Vijftig jaar geleden verscheen het titelloze debuutalbum van The Allman Brothers Band. Deze gebeurtenis kon natuurlijk niet onopgemerkt voorbijgaan en er verscheen daarom een prachtig carrière-overzicht op vijf CD's met boek: Trouble No More (50th Anniversary Collection).

Het echte verhaal van de band begint op 26 maart 1969 als Gregg Allman (toetsen, zang) op aandringen van zijn oudere broer Duane Allman (gitaar) bij de dan nog naamloze band gehaald wordt. Andere 'founding members' zijn Dickey Betts (lead guitar, zang), Berry Oakley (bas), Butch Trucks (drums) en Jai Johanny "Jaimoe" Johanson (drums).
Het eerste nummer dat in deze bezetting gerepeteerd werd was Trouble No More van Muddy Waters. Het is dan ook toepasselijk dat een demo van dit nummer de collectie opent (het is één van de zeven niet eerder uitgegeven tracks). Daarna volgen een aantal nummers van het debuutalbum, waaronder Dreams en Whipping Post), gevolgd door een live-opname van I'm Gonna Move To The Outskirts Of Town (van het in 1990 uitgegeven Live at Ludlow Garage 1970).
Dat live-album is toegevoegd aan de luxe uitgave het tweede album Idlewild South waarvan onder andere Revival en Please Come Home present zijn. Het eerste deel wordt afgesloten met tracks van het succesvolle live-album The Allman Brothers Band at Fillmore East (zoals In Memory Of Elizabeth Reed) dat uitkwam in juli 1971 en de doorbraak voor de band betekende. Helaas sloeg het noodlot toe aangezien in oktober 1971 Duane Allman omkwam bij een motorongeluk.
De band besloot door te gaan maakte het nieuwe studio-album af. Samen met resterende Fillmore East opnamen vormen deze opnamen Eat A Peach (april 1972, waaronder One Way Out). Berry Oakley bleef het echter erg moeilijk houden met de dood van zijn vriend en zocht zijn heil in drank en drugs (een telkens terugkerend probleem bij The Allman Brothers Band). In november 1972 kwam ook hij om bij een motorongeluk, vlakbij de plek waar eerder Duane verongelukte.
Met Chuck Leavell (toetsen, zang) en Lamar Williams (bas) als vervangers wordt het album Brothers & Sisters (1973) opgenomen. Het is een sterke plaat met nummers als Southbound, Wasted Words en het overbekende instrumentale Jessica. Na het minder goed ontvangen Win, Lose Or Draw (1975, met bijvoorbeeld High Falls) volgt opnieuw een live-album (Wipe the Windows, Check the Oil, Dollar Gas uit 1976).
De band gaat uit elkaar, maar komt in 1978 toch weer bij elkaar. In de drie jaren erna worden drie albums uitgebracht waar men zo ontevreden over is dat er opnieuw een punt achter gezet wordt. Uit die tijd komen tracks als Crazy Love, Angeline en Leavin'.
De tweede reünie in 1989 is een groter succes, mede door de positieve invloed van Warren Haynes (zie ook Gov't Mule). Er zullen nog regelmatig bandleden wisselen en mede-oprichter Dickey Betts wordt door aanhoudende ruzies uiteindelijk in 2000 zelfs uit de band gezet. Warren Haynes was in 1997 al samen met bassist Allen Woody uit The Allman Brothers Band gestapt om zich voltijds op Gov't Mule te richten. Haynes was vervangen door het gitaarwonderkind Derek Trucks, het jonge neefje van drummer Butch.
Na de dood van Allen Woody vond Haynes troost bij zijn voormalige maten en werd met Derek Trucks het nieuwe gitaarduo van The Allman Brothers Band (naast zijn bezigheden met Gov't Mule). Er volgden nog enige sterke studio- en live-albums waarvan ook voldoende nummers zijn opgenomen in deze collectie. Op 28 oktober 2014 sloot de band het verhaal af met een optreden in het Beacon Theatre waar de men vele jaren lang series shows heeft verzorgd. Dit optreden was de laatste in een serie van 238 uitverkochte shows op dat podium.
