Zoeken in deze blog

zondag 30 augustus 2015

#147: The Exploited - Troops Of Tomorrow (1982)

Bij Britse Punk denk je al snel aan bekende namen uit Londen als Sex Pistols, The Clash en The Damned. Maar ook buiten Londen waren er interessante bands zoals The Exploited uit Edinburgh, Schotland. Geïnspireerd door de vroege punkgroepen werd de band opgericht in 1979. 

De band heeft al vroeg een aantal wapenfeiten op haar naam staan. Zo wordt het titelnummer van hun eerste album (uit 1981) al snel razend populair: Punks Not Dead. Ook laten ze televisiekijkende gezinnen in 1981 in shock achter als ze bij Top Of The Pops hun single Dead Cities mogen spelen. Daarnaast wordt een nummer van hun tweede album de naamgever van een hele nieuwe golf van punkbands: UK 82.

Het tweede album van The Exploited komt uit 1982 en heet Troops Of Tomorrow en wordt inmiddels beschouwd als een regelrechte punkklassieker. Opener Jimmy Boyle gaat meteen vol gas vooruit, maar laat wel direct horen dat de heren een song met kop en staart kunnen schrijven. Daaropvolgende tracks als Daily News, Disorder en Alternative bevestigen dit en laten horen dat ze hun instrumenten ook prima beheersen.

Anders dan vele tijdgenoten is The Exploited altijd de punkgedachte trouw gebleven. De band bestaat nog steeds, speelt nog steeds dezelfde soort muziek en heeft nooit bij een groot platenlabel getekend. Ook hebben ze nooit een blad voor de mond genomen, bijvoorbeeld ten gunste van hun 'carrière'. Het nummer U.S.A. (beter bekend als 'Fuck the U.S.A.') van Troops Of Tomorrow zal bijvoorbeeld hun Amerikaanse doorbraak niet noodzakelijkerwijs goed hebben gedaan.

Zoals eerder gezegd is het nummer UK 82 tot een soort punklabel uitgegroeid, maar daarnaast is het gewoon ook een sterk nummer. Andere opvallende nummers van het album zijn Sid Vicious Was Innocent en Germs en mijn favoriete tracks War en het titelnummer Troops Of Tomorrow.

Al je het album ruim dertig jaar later hoort heeft het natuurlijk niet meer de impact van toen. Als zeventienjarige komt het toch even anders binnen, zeker omdat het toen allemaal gebeurde. Desondanks is het album het waard om af en toe eens naar om te kijken.

© 2015 TTZL


Officiële website: The Exploited

Officiële Facebook: The Exploited
Wikipedia EN: The Exploited
Wikipedia NL: The Exploited
YouTube: Jimmy Boyle
YouTube: 
Daily News
YouTube: Disorder
YouTube: Alternative
YouTube: U.S.A.
YouTube: UK 82
YouTube: Sid Vicious Was Innocent
YouTube: Germs
YouTube: Troops Of Tomorrow
YouTube: War
YouTube: Troops Of Tomorrow [full album]
YouTube: Punks Not Dead
YouTube: Dead Cities [clip]

zondag 23 augustus 2015

#146: Golden Earring - Seven Tears (1971)

In 1971 zit Golden Earring nog midden in de transformatie van hun Nederbiet-geluid naar het ruigere progressieve en hardrockgeluid waarmee ze hun internationale doorbraak zouden krijgen. 

Die transformatie, voorzichtig begonnen op On The Double (1969) en voortgezet op Eight Miles High (1969), kreeg handen en voeten met Back Home van het album Golden Earring (1970). Het feit dat hun zesde album 'selftitled' is geeft al een soort herstart van de band aan. 

Aangemoedigd door het succes van de single en het album werkt de groep verder aan het geluid dat vanaf Moontan (1973) het grote succes zou brengen. Het zevende studioalbum Seven Tears is hiervan het resultaat. 

Het album opent met Silver Ships, een rustig en mystiek aandoend nummer dat weliswaar prettig in het gehoor ligt, maar je niet echt doet opveren. Dat doet het daaropvolgende The Road Swallowed Her Name wel. Gezegend met een lekkere gitaarriff pakt het ruige uptempo nummer je bij je kladden. Tegen het einde wordt nog even een rustpuntje ingelast, maar daarna eindigt het weer zoals het begon. Een klasse nummer!

