzingen zaten naar de identiteit van de bandleden John Woloschuk, Dee Long en Terry Draper. Daarnaast is er voor de single A Routine Day een prachtige, geanimeerde clip gemaakt die ook op de Nederlandse TV te zien was. 

Klaatu zou hierna nog twee studioalbums maken waarna ze er de brui aan gaven. In de jaren erna zouden er nog albums met rarities, demo's en alternatieve mixen verschijnen. Sinds 2011 is zijn de voormalige bandleden bezig met het gefaseerd uitbrengen van geremasterde versies van de studioalbums. Een teken dat Klaatu ruim veertig jaar na dato nog niet vergeten is.

© 2017 TTZL


Official website: Klaatu
Wikipedia EN: Klaatu
Wikipedia NL: Klaatu


YouTube: Klaatu [hele album]
YouTube: Anus Of Uranus
YouTube: Sub-Rosa Subway
YouTube: True Life Hero
YouTube: Doctor Marvello
YouTube: Sir Bodsworth Rugglesby III

YouTube: Little Neutrino

YouTube: A Routine Day [animated clip]

YouTube: Calling Occupants Of Interplantary Craft [The Carpenters]

zaterdag 1 juli 2017

#242: The The - We Can't Stop What's Coming (2017)

Eén van de hoogtepunten van Record Store Day 2017 (op 22 april jl.) was een nieuwe vinyl single van The The. Het is het eerste nieuwe werk van Matt Johnson^ sinds het album NakedSelf uit 1999, als we de soundtracks Tony*, Moonbug en Hyena* niet meetellen. 
* geregisseerd door zijn broer Gerard Johnson
^
The The is een 'one man band' met 'vaste gasten'

Ik heb in blog #206 al eens mijn liefde voor de muziek van The The laten blijken. Daarom was ik, en met mij velen, zeer verheugd toen er werd aangekondigd dat er eindelijk nieuw zou verschijnen. 

Het onderwerp van het nummer is echter minder vreugdevol. Het nummer is opgedragen aan Andrew Johnson, de broer van Matt, die in 2016 overleed aan een hersentumor. Andrew werkte als kunstenaar onder het pseudoniem Andy Dog en ontwierp ook vele hoezen voor The The

We Can't Stop What's Coming is een prachtig eerbetoon geworden in typische The The stijl, avontuurlijk én toegankelijk. Veel The The-oudgedienden geven acte de présence en misschien voelt het daardoor wel allemaal zo vertrouwd. 
Het nummer gaat rustig van start en ongeveer halverwege komen de drums erbij, maar die blijven heel bescheiden op de achtergrond. Datzelfde is van toepassing op de mooie tweede stem Meja Kullersten in de refreinen. Ze is aanwezig, maar puur ondersteunend.  De mooie, melancholische tekst rond het helemaal af:

Wake up it's time to go
The taste of tears still in your throat
Silence from your songs
Reminds us, when you are gone
We can't hate the river for flowing
Can't blame the wild wind blowing
Can't slow time from running
We can't stop what's coming

Helaas voor Matt Johnson heeft hij inmiddels al een trilogie geschreven van songs voor overleden familieleden. In 1992 bracht hij Love Is Stronger Than Death uit voor zijn in 1989 overleden broer Eugene en Phantom Walls uit 1999 schreef hij voor zijn overleden moeder. Zou "Great Art Comes From Pain" dan toch waar zijn?

In een vlaag van zelfonderschatting waren er slechts 2000 exemplaren gedistribueerd van de single voor Record Store Day. Via zijn website verontschuldigde Matt Johnson zich aan de fans die hadden misgegrepen en maakte bekend de resterende exemplaren op een bepaalde dag en tijdstip via zijn eigen website te verkopen. Ook hierbij was de belangstelling zo groot dat de server van zijn provider vrijwel direct onderuit getrokken werd. Inmiddels is er een tweede persing verkrijgbaar en is de single ook te downloaden via iTunes.