In januari 2017 overleed Butch Trucks aan een zelf toegebrachte schotwond en in mei 2017 overleed Greg Allman aan een combinatie van leverkanker en andere gezondheidsproblemen.
Hoe goed dit carrière-overzicht ook is, ik kan niet zeggen dat je hiermee alles hebt wat je van The Allman Brothers Band zou moeten hebben. Het is een echte live-band en Whipping Post (at The Fillmore East, 1971) (23 minuten) en Mountain Jam (Live at Ludlow Garage, 1970) (44 minuten) illustreren hopelijk wat ik bedoel. The Fillmore Concerts combineert de opnamen At Fillmore East en de live-opnamen van Eat A Peach en is een prima aanvulling op deze box. En als je meer wilt lezen over de band kan ik het boek One Way Out (The Inside History of the Allman Brothers Band) van harte aanbevelen.
© 2020 TTZL
Officiële website: The Allman Brothers Band
Wikipedia EN: The Allman Brothers Band
Wikipedia NL: The Allman Brothers Band
YouTube: Trouble No More (demo)
YouTube: Dreams
YouTube: Whipping Post
YouTube: I'm Gonna Move To The Outskirts Of Town
YouTube: Revival
YouTube: Please Come Home
YouTube: In Memory Of Elizabeth Reed
YouTube: One Way Out
YouTube: Southbound
YouTube: Wasted Words
YouTube: Jessica
YouTube: High Falls
YouTube: Crazy Love
YouTube: Angeline
YouTube: Leavin'
YouTube: Whipping Post (at The Fillmore East, 1971)
YouTube: Mountain Jam (Live at Ludlow Garage, 1970)
YouTube: Trouble No More [Muddy Waters]
Na vorige week opnieuw een blog over The Knack, maar dan een Nederlandse band met die naam. Ik heb van deze band één single en die heb ik ongetwijfeld als vroege tiener een keer uit een bak met heftig afgeprijsde singles gevist.
Ik wist niets van deze band en na wat speurwerk op internet is dat eigenlijk niet heel veel meer geworden. The Knack blijkt een Brabantse disco/funk band te zijn geweest rond de Engelsman Tony Galahan (echte naam: Tony Priest). Verder bestond de band uit Jacques Witjes (gitaar), Ron Meyjes (gitaar), Willem Jongbloed (drums), Pieter van Tongeren (toetsen) en Mr. Jacky (bas).
Hun eerste single was in 1975 Baby Call Me (Sometime) en die bleef steken in de tipparade. Dat hoeft niet te verbazen, want het is een doorsnee pop/disco- nummer met funkinvloeden zoals er toen vele (en betere) verschenen.
De tweede single, Pick It Up uit 1976, bereikte de Top 40 wel en stond er drie weken in met als hoogste plek #35. Het is een beter nummer dan de eerste single omdat met name de zang een stuk beter is (al doen de falsetto-koortjes die winst gelijk weer teniet). De platenmaatschappij had er waarschijnlijk hoge verwachtingen van, want er werd zelfs een heuse 'Long Disco Mix' uitbracht op 12" in de VS. Op de b-kant van de single staat Always en dat nummer is alweer een stuk minder.
In 1977 werd nog een poging gewaagd met Do It, maar ook dit is helaas geen onvergetelijk nummer geworden. Dat er ook niet echt meer vol voor gegaan werd blijkt wel uit het feit dat de platenmaatschappij doodleuk de a-kant van de vorige single hier als b-kant heeft gebruikt. Nadat ook deze single in de Tipparade bleef steken hield de band het voor gezien.
© 2020 TTZL
Discogs: The Knack
Muziekencyclopedie: The Knack
YouTube: Pick It Up
YouTube: Always
YouTube: Baby Call Me (Sometime) [a-kant single, 1976]
YouTube: Pick It Up ['Long Disco Mix' version, 1976]
YouTube: Do It [a-kant single, 1977]
Na enkele jaren in bandjes uit Michigan te hebben gespeeld arriveert zanger/gitarist Doug Fieger midden jaren zeventig in Los Angeles. Daar ontmoet hij gitarist/toetsenist Berton Averre en al snel beginnen ze samen songs te schrijven. Om een band te vormen wordt Fieger's oude bekende Bruce Gary gevraagd als drummer en een week voor het eerste live optreden in de roemruchte Whisky a Go Go club juni 1978 komt bassist Prescott Niles het kwartet volmaken. The Knack is geboren.

