Bassist Jack Bruce had voor hij in 1980 Jack Bruce & Friends formeerde al een hele carrière in de muziek achter zich in groepen als Blues Incorporated, The Graham Bond Organisation, John Mayall & The Bluesbreakers, Manfred Mann en natuurlijk Cream, samen met gitarist Eric Clapton en drummer Ginger Baker. Vanaf eind jaren zestig maakt Jack Bruce solo-albums en samenwerkings-albums met bevriende muzikanten.
In Jack Bruce & Friends werkte hij samen met drummer Billy Cobham, gitarist Clem Clempson en toetsenist Davis Sancious. De verwachtingen waren door de aanwezigheid van al die grote namen hooggespannen. Op basis van goede recensies van concerten van de nieuwe band krijgen ze een uitnodiging voor de Rockpalast-nacht van oktober 1980. Ze verzorgen een overtuigend optreden en in december 1980 komt het album I've Always Wanted To Do This uit. Succes blijft echter uit waarna de groep weer wordt ontbonden.
Het album opent met Hit And Run. Een sterke pop/rock-song met blues-invloeden en een paar mooie breaks. De twee daaropvolgende tracks behoren tot de sterksten van het album. In Running Back zit een mooie gitaarsolo van Clempson en de krachtige ballad Facelift 318* had al indruk gemaakt tijdens het Rockpalast-concert.
Het is een afwisselend album geworden want in Dancing On Air* komen de jazzrock-invloeden van de drie andere leden naar voren terwijl Livin' Without Ja* weer meer richting bluesrock leunt. De afsluiter Bird Alone* is een lange afwisselende track waarin de rasmuzikanten zich helemaal kunnen uitleven.
I've Always Wanted To Do This is misschien geen meesterwerk, maar leent zich prima voor herhaalde luisterbeurten. In 2008 heeft Esoteric Recordings een prima remaster van het album uitgebracht.
© 2014 TTZL
Youtube: Bird Alone*
* Rockpalast versies (albumversies zijn niet voorhanden op Youtube)
In mei/juni 1980 stond er een nogal afwijkend nummer in de Top 40: Toccata, een bewerking van een compositie van Bach door de Brits/Australische groep Sky.
Het begint als een vrij normale, klassieke uitvoering van de compositie, maar dat verandert na een minuut abrupt. De drums vallen donderend in en hele energieke uitvoering in progrock-stijl volgt. Uiteindelijk stond het nummer zes weken in de Top 40 met als hoogste notering nummer 20.
John Williams (nee, niet die van de Star Wars soundtracks) was eind jaren zeventig een bekende klassieke gitarist die voorzichtig aan niet-klassieke muziek was begonnen te ruiken. Herbie Flowers genoot enige bekendheid als lid van Blue Mink en T. Rex. En dan was er ook nog de mede-oprichter van Curved Air, Francis Monkman. Samen met sessie-muzikanten Kevin Peek en Tristan Fry vormden zij het klassieke/progrock-collectief Sky.
De verschillende invloeden die de bandleden meebrachten zijn goed terug te horen op het album. Zo zijn er naast Toccata meer bewerkingen van bestaand materiaal: Ballet-Volta (van Praetorius), het Spaanse volksliedje El Cielo en de Curved Air-klassieker Vivaldi.
De rest van het dubbelalbum bestaat uit originele composities waarin afwisselend klassieke danwel progrock elementen de boventoon voeren. Het zorgt voor een afwisselend geheel op een manier die ik bij geen andere band meer heb teruggehoord.
Naast albumopener Hotta zijn het vooral de twee lange composities die indruk maken. Op de originele dubbel-LP besloeg de suite 'FIFO' de gehele kant 2. Met name het '1st Movement', ook getiteld FIFO, is van grote klasse.
Voordat Toccata het album besluit horen we nog Scipio. Als je in één nummer wilt laten horen waar Sky voor staat, dan moet het dit nummer zijn. Alle invloeden, elementen, tempi en klankkleuren komen hierin voorbij.
© 2014 TTZL
Fan website: Sky
Wikipedia EN: Sky
Er zijn vele voorbeelden van uitvoeringen van populaire muziek door een klassiek orkest of klassieke muziek in rock of elektronische vorm. Slechts zelden levert dit memorabele muziek op.