© 2017 TTZL


Official website: The The
Wikipedia EN: The The
Wikipedia NL: The The


YouTube: Phantom Walls

zondag 25 juni 2017

#241: Omar & The Howlers - Hard Times In The Land Of Plenty (1987)

Bij het zoeken naar een blogonderwerp voor deze week stuitte ik op een heerlijke CD van Omar & The Howlers die heel veel in de lade van mijn CD-speler heeft rondgedraaid. Onvervalste blues rock, vermengd met scheuten Texas blues en southern rock.

De band maakte tussen 1980 en 1984 eerst twee albums voor kleine, onafhankelijke platenlabels voordat ze werden opgepikt door het grote Columbia Records. Daardoor kon de band in 1987 ook in Europa onder de aandacht gebracht worden via recensies in muziekbladen van hun Columbia-debuutalbum Hard Times In The Land Of Plenty.

Na hun tweede Columbia-album kwam echter de overname door Sony en werd er een grote schoonmaak gehouden onder de artiesten. Omar & The Howlers was één van de slachtoffers en sindsdien brengen ze hun albums uit via allerlei kleinere maatschappijen.

Hun korte tijd bij Columbia heeft in ieder geval wel een fantastische plaat opgeleverd. De opener van het album is het titelnummer, Hard Times In The Land Of Plenty. Een lekker uptempo blues rock nummer met een herkenbare riff en een ritmesectie als een doordenderende goederentrein. Maar de échte troef is de stem van Omar Dykes: krachtig, rauw en toch soepel. 

Dat de band van meer markten thuis is bewijzen ze direct daarna met Dancing In The Canebrake dat veel meer pop en soul bevat en met een heerlijk orgeltje als extraatje.

Doordat Omar & The Howlers niet zo bekend zijn geworden als pakweg Stevie Ray Vaughan of Joe Bonamassa is er ook veel minder van ze te vinden op YouTube. Toch denk ik dat You Ain't Fooling Nobody en de live-versies van Border GirlMississippi Hoo Doo Man en Lee Anne genoeg zijn om aan te tonen wat voor een geweldige nummers er op het album staan.

Ben je nog niet overtuigd (of juist wel!) kijk dan eens naar de Rockpalast opnamen van Omar & The Howlers op Crossroads 2005.

© 2017 TTZL


Officiële website: Omar & The Howlers
Wikipedia EN: Omar & The Howlers
YouTube: Hard Times In The Land Of Plenty [clip]
YouTube: Dancing In The Canebrake
YouTube: Border Girl [live]
YouTube: Mississippi Hoo Doo Man [live]
YouTube: You Ain't Fooling Nobody

YouTube: Lee Anne [live]

YouTube: Crossroads 2005 [Rockpalast]

zondag 18 juni 2017

#240: The Tubes - The Completion Backward Principle (1981)

In blog #49 schreef ik over het album Remote Control uit 1979. Die plaat van de San Francisco-rockers The Tubes was groots, des te opvallender dus dat de opvolger uit 1981, The Completion Backward Principle, minstens zo goed is.

Het was trouwens wel even schrikken voor de trouwe fans van The Tubes toen het album uitkwam. Zo was het album was geproduceerd door David Foster die bekend was van werk voor Diana Ross, Donna Summer en Earth, Wind & Fire. Daarnaast stonden de bandleden op de achterkant van de hoes afgebeeld in kostuum en ademde alle promotie een business-sfeer uit.

Na een korte, inleidende boodschap om toch 'vooral beide plaatkanten in één vergadering te draaien' gaat Talk To Ya Later los en verdwijnen alle twijfels. Met hulp van Toto's Steve Lukather wordt er een puike rock/power-pop track neergezet die het album prima opent.

Na het heerlijk ironische Sushi Girl volgt een mooi rockballad, Amnesia. Kant 1 sluit daarna af met twee van mijn favoriete tracks van het album. Allereerst is er Mr. Hate waarin we een man horen die op de vlucht is voor de politie, omdat hij er (onterecht?) van wordt beschuldigd zijn moeder en zus te hebben vermoord. Laat het maar aan Fee Waybill over om de mentale staat van de hoofdpersoon in de vocalen door te laten klinken! Daarna is Attack Of The Fifty Foot Woman een prachtige ode aan de gelijknamige jaren 50 cultfilm met een heerlijke tongue-in-cheek tekst: 

My God I screamed to my distress, 
I got a fifty woman in a five foot dress

Kant 2 opent net als kant 1 met een heerlijke uptempo song, Think About Me, waarna er in A Matter Of Pride wat R&B-invloeden waar te nemen zijn. Dit is het nummer waarin de invloed van producer David Foster duidelijk te horen is, maar het pakt hier zeker niet slecht uit. 