In een tijd waar disco aan de ene kant van het spectrum regeert en punk aan de andere kant, komt The Knack met iets heel anders: melodieën uit jaren zestig pop gebed in een stevig rockgeluid. Dat jaren zestig gevoel uit zich ook in de simpele zwart/wit-fotografie. De voorkant van de hoes verwijst naar Meet The Beatles! en ook bandfoto op de achterkant verwijst duidelijk naar The Beatles.
Hun eerste optreden wordt een doorslaand succes in de maanden daarna maken ze met hun vele optredens zo'n naam voor zichzelf dat in november 1978 de platenmaatschappijen elkaar de tent uitvechten om een contract aan te mogen bieden. Uiteindelijk is Capitol Records de gelukkige en is Mike Chapman de verrassende keuze als producer (hij is dan vooral bekend van productiewerk voor Suzi Quatro, Mud, Sweet, Smokie en Racey samen met Nicky Chinn).
Doordat ze de nummers al door-en-door kennen kunnen ze het album in april 1979 (semi-live) in slechts elf dagen opnemen voor nog geen 20.000 dollar. In juni worden zowel het album Get The Knack als de eerste single uitgebracht. Die single sluipt langzaam op de hitlijst omhoog om eind augustus op nummer één te belanden en daar zes weken te blijven.
Die single is My Sharona en wordt ook in Nederland een hitje (hoogste positie is nummer 20). Het is een uptempo nummer met behoorlijk fanatiek gitaarwerk, net zoals in opener Let Me Out en afsluiter Frustrated.
Iets meer richting pop zitten nummers als Your Number Or Your Name, Oh Tara, That's What The Little Girls Do en de tweede single Good Girls Don't.
En dan zijn er nog de fijne hoekige songs (She's So) Selfish en Siamese Twins (The Monkey And Me), de ballads Maybe Tonight en Lucinda en de Buddy Holly cover Heartbeat die flink fanatieker is dan het origineel.
Door de goede afwisseling van de tracks is het een heel sterk album geworden.
Al snel wordt het album goud en daarna platina in de VS en Canada. Sommige critici vinden hun plotselinge roem maar niets. Ze wantrouwen hun motieven en hun referenties naar The Beatles worden door die critici tegen hen gebruikt. Na het tweede album gaat hun carrière in een neerwaartse spiraal en na hun derde album is het over.
In de jaren negentig volgt nog wel een reünie en drie albums, maar zo goed en groots als met Get The Knack werd het niet meer. In 2006 respectievelijk 2010 overlijden Bruce Gary en Doug Fieger aan de gevolgen van kanker.
© 2020 TTZL
Officiële website: The Knack
Wikipedia EN: The Knack
Wikipedia NL: The Knack
YouTube: Get The Knack [album]
YouTube: Let Me Out
YouTube: Your Number Or Your Name
YouTube: Oh Tara
YouTube: (She's So) Selfish
YouTube: Maybe Tonight
YouTube: Good Girls Don't
YouTube: My Sharona
YouTube: Heartbeat
YouTube: Siamese Twins (The Monkey And Me)
YouTube: Lucinda
YouTube: That's What The Little Girls Do
YouTube: Frustrated
YouTube: Heartbeat [Buddy Holly, 1958]
In 1977 startten Johan Visser and Willem Wisselink een platenlabel. Gebaseerd op hun strategie dat er toch ten minste 1000 idioten moesten zijn die hun producten zouden kopen noemden ze het label De 1000 Idioten Records. Ik noemde het label al kort in mijn (meest aangeklikte) blog #185.

De eerste uitgave was Van Agt Casanova van Paul Tornado. Het 'ethisch reveil' van Dries van Agt stuitte kunstacademiestudent Paul Hajenius tegen de borst en deze eerste Nederlandstalige punksingle was daar het resultaat van. Meer dan 5000 exemplaren werden verkocht.