Hope combineert daarna de elementen uit de voorgaande tracks in één nummer en in combinatie met de blazers geeft dit een prima resultaat. Don't Worry sluit de eerste plaatkant af en is vooral memorabel vanwege de lekkere baspartij van Rinus Gerritsen.

Kant B opent met één van mijn favoriete Golden Earring tracks allertijden: She Flies On Strange Wings. Alles klopt aan dit nummer. De ijle intro die hoge verwachtingen wekt die na een seconde of 50 volledig worden ingelost. De melodie en de inventieve zanglijnen. Het heerlijke samenspel tussen bas en drums, de gitaarriffs en solo's, de tempowisselingen: alles klopt! Zeven minuten pure magie (kijk vooral ook even naar de mooie jaren zeventig clip).

Daarna volgen nog twee nummers waar bluesinvloeden herkenbaar zijn. This Is The Other Side Of Life kent wederom een imposante baslijn, heeft een catchy refrein, maar valt niet bijzonder op. Daarna is You're Better Off Free een waardige afsluiter en het nummer had zonder de uitgebreide gitaarsolo in het middenstuk misschien wel een succesvolle single kunnen worden.

Is Seven Tears nu één van de beste albums van Golden Earring? Nee, dat niet, maar het is wel een album dat je aandacht meer dan waard is. Al was het alleen maar omdat She Flies On Strange Wings op dit album staat!

© 2015 TTZL


Officiële website: Golden Earring

Wikipedia EN: Golden Earring
Wikipedia NL: Golden Earring
YouTube: Silver Ships
YouTube: The Road Swallowed Her Name

YouTube: Hope
YouTube: Don't Worry
YouTube: She Flies On Strange Wings [clip]
YouTube: This Is The Other Side Of Life
YouTube: You're Better Off Free
YouTube: Back Home

zondag 16 augustus 2015

#145: Hear 'n Aid - Stars (1986)

Om de hongersnood in Afrika midden jaren 80 te helpen bestrijden werd door Bob Geldof het project Band Aid gestart en de single Do They Know It's Christmas? opgenomen, al snel gevolgd door We Are The World van USA For Africa

Toen leden van de band Dio opmerkten dat hardrock en heavy metal groepen slecht vertegenwoordigd waren startten ze een eigen initiatief. Als naam werd een wat melige woordgrap gekozen: Hear 'n Aid ('hearing aid'). 

Het lukte om grote namen aan boord te krijgen. Onder andere Ted Nugent, Yngwie Malmsteen en leden van Judas Priest, Iron Maiden, Quiet Riot, Dokken, Mötley Crüe, Twisted Sister, Queensrÿche, Blue Öyster Cult en Y&T deden mee.

Toen ik Band Aid's Do They Know It's Christmas? voor het eerst hoorde was mijn eerste gedachte "do they care it's Christmas, after all". En de tekst van We Are The World vond ik typisch Amerikaans, erg gericht op zichzelf: "we are the world, we are the children, we are the ones who make a brighter day".

De tekst van het nummer van Hear 'n Aid is op het eerste gehoor al niet veel beter. Vooral het uit volle borst gezongen "We're Stars!" in het refrein doet het ergste vermoeden. Gelukkig lijkt de ietwat vage tekst eerder te verwijzen naar de hemellichamen dan naar de artiesten en is er ook enige zelfreflectie aanwezig:

But singers and songs
Will never change it alone
We are calling you, calling you 

Muzikaal vind ik Stars veel beter te verteren dan de andere twee nummers. Er doen een flink aantal goede zangers mee en onder de zes(!) gitaarsolo's zitten ook enige fraaie exemplaren. 

Het nummer deed het echter veel minder goed met nummer 29 als hoogste positie in de Top 40 en een notering van maar 4 weken. Toch leverde het initiatief wereldwijd wel enkele miljoenen op, mede door de verkoop van een LP en videoband met een 'making of' van het project.