Foster's stempel zit ook duidelijk op de tweede ballad van het album, Don't Want To Wait Anymore. Dit nummer wordt voor de verandering gezongen door gitarist Bill Spooner en doet wat gladjes aan. Het leverde de band in de U.S. wel een dikke hit op. Na het met een lekkere vette baslijn gezegende Power Tools volgt dan nog uitsmijter Let's Make Some Noise, dat logischerwijs uitgroeide tot een concertfavoriet.

Net als de remaster van Remote Control is ook de remaster van The Completion Backward Principle absoluut de moeite waard om aan te schaffen (geweldige geluidskwaliteit en vier bonustracks). Iconoclassic Records heeft het helemaal afgemaakt met de remaster van Outside Inside, het album dat de trilogie voltooide en de lijn moeiteloos doortrok. 


© 2017 TTZL


Officiële website: The Tubes
Wikipedia EN: The Tubes
Wikipedia NL: The Tubes

zondag 11 juni 2017

#239: Danielle Dax - Yummer Yummer Man (1985)

Danielle Dax is een veelzijdige vrouw. Ze is singer/songwriter, multi-instrumentalist, producer, beeldend kunstenaar en binnenhuis- en tuinarchitect. Haar muziek is al even eclectisch en zelf zegt ze klassieke, blues, electronische, indiase, rock, afrikaanse, psychedelische en middeleeuwse muziek te combineren. Het resultaat is absoluut uniek te noemen.

In 1979 ontmoette ze Karl Blake en werd gevraagd om voor zijn band Lemon Kittens het artwork te doen. Toen hij bemerkte dat ze ook kon zingen en fluit, sax en toetsen bespeelde, trad ze toe tot de band. Danielle Dax was begin jaren tachtig van zichzelf al opvallend genoeg, maar haar verschijning op het podium was dat helemaal. Zeker als ze 'gekleed' in (bijna) alleen body paint optrad.

Tussen 1983 en 1995 maakte ze solo een aantal EP's en LP's en, mede door een langdurige ziekte, is het wat betreft haar muzikale carrière daarbij gebleven. Ze is daarna succesvol geworden als ontwerper en binnenhuis- en tuinarchitect. 

Hoewel haar muziek absoluut in mijn aandachtsgebied valt heb ik alleen de EP Yummer Yummer Man uit 1985 van haar. 

In Yummer Yummer Man zitten subtiele invloeden van de muziek uit het Midden-Oosten, naast invloeden uit New Wave, Post-Punk en Synthpop. Voortdenderende drums en synthesizerlijntjes combineren mooi met haar aparte stem en zanglijnen, af en toe onderbroken door middeleeuws aandoende koortjes. Een hypnotiserend nummer.

Bad Miss 'M' heeft dan weer een ritme, zanglijn en gitaar die nogal 'country' aandoen en die contrasteren mooi met de andere elementen. De titel verwijst overigens naar Margaret Thatcher waar Dax geen fan van was, getuige onderstaande tekstflarden:

I was a-gone when you came sneakin' around
In a Holocaust haze your lunancy seems calm
(...)
All that's good for a Nation
Handed out in bitter lessons - oh whoa
(...)
We'll all have a party when you are gone
Desecrate your grave and sing this song

Fizzing Human Bomb tapt dan weer uit een ander vaatje. Sterk ritmisch gedreven en gedomineerd door Indiaas-aandoende zang neemt Danielle Dax ons in dit nummer mee naar Azië. Dit is opnieuw een meeslepend nummer, net als de titeltrack.

Gezien de kwaliteit van deze EP moet ik misschien toch maar eens op zoek naar de andere EP's en LP's van deze bijzondere artieste.