Een andere opvallende single uit de beginperiode is Space Disco van de avantgarde/new wave groep Kewi A Go Go Party. Op de flipzijde onder andere het heerlijk lullige De Meester Van De Zesde Klas Heeft Beatlehaar. Ook de twee albums Life Is Like A Penguin (Always Black & White) en Terracotta Me, Baby (als Kewi University Of Swing) zijn niet versmaden. Hierop staan nummers als Life Is Like A Penguin, Sie Wünscht Sich Ein Kewi Ins Bett, Little Asia en Terracotta Me, Baby.

Het succes van het album Confetti van Fay Lovsky (met fijne en heel afwisselende nummers als Cold As Ice, Maggie en Rude & The Gang) zorgde ervoor dat de '1000 idioten' referentie geen hout meer sneed en het label werd hernoemd in Idiot Records.
De zelfvernoemde 10" (met tracks als Behind A Painted Smile en A Dream Goes On Forever) van Mathilde Santing continueerde het succes en Idiot Records werd steeds meer een singer/songwriter label waarop meer Lovksy en Santing releases zouden verschijnen.
Ook de platen van artiesten die niet echt doorbraken naar het grote publiek zijn meer dan de moeite waard. Luister bijvoorbeeld naar Call Her A Friend van Nils Wieland (Nils Wieland, 1985) of Billy van Joep Bruinjé (Vitamins, 1985).
Alle Idiot Records producten zijn gelukkig nog steeds te verkrijgen via Apple Music, iTunes en Basta Records. Helaas zijn de downloads in gecomprimeerd formaat (AAC, MP3). Hopelijk komen de releases ook nog eens in een 'lossless' formaat beschikbaar via bijvoorbeeld bandcamp.com.
© 2020 TTZL
Officiële website: Idiot Records
Squarespace website: Idiot Records
Facebook: Idiot Records
Discogs label pages: De 1000 Idioten Records / Idiot Records
Wikipedia NL: De 1000 Idioten Records
YouTube: Paul Tornado - Van Agt Casanova
YouTube: Kewi A Go Go Party - Space Disco
YouTube: Kewi A Go Go Party - De Meester Van De Zesde Klas Heeft Beatlehaar
YouTube: Kewi A Gogo Party - Life Is Like A Penguin
YouTube: Kewi A Gogo Party - Sie Wünscht Sich Ein Kewi Ins Bett
YouTube: Kewi University Of Swing - Little Asia
YouTube: Kewi University Of Swing - Terracotta Me, Baby
YouTube: Fay Lovsky - Cold As Ice
YouTube: Fay Lovsky - Maggie
YouTube: Fay Lovsky - Rude & The Gang
YouTube: Mathilde Santing - Behind A Painted Smile
YouTube: Mathilde Santing - Dream Goes On Forever
YouTube: Nils Wieland - Call Her A Friend
YouTube: Joep Bruinjé - Billy
Eén van mijn favoriete popplaten aller tijden kwam uit in 1986. David Baerwald en David Ricketts brachten toen het album Boomtown uit onder de artiestennaam David + David. Zij spelen en zingen (bijna) alles zelf op dit debuutalbum.
Het album heeft intrigerende klank. Zoals gezegd is het pop, maar wel met duidelijke rock-invloeden. Oppervlakkig beluisterd klinkt het misschien gepolijst, maar de gitaarpartijen geven het vaak een ruig randje. Samen met de vocalen die afwisselend (dubbelstemmig) harmonieus en rauw zijn zorgt dit voor een aangenaam totaalgeluid.
De klank van het album is helder en open en dat zal mede aan de producer en technicus gelegen hebben, maar toch vooral aan grootmeester Bernie Grundman die het album gemasterd heeft (kijk voor de lol even naar zijn indrukwekkende CV door op zijn naam te klikken).
Het was de albumopener Welcome To The Boomtown die ik op de radio hoorde en waardoor mijn interesse gewekt werd. Het nummer kent een prachtig intro van een ingehouden gierende gitaar waarna zich een lekker slepende song ontvouwt. Het nummer verhaalt over het leven in Los Angeles in de 80-er jaren, zoals een rijkeluisdochter die ten prooi valt aan de cocaïne ("the ambulance arrived too late, I guess she didn't want to wait") of een college-dropout ("Handsome Kevin got a little off track, took a year off from college and he never went back") die drugs gaat dealen.