© 2015 TTZL



Wikipedia EN: Hear 'n Aid
Wikipedia NL: Hear 'n Aid
YouTube: Stars
YouTube: Hear 'n Aid - Stars (making of) 

YouTube: Do They Know It's Christmas? [Band Aid]
YouTube: We Are The World [USA For Africa]

zondag 9 augustus 2015

#144: Kronos Quaret with Aki Takahashi - Morton Feldman: Piano And String Quartet (1993)


Morton Feldman (1926-1987) was een Amerikaanse componist en een grote figuur in de 20e eeuwse muziek. Hij schreef experimentele muziek en was een pionier van de zogenaamde 'interdeterminate music' (onbepaalde muziek). 

Feldman's werken kenmerken zich door trage, vrij bewegende tempi en glijdende veranderingen van toonhoogte. Het is muziek dit tijd en aandacht vergt van de luisteraar omdat de ontwikkelingen zeer traag gaan.

In 1993 waagde het Kronos Quartet zich samen met de Japanse pianist Aki Takahashi aan Feldman's Piano And String Quartet uit 1985. Het is een aaneengesloten werk van 80 minuten dat zeer veel concentratie vergt van de muzikanten, maar de vijf brengen het er fantastisch van af.

Het strijkkwartet creëert in het Piano And String Quartet de muzikale omgeving waarover de pianist de spaarzame accenten aanbrengt. Wonderschone muziek als er je rust en tijd voor kunt opbrengen.

Het is geen muziek voor de ongeduldige luisteraar. Bij een eerste beluistering zullen de subtiele veranderingen misschien niet eens direct opvallen. Dit zal al anders zijn bij herhaalde beluistering, zeker als je dit een via een koptelefoon doet. 

Daarnaast is het werk ook zeer geschikt voor de vroege ochtend of late avond met iets te drinken en te lezen erbij. Zolang er maar geen storende of afleidende zaken (met name geluiden) aanwezig zijn werkt het Piano And String Quartet dan als een ambient klanklandschap.

© 2015 TTZL


Officiële website: Kronos Quartet
Wikipedia EN: Kronos Quartet
Wikipedia EN: Morton Feldman
Wikipedia EN: Aki Takahashi
Wikipedia NL: Kronos Quartet


maandag 3 augustus 2015

#143: Lou Reed - Metal Machine Music (1975)

Je hebt artiesten die hun hele carrière zo'n beetje hetzelfde kunstje herhalen en er zijn artiesten die wat avontuurlijker zijn ingesteld. Soms maken die artiesten een plaat album die ver buiten voor hen gangbare paden gaat en vaak levert dat interessante experimenten op. 

In het geval van Lou Reed's vijfde solo-plaat Metal Machine Music valt dat nog te bezien. Het album met als sub-titel "*The Amine β Ring" is een dubbelalbum vol gitaarnoise en feedback zonder herkenbare songstructuren, melodie of ritme. 

De eerste keer dat ik het album afspeelde was ook meteen de laatste keer voor een flink aantal jaren, zo'n ongelofelijke bak pokkeherrie vond ik het. Toe het album uitkwam brachten de kopers het album vaak direct terug naar de winkel (sommigen dachten dat ze een mispersing hadden). Zowel fans als critici maakten het album met de grond gelijk en na drie weken trok de platenmaatschappij het album terug (wat natuurlijk wel direct voor een cultstatus zorgde voor het album).

Er bestaan een aantal verklaringen waarom Lou Reed na vier albums ineens met dit noise-album op de proppen kwam. Hij zou het als grap bedoeld hebben of hij zou op deze manier zo snel mogelijk van zijn contract met RCA Records af willen zijn. Daarnaast zou hij het ook serieus bedoeld kunnen hebben en is hij is met dit album de uitvinder van de noise rock.

Hoe dan ook dien je over heel wat uithoudings- en  incasseringsvermogen te beschikken om het 16 minuten durende Metal Machine Music A-1 geheel te beluisteren. Laat staan dat je de andere drie plaatkanten Metal Machine Music A-2Metal Machine Music A-3 en Metal Machine Music A-4 er ook nog even achteraan plakt.

Tot op de dag van vandaag is het me niet duidelijk of Metal Machine Music voor Lou Reed een serieus bedoeld werk was of dat hij iedereen ermee in de zeik wilde nemen. 