De Japanse componist en synthesizervirtuoos Isao Tomita (vaak kortweg Tomita) bracht in 1974 en 1975 drie albums uit met bewerkingen voor synthesizer van de muziek van Debussy, Moessorgski en Stravinsky. Tot dan toe waren elektronische uitvoeringen van klassieke werken vaak noot-voor-noot adaptaties geweest van het originele werk. Tomita deed dat niet. Zijn versies zijn origineel en gedurfd en dragen net zozeer zijn stempel als dat van de componist.
Het duidelijkst is dat bij het album The Planets uit 1976 naar het werk van Gustav Holst (aan het album wordt ook vaak gerefereerd als 'The Tomita Planets' en dat is niet voor niets). Het album verklankt een ruimtereis en start met een drie minuten durend deel waarin communicatie tussen het ruimteschip en mission control te horen is, uitmondend in het opstijgen van het ruimteschip. Dit vloeit dan over in de bekende klanken van Mars, The Bringer Of War.
Niet zozeer de ver-elektronisering van The Planets alswel de mission control en space noises tussen de tracks deed klassieke puristen gruwen en avontuurlijk ingestelde muziekliefhebbers smullen. De erven Holst hebben geprobeerd het album van de markt te krijgen, maar met uitzondering van een paar maanden in de UK is dit niet gelukt.
Tomita laat in Venus, The Bringer Of Peace horen hoe goed hij het lyrische karakter van de muziek van Holst begrijpt. Saturn, The Bringer Of Old Age en Neptune, The Mystic illustreren dan weer dat Tomita de veelzijdigheid en de mystiek van het originele werk heeft behouden terwijl hij het zich ook eigen maakt.
The Planets behoort bij zowel Holst als Tomita tot hun populairste werken. Ook is Tomita's album van grote invloed geweest op de verdere ontwikkeling geweest van de synthesizermuziek. Het beste luister je naar het album The Planets als geheel.
© 2014 TTZL
Mick Harris is een bezig baasje. Tijdens zijn periode bij grindcore-band Napalm Death begon hij al met medebandlid Nicholas Bullen in 1991 de hobbyband Scorn. Na hun vertrek uit die groep gingen ze verder met Scorn en na het vertrek van Bullen werd Scorn een soloproject van Harris.
Daarnaast zette was hij nog actief in twee andere projecten die zeer verschillend van aard zijn: Lull (dark ambient) en Painkiller (jazz-metal). Verder heeft hij een groot aantal samenwerkingen op zijn naam staan met geestverwanten als Bill Laswell en Robert Musso en is hij actief als producer en (re)mixer.
Scorn's geluid is een aparte, experimentele mengeling van ambient, dub, electronic, hip hop en industrial met een nadruk op lage frequenties en een luide bas.
In bijna alle tracks op derde Scorn-album Evanescence zijn inventieve ritmes, flarden van vocalen en sfeerbepalende toetsenpartijen aanwezig. Alleen is het ene element prominenter in bepaalde nummers aanwezig dan in andere. Zo voert het ritme de boventoon in tracks als de opener Silver Rain Fell (met een fantastische baslijn) en in Days Passed waarin op de achtergrond een bijna valse gitaar te horen die dan toch weer wonderwel in het nummer past. De meest toegankelijke tracks zijn Dreamspace en Exodus. In de eerste kun je hip hop-invloeden herkennen en er zitten een paar lekkere breaks in. Het tweede nummer heeft de meest prominente vocalen van het hele album die lekker loom en lijzig worden gezongen.
Light Trap is een voorbeeld van een track waarin de toetsen sfeerbepalend zijn. Het nummer voelt traag en mysterieus aan hoewel er toch een ritme met een redelijk tempo onder zit. Automata is heel afwisselend qua tempo en sfeer, met veel effecten en in het ritme een hoofdrol voor de bass drum (blast beat-achtig).
Afsluiter Slumber is erg ambient-achtig en schurkt dicht aan tegen Mick Harris' solo-project Lull.
In 2011 heeft Mick Harris het project Scorn beëindigd en door het frequente wisselen van platenmaatschappij zijn de Scorn CD's helaas slecht verkrijgbaar. Evanescence is in 1994 uitgegeven door het label Earache en voor £6,99 kun je het album nog bij hen bestellen in een 2CD versie (met het remix album Ellipsis).