Als je naar het nummer luistert komen vanzelf beelden van Amerikaanse TV-series uit de jaren 80 naar boven (als je oud genoeg bent tenminste). Ook de rest van de nummers van het album hebben hetzelfde 'Los Angeles in the 80s' thema. Het album fungeert als een momentopname van de Ronald Reagan-jaren in de VS: materiële welvaart, maar immateriële armoe.
Op het album rijgen de parels zich vervolgens aaneen. Swallowed By The Cracks
is een uptempo nummer met prachtige vocalen. Ain't So Easy heeft een fijn ritmisch patroon en mooi refrein. Being Alone Together is broeierig, donker en triestig en A Rock For The Forgotten heeft een apart intro voordat een sfeervol nummer zich ontwikkeld met iets over de helft een prachtige passage met rauwe zang. Eén van mijn favoriete nummers is River's Gonna Rise. Het start rustig, is fanatieker in het geweldige refrein en eindigt met een heerlijk ruig duet van vervormde gitaren.
Soms staan aan het einde van een album de mindere nummers, maar dat is hier bepaald niet het geval. De soul- en funk-invloeden (hoor die bas!) op Swimming In The Ocean werken heel goed en All Alone In The Big City is voor mij de absolute topper. Het start met de diepste tonen die je op een piano kunt vinden en die blijven het hele nummer door op de achtergrond aanwezig. De zang is geweldig, het refrein en de sfeer zijn magistraal en de blazers op het eind maken het helemaal af. Het laatste nummer Heroes is een rustpuntje waarmee we weer even op adem kunnen komen.
Helaas heb ik met bovenstaande het gehele oeuvre van David + David behandeld, want het is bij dit ene album gebleven. David Baerwald startte een solo-carrière en maakte een paar mooie albums en soundtracks. David Ricketts legde zich meer toe op schrijven, spelen en produceren en werkte met artiesten als Toni Childs, Sheryl Crow, Meredith Brooks en Robbie Robertson.
© 2020 TTZL
Discogs artist page: David + David / David Baerwald / David Ricketts
Fan website: David Baerwald /
Wikipedia EN: David + David / David Baerwald / David Ricketts
YouTube: Boomtown [album]
YouTube: Welcome To The Boomtown
YouTube: Swallowed By The Cracks
YouTube: Ain't So Easy
YouTube: Being Alone Together
YouTube: A Rock For The Forgotten
YouTube: River's Gonna Rise
YouTube: Swimming In The Ocean
YouTube: All Alone In The Big City
YouTube: Heroes
In 1996 verscheen het debuutalbum van een duo uit Manchester, bestaand uit producer en muzikant Andy Barlow en zangeres/gitarist/cellist Louise Ann ('Lou') Rhodes. Onder de bandnaam Lamb hadden ze een geheel eigen muzikaal universum gecreëerd waarin invloeden uit onder andere trip hop, drum 'n' bass, jazz en klassiek werden samengesmeed.
Het album kreeg lovende kritieken en wie naar nummers als Lusty, God Bless, Cotton Wool en Górecki (gebaseerd op Henryk Górecki's derde symfonie) luistert zal begrijpen waarom. Veel atmosfeer, tegendraadse ritmes, sensuele vocalen, experimenteel en toegankelijk tegelijkertijd. Na nog drie albums hielden ze het in 2004 voor gezien en brachten Barlow en Rhodes solowerk uit. Vanaf 2009 werken ze echter weer samen als Lamb.
Ook op het debuutalbum staat Trans Fatty Acid. Een heerlijk loom ritme, heel donker van toon, met veel dub en lekker lijzig gezongen. Het is dan ook niet gek dat ze dit nummer uitkozen in mei 2014 om te remixen voor een Record Store Day uitgave. Tegelijkertijd was het een aankondiging van hun te verschijnen zesde album en daarom staat er ook een track van dat album op deze mooie 10 inch van rood vinyl.
De remix heet Transfatty Acid (Pure Filth 2014 Mix) en heeft een harder en scherper geluid dan het origineel, vooral als gevolg van de toegevoegde effecten. Het is interessante aanpak en in combinatie met de mooie clip werkt het prima, maar ik prefereer het origineel. De nieuwe track is SH09 Is Back en die heeft een heerlijke kale ritmetrack als ruggegraat, waarover spaarzaam extra instrumenten en elementen worden toegevoegd.