Hij schijnt een keer in een interview gezegd te hebben "Well, anyone who gets to side four is dumber than I am". Maar als je dan weer een interview uit 2013 leest en gezien het feit dat hij in 2010 een geremasterde versie uitbracht (en het werk live uitvoerde) doet vermoeden dat hij toch mogelijk serieuze bedoelingen had. Maar met Lou Reed weet je het nooit gezien onderstaand fragment uit bovenvermeld interview:

Interviewer: I have done my home work. I am aware that you've said in the past that your liner notes should be taken with a pinch of salt.

Lou Reed: A pinch? Perhaps a gallon.

Voor het het schrijven van dit blog heb ik Metal Machine Music natuurlijk weer eens in zijn geheel beluisterd. Ik moet helaas bekennen dat ik, ondanks verwoede pogingen er iets anders in te horen, nog steeds alleen maar een uur nogal irritante gitaarnoise en feedback hoor. Omdat ik inmiddels weet wat ik kan verwachten kan ik het prima verdragen, maar het mooi of zelfs maar boeiend of interessant vinden lukt me nog steeds niet.


© 2015 TTZL


Official website: Lou Reed

Wikipedia EN: Lou Reed
Wikipedia NL: Lou Reed

zaterdag 25 juli 2015

#142: De Raggende Manne - Nee's Niks (1990)


De Raggende Manne ontstaat als groep bij toeval in 1988 als Bob Fosko de brave muziek van zijn vorige groep De Steile Wand zat is en wil iets ruigers wil. Samen met de bandleden Theo Slagter (gitaar) en Anthony Delmonte Lyon (drums), aangevuld met Wally Langdon (bas), belandt hij in een studio voor een sessie. 

De sessie bevalt de VPRO zo goed dat ze deze uitzenden. Hierdoor aangemoedigd nemen de 'Manne' nog vier sessies op en brengen dit in eigen beheer uit als debuutplaat. Tot in 1999 razen De Raggende Manne vervolgens door Nederland, maar dan is er fut er wel uit zoals ze in een persbericht in De Raggende Manne-stijl ook aangeven:

"Het publiek was er al jaren klaar mee. De Raggende Manne nu godzijdank ook. Uitgekankerd. De koek is op. De cirkel is rond. Het schip is gezonken. Het clubcircuit en de radio zijn verlost van een groep die altijd op leuke momenten de sfeer weer wist te verzieken. [...] Verder blijft de vrees bestaan dat er aan de sattelietprojecten van met name de zwaar overschatte Fosko, nog lang geen einde is gekomen."

Sindsdien komen De Raggende Manne af en toe nog een bij elkaar voor een reünie-optreden en in 2014 verschijnt zelfs weer een nieuw album.

De Raggende Manne hebben veel opmerkelijke nummers nagelaten (daar kom ik zo op terug), maar de waarschijnlijk "kortste single van een Nederlandse artiest" uit 1990 blijft toch wel een heel opmerkelijke uitgave. 

Op de A-kant staat Nee's Niks. Een nummer van 6 seconden (!) met een hilarische videoclip. Op de B-kant staat Ragflarz dat met 7 seconden net iets langer is. Twee nummers die je moet horen om het te geloven.

Dat De Raggende Manne ook tot langere en memorabele liedjes in staat waren bewijst de volgende bloemlezing:


De Raggende Manne zijn aparte, maar zeer welkome aanvulling op de Nederlandse muziekscene.

© 2015 TTZL


Officiële Facebookpagina: De Raggende Manne
Officiële website: Bob Fosko
Wikipedia NL: De Raggende Manne
YouTube: Nee's Niks (A-kant single) [clip]
YouTube: Ragflarz (B-kant single) [clip met A en B kant van de single]
YouTube: Het Rijdt Niet
YouTube: Dit Jaar Wil Ik Sneeuw, Begrepe!!
YouTube: Naar Vore!
YouTube: 
Kramp Van Je Kanis [clip] 
YouTube: Poep In Je Hoofd [2 Meter Sessie]

zondag 19 juli 2015

#141: Cheap Trick - Cheap Trick at Budokan (1978)


Vlak voor de release van hun derde studio-album trad Cheap Trick twee keer op in de Japanse sportarena Budokan. Dat optreden zou bepalend blijken te zijn voor de verdere carrière van de groep. 