Voordat Pink Floyd in 1973 begon aan de inmiddels overbekende trits albums The Dark Side Of The Moon, Wish You Were Here, Animals en The Wall hadden ze al een zevental LP's gemaakt.
Het tweede album, A Saucerful Of Secrets, is om twee redenen een interessante loot aan de Pink Floyd-boom. Ten eerste laat deze plaat de overgang horen van de vroege psychedelische popsongs (zoals ook te horen op het eerste album en diverse non-album singles) naar de meer experimentelere muziek waarmee Pink Floyd zo bekend is geworden. Daarnaast is dit het enige album waarop alle vijf leden van Pink Floyd te horen zijn.
Syd Barrett was de drijvende kracht van de vroege Pink Floyd. Hij schreef bijna alle nummers op het debuutalbum en vroege singles als Arnold Layne en See Emily Play. Hij was een geniaal muzikant maar had ook psychische problemen. Zijn snel verslechterende mentale staat deed Roger Waters, Richard Wright en Nick Mason besluiten om tijdens de opnames van het tweede album David Gilmour bij de groep te halen. Uiteindelijk zou Syd Barrett maar op drie nummers meespelen.
Vier van de zeven nummers op het album trekken de lijn van psychedelische popsongs door: Remember A Day, Corporal Clegg, See-Saw en Jugband Blues (het laatste nummer is het enige door Syd Barrett geschreven nummer en op zijn verzoek speelt er een band van het Leger Des Heils op mee).
De andere drie nummers geven aan in welke richting het met de muziek van Pink Floyd zou gaan. Opener Let There Be More Light begint uptempo maar vertraagt na een ruime minuut abrupt om over te gaan in een slepend ritme met prominente rollen voor de toetsen van Richard Wright en een gitaar met veel echo van David Gilmour.
Het titelnummer A Saucerful Of Secrets is een uit vier delen bestaande, twaalf minuten durende muzikale LSD-trip. Experimentele prog-rock avant la lettre!
Prijsnummer van het album is voor mij Set The Controls For The Heart Of The Sun. Het is het enige nummer op het album waar alle vijf leden op meespelen. Het nummer heeft een relaxte sfeer en kent een intrigerend drumpatroon van Nick Mason. Gezien de titel hoeft het niet te verbazen dat de instrumentatie science fiction-achtig aandoet. De zachte, ingehouden vocalen van Roger Waters passen er perfect bij. Het enige minpunt van het nummer is dat het maar vijf minuten duurt, maar dat wordt goedgemaakt door uitgebreide live-uitvoeringen op Ummagumma en Live at Pompeii.
A Saucerful Of Secrets hoort niet bij de beste vijf albums van Pink Floyd, maar is daarom niet minder interessant. In 2011 zijn van alle Pink Floyd-albums prachtige remasters verschenen in diverse edities.
Vrijwel direct na het einde van de Sex Pistols in januari 1978 begint John Lydon (die vanaf dat moment het pseudoniem 'Johnny Rotten' niet meer gebruikt) zich te richten op het formeren van een nieuwe groep. Die nieuwe band zal Public Image Limited (meestal Public Image Ltd of PiL genoemd) gaan heten en brengt al in oktober 1978 zijn eerste single uit, gevolgd door een album in december.
Dat eerste album ('Public Image - First Issue') is verrassend goed, bevat zowel nummers die naar zijn Sex Pistols-verleden verwijzen als nummers die een nieuwe koers aanduiden en is het startschot gebleken voor de post-punk stroming (kunstzinnig en experimenteel).
Als het eerste album een donderslag bij heldere hemel was, dan was het tweede album Metal Box een komeetinslag.
Dat begon al met de verpakking: drie 12 inch platen op 45-toeren in een 16mm filmblik (foto 1 en 2, in 2009 als CD-replica uitgegeven: foto 3). Later verscheen het album in een reguliere LP en CD versie onder de titel Second Edition.