Nu ik het nummer weer eens hoor maakt het mij eerlijk gezegd wel nieuwsgierig naar de rest van het album Backspace Unwind en hun meest recente album, The Secret Of Letting Go.
© 2020 TTZL
Officiële website: Lamb
Wikipedia EN: Lamb
Wikipedia NL: Lamb
YouTube: Transfatty Acid (Pure Filth 2014 Mix)
YouTube: SH09 Is Back
YouTube: Trans Fatty Acid
YouTube: Lusty
YouTube: God Bless
YouTube: Cotton Wool
YouTube: Gorécki
Alle lezers van harte gefeliciteerd! Het is je misschien even ontgaan, maar afgelopen donderdag vierden we de vijftigste verjaardag van het muziekgenre heavy metal. Op 13 februari 1970 verscheen namelijk het gelijknamige debuutalbum van Black Sabbath en dat wordt toch vrij algemeen gezien als het startpunt, ook al was de term toen nog geen gemeengoed. Black Sabbath-drummer Bill Ward noemde het zelf 'downer rock' en de oorsprong van de term heavy metal is in nevelen gehuld.
Het verhaal van het album is bijna te onwerkelijk om waar te zijn. Op de eerste single na werd het hele album, live in de studio, in één dag opgenomen op slechts vier sporen. Daarnaast was het de eerste klus van Rodger Bain als producer en kostte het maken van het hele album slechts zo'n 600 Engelse ponden.
De band heette overigens eerst Polka Tulk Blues Band en veranderde de naam later in Earth. Toen bleek dat er al een andere band actief was onder die naam werd voor Black Sabbath gekozen, de titel van een nummer dat ze al geschreven hadden (naar de Engelse titel van een Italiaanse film uit 1963 met Boris Karloff).
Bij gebrek aan succes had hun producer vergeefs geprobeerd om ze, met behulp van songschrijvers van buitenaf, in een wat commerciëler keurslijf te dwingen. Toen ook dit niet tot een platencontract leidde leende hij ten einde raad wat geld om een album op te nemen. De band mocht hun eigen materiaal spelen en nam op 10 november 1969 Evil Woman op, een cover van een nummer van de Amerikaanse band Crow. Op de b-kant staat Wicked World dat ook terecht zou komen op de US-versie van het album.
Op 17 november 1969 nam de band de rest van het materiaal op en verliet daarna snel de studio om in Zwitserland te gaan optreden. De muziek zelf stond diametraal ten opzichte van de hippie- en psychedelica-invloeden van die tijd. Tony Iommi wilde bijvoorbeeld zoveel mogelijk 'distortion' op zijn gitaar terwijl op dat moment iedereen op zoek was naar een zo 'clean' mogelijk geluid. Ook de teksten zijn anders dan tot dan toe gebruikelijk. Ze zijn morbide en verhalen over bovennatuurlijke fenomenen, duisternis en dood.
Er waren vóór Black Sabbath natuurlijk wel al tekenen geweest die duidden op de komst van zwaardere, ruigere muziek. Denk bijvoorbeeld aan de harde gitaarriff in You Really Got Me van The Kinks, aan het smerige geluid van Blue Cheer in Summertime Blues of aan de duisternis in In-A-Gadda-Da-Vida van Iron Butterfly, maar pas bij Black Sabbath kwam het allemaal samen tot één organisch geheel.
De band had zelf geen bemoeienis met de mix en de produktie van het album. Het idee voor de geluidseffecten in het titelnummer komt dan ook voor rekening van de producer en de technicus. Ook bij het hoesontwerp was de band niet betrokken en zij hoorden de plaat zelf pas voor het eerst toen deze al tot de achtste plek in de Engelse albumlijst was doorgedrongen (hetgeen opmerkelijk was omdat de single Evil Woman niet succesvol was geweest).
Wat kan ik zeggen over dit geweldige album dat niet eerder al gezegd is? Het album opent met hun 'anthem', Black Sabbath. We horen regen, donder en kerkklokken en na het iconische intro en zingt Ozzy Osbourne wanhopig:
What is this that stands before me?