Hun eerste twee albums hadden in de VS de top 40 van de albumlijst niet gehaald, maar in Japan hadden beiden de gouden status bereikt. Het tweede album leverde ook twee grote hitsingles op in Japan.

Er werd besloten om de optredens op te nemen zodat er een live-album voor de Japanse markt gemaakt kon worden (ook filmde de Japanse TV één van de optredens). In oktober 1978 werd het album Cheap Trick at Budokan uitgebracht in Japan.

En toen gebeurde het. Een in de VS uitgebracht promo-album met zeven tracks van de LP werd veelvuldig gedraaid op de Amerikaanse radiostations. Hierdoor ontstond vraag naar het Japanse live-album en binnen korte tijd werden er 30.000 Japanse import-albums verkocht op de Amerikaanse markt. Vier maanden na Japan werd het album alsnog in Amerika uitgebracht.

De plaat opent met het toepasselijke Hello There. Een korte uitbarsting van energie die de toon voor het album zet. De twee daaropvolgende tracks, Come On, Come On en Lookout, zijn vergelijkbare nummers waarbij alleen een dooie stil kan blijven zitten. 

In Big Eyes gaat het tempo wat omlaag en is er een lekkere, slepende riff te horen en een mooie gitaarsolo-break. Een goed nummer dat de opmaat vormt voor de geweldige afsluiter van kant A: Need Your Love. Een bijna tien minuten durende nummer waarin alle tijd wordt genomen voor een gedegen opbouw, tempowisselingen, solo's en een uitstekende prestatie van zanger Robin Zander. De band toont hiermee op één plaatkant haar veelzijdigheid.


Kant B opent met een opmerkelijke cover van Fats Domino, Ain't That A Shame, die de jongens van Cheap Trick helemaal naar hun hand weten te zetten. Daarna volgt de track die iedereen van rond de vijftig kent van zijn of haar schoolfeesten: I Want You To Want Me. Een nummer 1 hit in Nederland en ook een grote hit in heel veel andere landen. Dit nummer zou de doorbraak betekenen voor de groep.

Twee hits (Surrender en Clock Strikes Ten) vol adrenaline met het 'uitzwaainummer' Goodnight Now er tussenin sluiten het album af dat altijd nog het best verkochte album van Cheap Trick is. 

Het succes van het album zorgde in 1994 voor Budokan II, een verzameling van nummers uit het concert die niet op het originele album terecht waren gekomen. En het zorgde voor de dubbel-CD The Complete Concert uit 1998 waarop het concert integraal te horen is. En het zorgde voor de 30th Anniversary Collectors Edition uit 2008 waar aan The Complete Concert de Japanse TV-special is toegevoegd op DVD en het tweede concert op CD. 

Deze laatste versie is natuurlijk de heilige graal al blijft het ook altijd nog lekker om het originele album te beluisteren omdat die volgorde van de nummers zo in je geheugen gegrift zit.


© 2015 TTZL


Officiële website: Cheap Trick
Wikipedia EN: Cheap Trick
Wikipedia NL: Cheap Trick
YouTube: Hello There
YouTube: Come On, Come On
YouTube: Lookout
YouTube: Big Eyes
YouTube: Need Your Love
YouTube: Ain't That A Shame [clip]
YouTube: I Want You To Want Me
YouTube: Surrender [clip]
YouTube: Goodnight Now
YouTube: Clock Strikes Ten

zondag 12 juli 2015

#140: Stanley Clarke - School Days (1976)

Een lezer van dit blog merkte op dat het wel gepast zou zijn als ik iets zou schrijven over een artiest die geprogrammeerd staat op het North Sea Jazz festival van deze week. Daar geef ik natuurlijk graag gehoor aan.

Door het programma bladerend viel mijn oog op vele interessante artiesten, maar bij het lezen van de naam Stanley Clarke wist ik het meteen: School Days.