Veel nummers hebben een traag tempo en het album heeft een ongewoon klankbeeld. Vrijwel alleen lage tonen in de baslijnen met reggae-invloeden die ook nog eens vooraan in de mix staan en een hard, scherp gitaargeluid door het gebruik van een Veleno-gitaar (die geheel van aluminium is). Middentonen zijn vrijwel afwezig en dat geeft een vervreemdend effect. De strakke drums en de scherpe, krachtige vocalen van John Lydon maken het geheel áf.
Het allereerste nummer is Albatross. Het tien minuten durende nummer is in één take opgenomen als een soort jam-sessie en gaf meteen aan dat muzikaal de link met het Sex Pistols-verleden was doorgesneden en ook tekstueel lijkt hij er me af te rekenen:
Slow motion, slow motion
Getting rid of the albatross
Sowing the seeds of discontent
I know you very well, you are unbearable
I've seen you up far too close
Getting rid of the albatross
Nummers als Poptones, Graveyard en The Suit kennen eenzelfde soort loomheid en kruipen na een paar draaibeurten onder je huid (er zijn weinig platen in mijn collectie die ik vaker heb gedraaid).
Daar tegenover staan een aantal energiekere nummers als Memories, Careering, No Birds Do Sing en Bad Baby. Ondanks dat in deze nummers het tempo hoger ligt, blijft de sfeer hetzelfde waardoor het album als één geheel klinkt.
Het beste beluister je dan ook Metal Box in zijn geheel, waarbij een waarschuwing op zijn plaats is. Vanwege het aparte klankspectrum wordt de muziek ernstig onrecht aangedaan in gecomprimeerde vorm (Youtube, MP3, etc.). Met name het magnifieke basgeluid is pas echt in volle glorie te horen op de (geremasterde) vinyl of CD uitgaven die in de gelimiteerde filmblik-uitgave Metal Box heet, maar als reguliere CD te verkrijgen is onder de titel Second Edition (en net als alle andere in 2011 geremasterde Public Image Ltd. albums is die voor een spotprijs te koop).
Het Amerikaanse magazine Rolling Stone heeft Metal Box in 2003 opgenomen in hun 500 Greatest Albums Of All Time lijst.
Midden jaren zeventig onstond punk rock als reactie op de bombast en grandeur van de muziek in de vroege jaren zeventig. De punk beweging had met name in de UK naast de muzikale kant ook een sterke sociaal-politieke lading.
Ramones, Television, en Dead Kennedys werden grote namen in de US. In de UK waren The Damned, The Clash koplopers samen met de meest beruchte band: Sex Pistols.
De maatschappelijke onrust die punk teweeg bracht en de in de pers breed uitgemeten uitspattingen van de bandleden hebben er voor gezorgd dat Sex Pistols bekend/berucht is bij velen, maar dat de muziek helaas naar de achtergrond is gedrongen. En dat is jammer, want het enige studio-album dat ze ooit maakten, Never Mind The Bollocks, Here's The Sex Pistols, is een klassieker in de ware zin des woords wiens invloed niet kan worden onderschat.
Het album opent geweldig met Holidays In The Sun. Over een stampend ritme en een krachtige gitaar-riff spuit zanger Johnny Rotten (John Lydon) zijn teksten over goedkope zon-vakanties in foute landen gecombineerd met de ervaringen van een bezoek aan Berlijn.
Het album is bijna in zijn geheel gespeeld door drummer Paul Cook en gitarist Steve Jones, die op twee na ook alle baspartijen voor zijn rekening heeft genomen. De originele bassist Glen Matlock en zijn vervanger Sid Vicious hebben allebei slechts één nummer ingespeeld, respectievelijk Anarchy In The U.K. en Bodies. Niet bepaald de minste nummers...
De bekendste song van het album is waarschijnlijk God Save The Queen vanwege de controverse rond dit nummer. Maar daarnaast is een heerlijk nummer met weer een pakkende gitaar-riff van Steve Jones.
Een ander juweeltje is de sneer naar de platenmaatschappij die ze liet vallen: EMI. Daarnaast zijn er twee nummers die goed laten horen waartoe de Sex Pistols muzikaal in staat waren. Pretty Vacant begint met een monumentale riff, waarna de drums invallen en de tekst de onverschilligheid en apathie van de jongeren t.o.v. 'het establishment' beschrijft.
