In 1974 begonnen mijn broer en ik met plaatjes kopen. Eerst een paar singletjes, maar al snel een heuse langspeelplaat. Het was een verzamelalbum uit 1973 met de titel 13 Veronica Alarmschijven & Saved By The Bell. We hebben die plaat grijsgedraaid, ook al omdat we natuurlijk nog niet veel keus hadden.
Zoals de titel al aangeeft gaat het hier om een verzameling van Alarmschijven van zeezender Radio Veronica en één nummer van net voordat men startte met de alarmschijf in 1969. Als ik het album na jaren weer eens ga draaien zal ik alle nummers nog wel kennen, maar hoeveel spreken me nog steeds aan?
De Alarmschijf was vooral bedoeld om platen te promoten en daarom is het niet opvallend dat zeven van de veertien nummers van Nederlandse artiesten zijn. Zo is daar How Do You Do? van Mouth & MacNeal, destijds een nummer 1 hit, maar ik vind er niet veel aan. Ook het zijige Only Lies van Greenfield & Cook doet me niets. Veel beter zijn de twee tracks van Sandy Coast (Summertrain en Just A Friend) en Maybe Tomorrow, Maybe Tonight en Storm & Thunder van Earth & Fire blijven gewoon goed.
Het beste nummer van Nederlandse bodem is echter She Flies On Strange Wings van Golden Earring. Wát een eerste nummer van de Earring om te bezitten. Een heel album aan ideeën in één nummer met een prachtige baslijn, geweldige gitaarsoli en fantastisch rustig middenstuk. Hemels.
Er staan ook een aantal nummers op die misschien aardig zijn als ze op de radio voorbij komen, maar ik zal ze niet zelf opzetten: Bobby Bloom's Montego Bay, Tie A Yellow Ribbon (Round The Ole Oak Tree) van Dawn en How Can You Mend A Broken Heart van de BeeGees. De enige niet-Alarmschijf, Saved By The Bell van Robin Gibb zou ik echter zelfs afzetten als deze op de radio langskomt.
Maar er staan ook drie nummers op waarvan ik overtuigd ben dat die belangrijk zijn geweest bij het vormen van mijn muzieksmaak. Zo staat de finale van de rockopera Tommy van The Who erop: See Me, Feel Me. Dit nummer maakte nieuwsgierig naar meer en niet lang daarna kwam mijn broer thuis met de soundtrack van de film Tommy. Er zou nog veel meer van The Who volgen.
Dan is er Feelin' Alright van Joe Cocker. Daar zit genoeg kracht in om een negenjarig jochie volledig weg te blazen. Die stem, die piano, die koortjes. Dit was een nummer dat je steeds opnieuw wilde beluisteren. En opnieuw, en opnieuw, en opnieuw...
Maar de grootste openbaring was toch de live-opname getiteld Room To Move van ene John Mayall. Het geluid van een mondharmonica vind ik nu nog altijd geweldig en misschien komt dat wel door dit nummer. Vanaf de intro swingt het geweldig, maar na anderhalve minuut valt alles ineens stil, met uitzondering van de mondharmonica en wat spaarzame percussie. En dan ineens horen we Mayall als een soort beatboxer avant-la-lettre tekeer gaan. Ongekend en dat maakte diepe indruk. Na een minuut of twee pakt het nummer weer op en gaat naar een geweldig einde. Sindsdien kan ik zeggen, "I've got the blues".
Voor de Top 2000 is er leuke mini-documentaire gemaakt over dit nummer.
Al met al blijken er genoeg goede nummers op dit album te staan om het af en toe nog eens op de draaitafel te leggen en dat zal ik dan ook zeker doen.
© 2018 TTZL
YouTube: Earth And Fire - Maybe Tomorrow, Maybe Tonight
YouTube: The Who - See Me, Feel Me
YouTube: Golden Earring - She Flies On Strange Wings
YouTube: Bobby Bloom - Montego Bay
YouTube: Dawn - Tie A Yellow Ribbon (Round The Ole Oak Tree)
YouTube: Sandy Coast - Summertrain
YouTube: Joe Cocker - Feelin' Alright
YouTube: Mouth & MacNeal - How Do You Do?