Stanley Clarke begon met het spelen op de bas omdat hij te laat op school kwam op de dag dat de instrumenten werden verdeeld. Een akoestische bas was één van de overblijvers. Het bleek een gelukkig toeval en later zou hij bas spelen in bands van grootheden als Art Blakey, Dave Brubeck, Chick Corea, Gil Evans en Stan Getz.

Begin jaren zeventig werd hij onderdeel van de roemruchte jazz-fusiongroep Return To Forever. Daarnaast begon hij ook met het uitbrengen van solo-albums. Deze combinatie van projecten in samenwerking met andere musici en het maken van solo-albums zou hij zijn hele carrière volhouden.  

School Days is Stanley Clarke's vierde solo-album uit 1976 is net als de voorgaande drie albums (Children Of Forever, Stanley Clarke en Journey To Love) een topper in het jazz-fusion genre. 

Het album opent met de titeltrack School Days en de toon is direct gezet. Een bassriff die inmiddels tot de klassiekers hoort wordt effectief begeleid door drums, gitaar en toetsen. Het nummer kent een energiek begin, rustiger tussenspel en spetterend einde. 

Het volgende nummer, Quiet Afternoon, klinkt zoals de titel doet vermoeden: een relaxte ballad met als kers op de slagroom een mooie synthesizersolo van David Sancious. Het laatste nummer van kant A heet The Dancer en dat heeft een tempo dat weer een tandje hoger ligt. Wederom een memorabele baslijn, uitstekend solowerk van David Sancious en lekkere Zuid-Amerikaans aandoende percussie.

Kant B opent met het verstilde Desert Song. Hierop wordt Stanley Clarke bijgestaan door gitaarvirtuoos John McLaughlin (onder andere bekend van Mahavishnu Orchestra). Op het speelse, relatief korte tussendoortje Hot Fun valt vooral het mooie samenspel van Stanley Clarke's bas en de drums van Steve Gadd op. 

De afsluiter van het album is Life Is Just A Game. Ondersteund door grote namen als Billy Cobham op drums en George Duke op toetsen levert Stanley Clarke hier zijn enige echte vocale bijdrage (maar verwacht daar niet teveel van...). In deze 9 minuten durende track worden alle jazz-fusionregisters opengetrokken en is een waardige einde van het album.

School Days staat ook na bijna veertig jaar nog altijd te boek als een genreklassieker en dat is naar mijn mening volledig terecht.

© 2015 TTZL


Officiële website: Stanley Clarke
Wikipedia EN: Stanley Clarke
Wikipedia NL: Stanley Clarke
YouTube: School Days
YouTube: Quiet Afternoon
YouTube: The Dancer
YouTube: Desert Song
YouTube: Hot Fun
YouTube: Life Is Just A Game
YouTube: School Days [full album]

maandag 6 juli 2015

#139: The Raveonettes - Whip It On (2002)

Bij het doorlopen van mijn platenkast op zoek naar een blog-onderwerp kwam ik de debuut-EP Whip It On van de The Raveonettes tegen. Ik was het plaatje bijna vergeten, maar het werd een prettige hernieuwde kennismaking.

In de zomer van 2002 stormden Sune Rose Wagner en Sharin Foo de muziekwereld binnen. Mede door de aandacht die Rolling Stone editor David Fricke aan hen schonk was er direct een 'buzz'. Ook de Nederlandse muziekpers schonk ruim aandacht aan het duo en waarschijnlijk daarom zal ik het album indertijd ook hebben aangeschaft. 

Whip It On opent met Attack Of The Ghost Riders en in de eerste vijf seconden hoor je een intro van feedback en noise, een simpele strakke drumbeat en een smerig klinkende gitaar. Dan weet je: dit wordt smullen!

De post-punk garagesound doet denken aan The White Stripes (ook al vanwege de man/vrouw duo formatie), maar vooral The Velvet Underground is een referentiepunt.

In de tweede track Veronica Fever is het noise-gehalte wat minder ten faveure van de melodie en de zang, maar daarna wordt in Do You Believe Her de schade weer ruimschoots ingehaald. In het daaropvolgende Chains worden de beste elementen uit de vorige tracks samengebald en dat levert de beste track van het album op. Wat een heerlijke stuwende baspartij van Sharin Foo!