Het muzikaal meest complexe nummer is Submission. Het tempo ligt ook lager dan bij de andere tracks en het stond in het begin ook niet op het album. Het werd bij de meeste exemplaren meegeleverd als een aan één kant bespeelbare single. Pas nadat de Franse platenmaatschappij het nummer aan het album toevoegde werd het een integraal onderdeel van de plaat.
Dit album mag eigenlijk in geen enkele platenkast van een rockliefhebber ontbreken en ook de Classic Album aflevering over dit album is zeer de moeite waard. In 2012 is er een geremasterde '35th Anniversary Edition' verschenen in een flink aantal verschillende formaten. Er is dus geen excuus meer om het album niet te bezitten...
© 2014 TTZL
Officiële website: Sex Pistols
Fan website: Sex Pistols
Wikipedia EN: Sex Pistols
Wikipedia NL: Sex Pistols
Youtube: Holidays In The Sun
Youtube: Anarchy In The U.K.
Youtube: Bodies
Youtube: God Save The Queen
Youtube: EMI
Youtube: Pretty Vacant
Youtube: Submission
Youtube: Never Mind The Bollocks, Here's The Sex Pistols (full album)
Het beeld dat opdoemt bij het horen van de naam KISS is dat van vuurwerk, make-up, buitenissige kostuums, machogedrag en dito teksten en de a-typische hit met disco-invloeden I Was Made For Loving You.
En dat is jammer, want zeker de eerste acht albums (zes studio en twee live) zijn ook zonder al die opsmuk zeer de moeite waard.
Na die albums waren alle hoeken van het 'the hardest band in the world'-universum wel zo'n beetje verkend en bezon KISS zich op een nieuwe koers. Eerst brachten de leden allemaal een solo-album uit en daarna volgden twee albums die, op zijn zachtst gezegd, door de bestaande fans niet erg gewaardeerd werden. Teveel non-rock invloeden (pop, disco, softe ballads) en alhoewel de albums nog wel goed verkochten begon de populariteit van de band toch af te nemen. Om dat tij te keren wilden ze terug naar hun rock-roots.
Tijdens het schrijven van nieuwe nummers hadden ze echter het idee dat ze oude nummers aan het herschrijven waren en ontstond het idee om in plaats daarvan een concept-album album te maken, gebaseerd op een verhaal van bassist Gene Simmons. Hij en gitarist Paul Stanley waren enthousiast over het idee, gitarist Ace Frehley en drummer Peter Criss echter niet. Toch werd het idee doorgezet met behulp van de oude getrouwe producer Bob Ezrin.
Het album werd een gigantische commerciële flop. Het bracht KISS zelfs aan de rand van de financiële afgrond. Het album werd door fans en critici zeer slecht ontvangen en is voor velen nog steeds het minst geliefde album.
Dat komt waarschijnlijk doordat het zo afwijkt van wat men tot dan toe van KISS gewend was. Het verhaal en de teksten zijn nogal pretentieus en de muziek staat bol van allerlei invloeden die niet met KISS werden geassocieerd.
De opener Fanfare is een orkestraal symfonisch werkje met gregoriaans gezang! Het album wordt met iets soortgelijks afgesloten. Daartussen zitten symfonische pop en powerballad tracks als Just A Boy, Odyssey en A World Without Heroes.
De weerzin van de fans bij het horen van dat soort tracks vertroebelde het zicht op de andere tracks op het album die meer in het verlengde van het oude KISS-werk liggen. Er zitten een paar uitstekende rocksongs onder zoals Only You, Dark Light, The Oath en Mr. Blackwell.
Zelf heb ik vanaf het begin van dit album gehouden. Niet omdat het nou zo vreselijk goed is, maar misschien meer omdat het zo anders en gedurfd is. Het album is wel beter dan vanaf het begin werd beweerd. Je ziet ook dat op KISS fan forums in retrospect meer waardering is gekomen voor het album. Het is hoe dan ook een opmerkelijk hoofdstuk in het KISS-verhaal.

Midden jaren zestig vormden een aantal schoolvrienden in Phoenix, AZ (USA) een bandje dat na een aantal naam- en bezettingswisselingen The Nazz werd genoemd. Toen ze er achter kwamen dat Todd Rundgren een groep had gevormd genaamd Nazz moesten ze opnieuw op zoek naar een andere naam.