YouTube: Earth And Fire - Storm & Thunder
YouTube: John Mayall - Room To Move
YouTube: Bee Gees - How Can You Mend A Broken Heart
YouTube: Sandy Coast - Just A Friend
YouTube: Greenfield & Cook - Only Lies
YouTube: Robin Gibb - Saved By The Bell
Information is not knowledge. Knowledge is not wisdom. Wisdom is not truth. Truth is not beauty. Beauty is not love. Love is not music. Music is the best... [Frank Zappa - 'Packard Goose' - Joe's Garage: Act III (1979)]
Zoeken in deze blog
zondag 25 februari 2018
zondag 18 februari 2018
#275: Deep Purple - Perfect Strangers/Son Of Alerik (1984)
In juli 1976 publiceerde de toenmalige manager van Deep Purple een simpel persbericht: "The band will not record or perform together as Deep Purple again". Excessief drugsgebruik van Mark III* bandleden Glenn Hughes en Tommy Bolin leidde ertoe dat Jon Lord, Ian Paice en David Coverdale er de brui aan gaven. * De vele bezettingen van Deep Purple worden ingedeeld in "Marks" (Mark I, Mark II, etc.)
Het was dan ook in 1984 een grote verrassing dat er een reünie kwam van de klassieke Mark II line-up van Lord en Paice met Ian Gillan, Roger Glover en Ritchie Blackmore. Deze bezetting was met een knal uit elkaar gegaan en deze reünie zou ook niet langer dan vier albums stand houden (waarvan de derde dan weer zonder Ian Gillan...).Perfect Strangers, het eerste album dat werd opgenomen, kreeg in de pers wisselende kritieken, maar was een commercieel succes. Ook de aansluitende tour was stijf uitverkocht.
Ik wil het echter niet hebben over het album, maar over de single Perfect Strangers. Het nummer begint met een lekker overstuurd orgel-intro van Jon Lord waarna de band invalt. Ian Gillan is goed bij stem, er zit een lekkere instrumentale break in en de andere bijdragen klinken geïnspireerd.
Het was echter niet de A-kant die mijn aandacht trok toen ik de 12 inch in de winkel zag staan (het nummer staat immers gewoon op het album). Nee, de B-kant was een nieuwe track van tien minuten. Dat kon ik niet laten staan. Son Of Alerik bleek een lange, instrumentale jam te zijn waarvan aangaande de titel en oorsprong tot op de dag van vandaag vele verklaringen rondgaan.
Er waren koningen met die naam (bij de Visigoten en de Zweden), maar waarschijnlijker is een verwijzing naar Michael Moorcock. In zijn boeken komt het karakter Elric voor en ook het nummer Perfect Strangers is geïnspireerd door de boeken van Moorcock. Eén van de verhalen over de oorsprong van het nummer is het (onwelkome) bezoek van een film crew. Om hen te irriteren zou de band een jam zijn begonnen waaraan geen einde leek te komen.
De meningen over het nummer zijn verdeeld, maar ik vind het een heerlijk muzikaal avontuur. In de mid-tempo improvisatie laat Ritchie Blackmore nog een horen wat hij allemaal kan met een gitaar, vakkundig ondersteund door Lord, Glover en Paice. De wat richtingloze laatste minuten en het abrupte einde doen daar niets aan af. Gelukkig is het nummer als bonustrack toegevoegd aan de geremasterde versie van het album Perfect Strangers.
© 2018 TTZL
Officiële websites: Deep Purple / Deep Purple
Wikipedia EN: Deep Purple
Wikipedia NL: Deep Purple
YouTube: Perfect Strangers
YouTube: Son Of Alerik
zondag 11 februari 2018
#274: The Stranglers - The Gospel According To The Meninblack (1981)
In de punkscene van de late jaren zeventig waren The Stranglers een vreemde eend in de bijt. Ze genoten al enige bekendheid in het pub rock circuit toen punk losbarstte. Hun agressieve en compromisloze houding paste echter goed bij de punkattitude en ze werden al snel gezien als één van de aanstichters van de punk. Toch was hun muzikale palet vanaf het begin veel breder met invloeden uit onder meer gothic rock, new wave en art rock.The Stranglers braken in veel landen door in 1977/78 met de singles van hun eerste drie albums:
(Get A) Grip (On Yourself), Peaches, Something Better Change, No More Heroes en Nice 'n' Sleazy. Hun eigenzinnigheid onderstreepten ze ook nog maar eens met de cover (en non-album single) Walk On By.
Op het sterke vierde album (The Raven, 1979) staat het nummer Meninblack. Het is een apart, atmosferisch nummer met een vervormde zangstem waarin de komst van aliens wordt aangekondigd. Dit gegeven wordt verder uitgewerkt op de non-album single Who Wants The World? en zou leiden tot het in 1981 uitgebrachte conceptalbum The Gospel According To The Meninblack over een 'alien invasion'.