© 2017 TTZL


Officiële website: Danielle Dax
Wikipedia EN: Danielle Dax
Wikipedia NL: Danielle Dax

YouTube: Yummer Yummer Man

YouTube: Bad Miss 'M'

zondag 4 juni 2017

#238: The Allman Brothers Band - At Fillmore East (1971)

In 2008 werd er bij Gregg Allman leverkanker geconstateerd. Ondanks een levertransplantatie in 2010 keerde de kanker echter terug en op 27 mei jl. werd deze hem fataal. Opnieuw een groot verlies voor de muziekwereld.

Na in de jaren zestig al een tijdje met muziek bezig te zijn geweest richtte Gregg in 1969 samen met zijn broer Duane Allman een band op die ze toepasselijk The Allman Brothers Band (aka ABB) noemden. 


De eerste twee albums, The Allman Brothers Band uit 1969 en Idlewild South uit 1970, waren direct voltreffers. De commerciële doorbraak kwam met de opvolger, het live-album At The Fillmore East uit 1971. Duane Allman excelleert op gitaar, ondersteunt door tweede gitarist Dickey Betts, en de ritmesectie bestaand uit Berry Oakley (bas), Jai Johanny Johansen (drums) en Butch Trucks (drums) swingt, stuwt en rockt geweldig. 

De show wordt echter gestolen door de stem van zanger/toetsenist Gregg Allman. Hij klinkt afwisselend ruw en ruig en dan weer zacht en doorleeft. Hij heeft een geweldig bereik en volume en, misschien het belangrijkst van allemaal, de stem raakt je. De emotionele zeggingkracht van die stem is fenomenaal en ongeëvenaard.

Op het originele dubbelalbum staan zeven tracks. Op kant 1 staan drie heerlijke southern rock tracks waarin rock 'n' roll, country en vooral blues heerlijk samensmelten. Eerst horen we de uptempo nummers Statesboro Blues en Done Somebody Wrong en daarna het lekker langzame Stormy Monday

Kant 2 wordt in zijn geheel ingenomen door het bijna twintig minuten durende You Don't Love Me. Dit nummer toont aan hoe goed ABB is als een nummer wordt uitgesponnen tot een lange jam.

Op kant 3 staan de adrenalinestoot Hot 'Lanta (met heerlijke toetsenpartij van Gregg) en het met een prachtige opbouw en heerlijke drumbreak gezegende, dertien minuten durende In Memory Of Elizabeth Reed

Het topstuk is wat mij betreft te vinden op kant vier. Op het debuutalbum duurt het origineel van dit nummer vijf minuten, maar live maken ze van Whipping Post een 23 minuten durend episch werkstuk. In dit nummer bezingt Gregg Allman hoe hij belazerd en bedrogen wordt door zijn lief en als je wilt horen wat ik hiervoor bedoelde met 'emotionele zeggingkracht', luister dan vooral naar dit nummer.

Vanwege het succes van dit live-album (maar ook vanwege drugsverslavingen en de dood van Duane Allman) werden er op het volgende album (Eat A Peach) ook een aantal nummers uit de Fillmore-concertreeks opgenomen (waaronder het meer dan 30 minuten durende Mountain Jam). 

Vanzelfsprekend is dit album een aantal keer heruitgebracht, maar steeds weer in een iets andere versie. Op The Fillmore Concerts (1992) zijn de live-nummers van Eat A Peach toegevoegd alsook twee bonustracks. Alles is geremixt en van sommige nummers is een andere versie uit de concertreeks gebruikt dan op het originele album. At The Fillmore East (deluxe edition) (2003) bevat dezelfde nummers maar dan allemaal in de versies van de originele albums (plus één bonustrack). 

De heilige graal is echter het in 2014 verschenen The 1971 Fillmore East Recordings. Op drie Blu-ray Discs (met 5.1 surround) of zes CD's staan de complete shows van 12 en 13 maart en 27 juni 1971. Bij veel bands zou dit teveel van het goede zijn, maar omdat ABB zelden een nummer op precies dezelfde manier speelde en de jams altijd verschillen is dat hier zeker niet het geval.

© 2017 TTZL


YouTube: Stormy Monday
YouTube: You Don't Love Me
YouTube: Hot 'Lanta
YouTube: Whipping Post

YouTube: Whipping Post [studioversie]
YouTube: Mountain Jam [van 'Eat A Peach']