De zanger (Vincent Damon Furnier, 1948) vond dat de band een gimmick nodig had en dat de optredens spraakmakend moesten zijn.
De onschuldig klinkende naam Alice Cooper werd als bandnaam gekozen omdat deze mooi contrasteerde met het bedachte concept van een vrouwenmoordenaar die extravagante kleding en make-up draagt. Dit moest een garantie zijn voor maatschappelijke verontwaardiging en krantenkoppen! Al snel adopteerde de zanger de bandnaam als eigennaam en na het uit elkaar vallen van de band ging Vincent Damon Furnier in 1975 solo verder onder de naam Alice Cooper.
Alle ophef over de 'stage show' van de band (met onder andere een electrische stoel, een guillotine en een boa constrictor) zou bijna doen vergeten dat Alice Cooper ook nog muziek maakte. En wat voor muziek! Onder de zeven albums die de band maakte zitten vier absolute top-platen.
De triomftocht startte met het derde album Love It To Death (1971). Het was het eerste album dat geproduceerd werd door Bob Ezrin en zijn invloed valt niet te overschatten (hij produceerde alle vier de top-albums). I'm Eighteen werd een hit. Ook het vijfde (School's Out, 1972) en zesde album (Billion Dollar Babies, 1973) produceerden hits met respectievelijk School's Out en Elected.
Het vierde album (Killer, 1971) is echter mijn favoriet. Het album gaat van start met de furieuze rocker Under My Wheels. Nog duidelijker is de link te horen naar de psychedelische garagerock van de eerste twee albums in You Drive Me Nervous en Yeah, Yeah, Yeah.
Het macabere element van de optredens komt terug in het met een aanstekelijk refrein gezegende Dead Babies. Verrassend melodieus zijn daarentegen Desperado (een ballad met strijkers én stevige passages) en Be My Lover. In laatstgenoemde track werkt Alice Cooper weer met contrasten: een pop-achtige melodie wordt gecombineerd met een gruizige zangstem en smerig klinkende gitaren.
Op Killer staan ook twee nummers waarin geëxperimenteerd wordt met langere, progrock-achtige songstructuren. De zeven minuten durende, afsluitende titeltrack Killer begint als een 'gewone' rocker, maar transformeert halverwege in een psychedelisch spektakel. Het absolute hoogtepunt van het album is echter Halo Of Flies.
Dit nummer staat in mijn persoonlijke top tien allertijden en kan zich meten met classics als Deep Purple's Child In Time en Led Zeppelin's Stairway To Heaven. Dit blijkt ook wel uit het feit dat deze track altijd het hoogst geklasseerd is in de Top 2000 van alle Alice Cooper nummers. Het werd populair als albumtrack en is twee jaar na het verschijnen van het album alleen in Nederland op single verschenen.
Het ruim acht minuten durende nummer start met een intro dat een kwart van de track beslaat. Daarna volgt een vocale passage waarin het tempo na een tijdje ineens omhoog gaat en waarin de tekst een sfeer van geheim agenten oproept:
Daggers and contacts
and bright shiny limos,
I've got a watch
that turns into a lifeboat,
Glimmering nightgowns
and poisonous cobras,
Silencer under the heel of my shoe.
Na vier-en-een-halve minuut start wat mij betreft het mooiste deel van het nummer. We worden eerst in oosterse sferen gebracht door een vervormde gitaar waarna een minuut volgt met het mooiste samenspel tussen bas en drums dat ik ken. Tenslotte valt de rest van de band weer in en wordt het nummer naar een prachtige climax gebracht. Ik gebruik niet graag alleen maar hoofdletters, maar Halo Of Flies is FENOMENAAL.
De Alice Cooper albums uit de vroege jaren zeventig zijn voor iedere rechtgeaarde rockliefhebber een traktatie. Laat die niet aan je voorbijgaan!