Het album was muzikaal een flinke verandering. De elektronische pop-elementen die altijd al aanwezig waren voeren hier de boventoon en er zijn nog meer invloeden toegelaten. Hierdoor riep het album sterk verdeelde reacties op. Zowel fans als critici vonden het geweldig óf helemaal niets. Ik zal vast verklappen, ik hoor bij de eerste groep en heb de LP in mijn jonge jaren grijs gedraaid.
Opener Waltzinblack is lang gebruikt als 'walk-in-music' bij concerten van The Stranglers en zet direct de toon. Het daaropvolgende, ook op single uitgebrachte, Just Like Nothing On Earth bevat wat mij betreft een perfecte synthese van de nieuwe muzikale stijl en de oude punk-attitude. Ook het titelnummer Waiting For The Meninblack is hier een uitstekend voorbeeld van.
Kant B opent met het lekkere uptempo Two Sunspots en kent met de andere single Thrown Away en het soundscape/hoorspel-achtige Manna Machine twee heerlijk ontregelende nummers. In de ruim zeven minuten durende afsluiter Hallow To Our Men komen alle elementen nog een keer samen.
The Gospel According To The Meninblack is een album dat de meningen
zal blijven verdelen. Niet dat The Stranglers daarmee zitten, zelf vind zanger en gitarist Hugh Cornwell Meninblack het beste album van de band. En dat ook veel fans dat met hem eens zijn bewijst wel de 68 pagina's (!) lange special over het album van de fan website Strangled.
© 2018 TTZL
Officiële website: The Stranglers
Wikipedia EN: The Stranglers
Wikipedia NL: The Stranglers
YouTube: The Gospel According To The Meninblack [hele album]
YouTube: Meninblack [album: The Raven, 1979]
YouTube: Who Wants The World? [non-album single, 1980]
YouTube: Waltzinblack
YouTube: Just Like Nothing On Earth
YouTube: Second Coming
YouTube: Waiting For The Meninblack
YouTube: Turn The Centuries Turn
YouTube: Two Sunspots
YouTube: Four Horsemen
YouTube: Thrown Away
YouTube: Manna Machine
YouTube: Hallow To Our Men
YouTube: Peaches [album: Rattus Norvegicus, 1977]
YouTube: Something Better Change [album: No More Heroes, 1977]
YouTube: No More Heroes [album: No More Heroes, 1977]
YouTube: Nice 'n' Sleazy [album: Black And White, 1978]
YouTube: Walk On By [non-album single, 1978]
zondag 4 februari 2018
#273: The Temptations - Papa Was A Rolling Stone (1972)
Afgelopen vrijdag, één dag voor zijn 75e verjaardag, overleed Dennis Edwards, één van de leadzangers van The Temptations. De groep bestaat vanaf 1960 in wisselende bezettingen (25 verschillende zangers tot nu toe!). Edwards verving in 1968 David Ruffin en zou, met twee korte tussenpozen, tot 1989 deel uit blijven maken van The Temptations.Van 1966 tot 1973 was producer Norman Whitfield de drijvende kracht achter The Temptations. Mede onder invloed van het succes van Sly & The Family Stone veranderde Whitfield, tegelijk met het aantreden van Edwards, het geluid van de groep. The Temptations maakten nu muziek die bekend zou raken onder de noemer psychedelic soul.
De koerswijziging zou resulteren in een groot aantal geweldige nummers als Cloud Nine, Ball Of Confusion, Can't Get Next To You, War en Psychedelic Shack, maar The Temptations worden toch vooral geassocieerd met één nummer dat opmerkelijk genoeg eerst door mede-componist/producer Whitfield was opgenomen met een andere groep, The Undisputed Truth. Hun versie van Papa Was A Rollin' Stone werd echter geen groot succes en Whitfield bouwde het nummer om naar een twaalf minuten durend epos voor The Temptations.
Hun versie van Papa Was A Rollin' Stone verscheen in juli 1972 op het album All Directions en is een door bas en drums (hi-hat) gedomineerd nummer. Na het intro van bijna vier minuten kent het nummer drie refreinen die gescheiden worden door uitgebreide, instrumentale passages. De zangers wisselen de vocalen per zanglijn af en wekken daarmee de indruk van een stel broers die hun moeder vragen stellen over de vader die ze niet hebben gekend:
I never got a chance to see him
Never heard nothin' but bad things about him
Momma I'm depending on you to tell me the truth
Momma just hung her head and said, son
Papa was a rolling stone
Wherever he laid his hat was his home
And when he died, all he left us was alone
De populariteit van het fenomenale nummer leidde er toe dat het in september 1972 op single verscheen. Omdat twaalf minuten te lang was voor een single, werd er een kortere versie gemaakt van bijna zeven minuten. Het werd een groot succes met een nummer één positie in de VS en top tien klasseringen wereldwijd.