De tweede helft van het album begint in film noir-achtige sferen. Het nummer begint soundtrack-achtig en kent daarna een uitermate gejaagd karakter dat goed bij de tekst en titel past: Cops On Our Tail. Grappig genoeg gaat in een nummer dat My Tornado heet het tempo dan juist weer omlaag.

Dat het tempo nog lager kan bewijst Bowels Of The Beast. Het intro roept herinneringen op aan de vroege Black Sabbath. Zoals het hoort eindigt het nummer met een luide knal, genaamd Beat City. Een vergelijkbare explosie van noise en feedback waarmee het plaatje begon vormt ook het einde.

The Raveonettes blijken nog steeds actief en hebben na dit mini-album nog 4 EP's en 7 albums gemaakt. Misschien moest ik maar eens op zoek naar wat meer muziek van The Raveonettes...

© 2015 TTZL


Officiële website: The Raveonettes
Wikipedia EN: The Raveonettes
Wikipedia NL: The Raveonettes
YouTube: Chains
YouTube: Cops On Our Tail
YouTube: My Tornado
YouTube: Bowels Of The Beast
YouTube: Beat City

zondag 28 juni 2015

#138: Pacific 231 / Rapoon - Palestine (2007)


Pacific 231 is sinds 1984 een project van Pierre Jolivet waarmee hij zich naar eigen zeggen bezig houdt met 'sound exploration in motion'. Rapoon is sinds 1992 een project van Robin Storey. Daarvoor was hij 12 jaar actief in de experimentele band :zoviet*france: die inmiddels een legendarische status heeft verworven.

Op hetzelfde kruispunt van experiment, ambient en soundscapes begaf zich ook het project Muslimgauze van Bryn Jones waarover ik al schreef in #2 en #108

Pacific 231 en Rapoon sloegen in 2007 de handen ineen om een eerbetoon te maken aan de in 1999 veel te vroeg overleden Bryn Jones. Gezien de interesse (om niet zeggen obsessie) van Muslimgauze voor de Palestijnse zaak verrast het niet dat dit album Palestine ging heten.

Op de reguliere editie van de CD verzorgen beide artiesten één track van iets meer dan 20 minuten. Pacific 231 wordt bijgestaan door b2la3ck1 op de track Al-Quds Al-Sharif en het mag met recht een passend eerbetoon aan Muslimgauze genoemd worden. De oosterse invloeden, de percussie, de complexe ritmepatronen en de hypnotiserende sfeer, het is allemaal aanwezig als ware het een track van de meester zelve.

A Thousand Slogans Of Peace van Rapoon begint met ijle klanken waar na enige tijd voorzichtig wat ritmische elementen in opduiken. Ongeveer halverwege de track nemen de ritmes het heft stevig in handen waarna de track weer eindigt zoals hij begon. De track is experimenteler van toon dan die van Pacific 231 en blijft dicht bij het eigen werk van Rapoon. Toch zitten er ook elementen in uit de meer atmosferische, ambient-achtige albums van Muslimgauze (op zijn 200+ releases kwamen veel verschillende stromingen aan bod).

Bij de limited edition van het album, dat in een raffia-verpakking werd geleverd, zat ook nog een 3" mini-cd met daarop de 11 minuten durende track Al-Misr, een samenwerking van Pacific 231 en Rapoon. Hierin komen de sferen van de twee andere tracks samen. Zoals wel vaker is het resultaat helaas net iets minder dan de som der delen, maar niettemin een aardige bonus bij het album. 

Geen gemakkelijke muziek, maar voor wie er voor open staat en er de tijd voor wil nemen kan het zeer de moeite waard zijn.

Het reguliere album is nog steeds verkrijgbaar, maar van de limited edition zijn slechts 376 stuks gemaakt en die was dan ook snel uitverkocht. Tweedehands is deze echter voor minder dag 25 euro nog wel op de kop te tikken

© 2015 TTZL


Officiële website: Pacific 231
Officiële website: Rapoon
Wikipedia EN: Rapoon
YouTube: Al-Quds Al-Sharif [Pacific 231 featuring b2la3ck1]
YouTube: A Thousand Slogans Of Peace [Rapoon]
YouTube: Al-Misr [Pacific 231 / Rapoon]