© 2013 TTZL
Officiële website: Alice Cooper
Wikipedia EN: Alice Cooper
Wikipedia NL: Alice Cooper
Youtube: Under My Wheels
Youtube: You Drive Me Nervous
Youtube: Yeah, Yeah, Yeah
Youtube: Dead Babies
Youtube: Desperado
Youtube: Be My Lover
Youtube: Killer
Youtube: Halo Of Flies
Youtube: I'm Eighteen ("Love It To Death", 1971)
Youtube: School's Out ("School's Out", 1972)
Youtube: Elected ("Billion Dollar Babies", 1973)
Youtube: Child In Time (Deep Purple, "Deep Purple In Rock", 1970)
Youtube: Stairway To Heaven (Led Zeppelin,
/ Led Zeppelin IV, 1971)

I
n 1969 zag producer Jerry Goldstein een aantal muzikanten fungeren als begeleiders van Deacon Jones en hij was gecharmeerd van het geluid van de band. Hij bracht ze samen met ex-Animals zanger Eric Burdon en als "Eric Burdon and WAR" brachten ze twee albums uit. Het eerste album leverde de hit Spill The Wine op (nr. 15 in de Top 40 in 1970). Daarna kwam WAR op eigen benen te staan.
WAR is een typisch voorbeeld van een band die een legendarische status bezit aan de andere kant van de Atlantische Oceaan, maar in Europa geen potten heeft kunnen breken.
WAR's eerste album (WAR) was nog geen groot commercieel succes (nr. 190 in de Billboard 200), maar laat een band met veel potentie horen die op weg is naar een heel eigen geluid.
Hun tweede album (All Day Music) was artistiek weer een stap vooruit en hier horen we de typische 'laid back' WAR-mix met elementen uit de jazz, blues, funk, soul, psychedelica, latin, R&B en rock. Het album leverde de hits All Day Music en Slippin' Into Darkness op (de laatste bereikte de gouden status; zie het optreden bij Soul Train) en reikte tot nr. 16 in de Billboard 200.
Hun derde album, The World Is A Ghetto, betekende hun grote doorbraak in de US. Twee hitsingles zorgden voor een nummer 1 notering voor het album in de Billboard 200.
WAR kon zowel korte, puntige, uptempo songs produceren alsook lange uitgesponnen nummers met ruimte voor experimenten, improvisaties en solo's. Van beide soorten staan op The World Is A Ghetto mooie voorbeelden.
De korte songs zijn The Cisco Kid,
Where Was You At en Beetles In The Bog. Het eerstgenoemde nummer werd een grote hit (wederom de gouden status in de US) in Nederland reikte het tot nr. 22 in de Top 40 (de enige andere Top 40 hit voor WAR is Galaxy in 1978).
De langere nummers zijn op het album gepositioneerd als nummers 3, 4 en 5. Allereerst krijgen we een mooie, instrumentale jam van bijna een kwartier: City, Country, City. Daarna horen we WAR op zijn meest 'laid back' in Four Cornered Room. Als je hier niet rustig van wordt dan weet ik het niet meer.
WAR was een multi-etnische band met een sterk sociaal-politieke inslag. Dit kwam tot uiting in de songtitels en -teksten en in de hoesontwerpen. Het titelnummer The World Is A Ghetto, dat de rij lange nummers afsluit, is hier een mooi voorbeeld van.
Ik heb WAR leren kennen door de Top 40 notering van The Cisco Kid in 1973 en ik ben ze vanaf toen blijven volgen. Met name de eerste zes albums van WAR verdienen aan deze kant van de oceaan meer waardering dan ze tot nu toe gehad hebben.
Tijdens het schrijven van dit blog kwam ik er achter dat er vorig een '40th Anniversary Edition' is verschenen van The World Is A Ghetto (geremastered met bonustracks)... Mag ik mijn Kerstlijstje nog aanpassen?
© 2013 TTZL
Officiële website: WAR
Wikipedia EN: WAR
Youtube: The Cisco Kid
Youtube: Where Was You At
Youtube: City, Country, City
Youtube: Four Cornered Room
Youtube: The World Is A Ghetto
Youtube: Beetles In The Bog
Youtube: Spill The Wine (by "Eric Burdon and War")
Youtube: All Day Music (van "All Day Music")
Youtube: Slippin' Into Darkness (van "All Day Music")
Youtube: Soul Train video - Slippin' Into Darkness (van "All Day Music")
Youtube: Soul Train video - Galaxy (van "Galaxy")