Figure in black which points at me
Turn around quick, and start to run
Find out I'm the chosen one
Oh no
Ik ken maar weinig albums met zo'n sterke opening die mij nog altijd kippevel bezorgd. Daarna horen we in The Wizard heel duidelijk de bluesinvloeden terug en Behind The Wall Of Sleep is een afwisselend nummer waarin Ozzy's stem verdrinkt in echo. N.I.B. heeft een heerlijke baspartij van Geezer Butler en sluit in stijl kant A af.
Nadat Evil Woman kant B heeft geopend volgt Sleeping Village. Het nummer start met een rustig akoestisch gitaarintro, komt gaandeweg op stoom en eindigt weer rustig. Afsluiter Warning is opnieuw een cover, dit keer van een nummer van The Aynsley Dunbar Retaliation. Het is een geweldige trip van zo'n tien minuten en kan wedijveren met het titelnummer om de prijs voor het beste nummer van het album.
Het belang van dit album voor de muziekgeschiedenis kan niet worden overschat en het staat na vijftig jaar nog steeds als een huis. En zoals met alle goede muziek, deze plaat verveelt mij nooit. Iedere draaibeurt is opnieuw een feest. Een morbide feest weliswaar, maar toch een feest.
© 2020 TTZL
Officiële website: Black Sabbath
Wikipedia EN: Black Sabbath
Wikipedia NL: Black Sabbath
YouTube: Black Sabbath [album]
Youtube: Black Sabbath
Youtube: The Wizard
Youtube: Behind The Wall Of Sleep
Youtube: N.I.B.
Youtube: Evil Woman
Youtube: Sleeping Village
Youtube: Warning
YouTube: Wicked World
YouTube: Evil Woman [Crow, 1969]
YouTube: Warning [The Aynsley Dunbar Retaliation, 1967]
YouTube: You Really Got Me [The Kinks, 1964]
YouTube: Summertime Blues [Blue Cheer, 1968]
YouTube: In-A-Gadda-Da-Vida [Iron Butterfly, 1968]
Na zeventien studio-albums en een handvol live albums met The Bad Seeds, nevenprojecten, soundtracks en boeken mag Nick Cave inmiddels gerust een gevestigde naam genoemd worden. The Bad Seeds zijn echter niet het startpunt, Cave was in Australië al actief in de band The Birthday Party.
Ik kwam met de band in aanraking toen ik hun derde plaat, Junkyard, bij de audiotheek leende. Ik had erover gelezen in Muziekkrant OOR en was benieuwd geworden. De vreemde mengeling van garage, art en psychedelic rock gemixt met invloeden uit de blues en punk maakte indruk.
Albumopener She's Hit heeft een heel traag ritme, een gruizig en metalig geluid en de door alles heen snijdende vocalen van Nick Cave. Een prima introductie tot het album en direct daarna dendert Dead Joe op volle snelheid uit de boxen, net als de bij momenten intense tracks Kiss Me Black, Hamlet (Pow, Pow, Pow) en Kewpie Doll. En terwijl de midtempo tracks als The Dim Locator en Big-Jesus-Trash-Can de vaart erin houden zijn het vooral de tragere tracks die opvallen.
Zo heeft Several Sins een heerlijke prominente baslijn en is vooral de zang van Cave opvallend. Deze heeft namelijk iets van een melodielijn! Ook 6" Gold Blade begint met een lekkere bas, waarna het nummer langzaam wordt opgebouwd tot een kakofonisch hoogtepunt en daarna ook weer afgebouwd. De waanzin bereikt een climax in afsluiter Junkyard. In een slepend geheel schreeuwt Cave "I Am The King!" en ik denk niet dat er veel nummers zijn waarop de gitaren vuiler, vunziger en gruiziger klinken dan hier.
Junkyard zou de laatste LP van de groep blijken zijn. Na nog twee EP's kwam er een split en ging Nick Cave met The Bad Seeds verder. Ik kan niet zeggen dat Junkyard van The Birthday Party een vijfsterrenplaat is, maar vanwege het unieke geluid en karakter heeft het album wel nog altijd een bijzondere aantrekkingskracht.