Onvermijdelijk bij zo'n klassieker is dat er vele covers zijn gemaakt. Sommigen zijn geslaagd te noemen, anderen wat minder, maar oordeel zelf:
The Pioneers [1973 - rocksteady]
Bill Wolfer [1982]
David Lindley [1988]
Was (Not Was) [1990]
George Michael [1993]
Rare Earth [2005]
Daryl Hall with Train [2010 - Daryl's House]
Phil Collins [2010]
Marcus Miller [2015 - instrumentaal]
Ugly Kid Joe [2015]
Officiële website: The Temptations
Wikipedia EN: The Temptations
Wikipedia NL: The Temptations
YouTube: Papa Was A Rollin' Stone [single version]
YouTube: Papa Was A Rollin' Stone [full version]
YouTube: Papa Was A Rollin' Stone [The Undisputed Truth, 1971 - origineel]
YouTube: Papa Was A Rollin' Stone [The Pioneers, 1973 - rocksteady]
YouTube: Papa Was A Rollin' Stone [Bill Wolfer, 1982]
YouTube: Papa Was A Rollin' Stone [David Lindley, 1988]
YouTube: Papa Was A Rollin' Stone [Was (Not Was), 1990]
YouTube: Papa Was A Rollin' Stone [George Michael, 1993]
YouTube: Papa Was A Rollin' Stone [Rare Earth, 2005]
YouTube: Papa Was A Rollin' Stone [Daryl Hall with Train, 2010 - Daryl's House]
YouTube: Papa Was A Rollin' Stone [Phil Collins, 2010]
YouTube: Papa Was A Rollin' Stone [Marcus Miller, 2015 - instrumentaal]
YouTube: Papa Was A Rollin' Stone [Ugly Kid Joe, 2015]
YouTube: Cloud Nine
YouTube: Ball Of Confusion
YouTube: Can't Get Next To You
YouTube: War
YouTube: Psychedelic Shack
zondag 28 januari 2018
#272: The Residents - Meet The Residents / The Third Reich 'N Roll (1974/1976)
Trouwe lezers van dit blog zullen weten dat het Amerikaanse avantgardecollectief The Residents tot één van mijn favorieten behoort (zie ook de blogs #3, #118 en #170). In 1969 startten ze met geluids- en beeldexperimenten en in 1972 brachten hun debuut uit: Santa Dog, een dubbele 7" EP.
Obscuur en genegeerd in het begin van hun carrière worden ze nu alom gerespecteerd en hun albums worden in retrospect alsnog op waarde geschat. Zeker, hun kunst is ontoegankelijk en vreemd als je er voor het eerst kennis mee maakt en zal weinigen direct aanspreken. Maar de avontuurlijke geest die zich er voor open stelt en zich de tijd gunt om eraan te wennen zal rijkelijk beloond worden.
In de 45 jaar sinds Santa Dog hebben ze een geweldig uitgebreide discografie opgebouwd van singles, EP's, albums, soundtracks en nummers op compilatie-albums alsook films, boeken, multimedia-projecten en 'performances' (de term 'concerten' dekt de lading niet). Om al hun werk uitgebracht te krijgen hebben ze gebruik moeten maken van verschillende platenmaatschappijen en vaak hun toevlucht moeten zoeken tot gelimiteerde uitgaven. Probeer dan als fan maar eens om alles te pakken te krijgen!
Gelukkig kwam in januari 2017 het bericht dat The Residents getekend hadden bij het Engelse label Cherry Red, bekend van vele labels die onder andere heruitgaven brengen van hoge kwaliteit. Het meest recente Residents-album The Ghost Of Hope verscheen in maart 2017 direct via Cherry Red en kort daarna kwam het heugelijke nieuws dat er een serie heruitgaven gelanceerd zou worden met de themanaam The Residents pREServed waarvan een paar dagen geleden de eerste twee albums zijn verschenen.
Het debuutalbum Meet The Residents, met tracks als Smelly Tongues, Rest Aria en N-ER-GEE (Crisis Blues), is daarbij uitgebreid tot een dubbel-CD met de geremasterde mono en stereo mixes, de tracks van de Santa Dog EP (waaronder Fire) en veel nog niet eerder gepubliceerd werk.
The Third Reich 'N Roll, het tweede album van de band, is ook uitgebreid tot een dubbel-CD. Dit album is een satire op popmuziek uit de jaren 60 en The Residents verwerken, verhaspelen en vermalen bestaande tracks daartoe in twee lange tracks waarin de originele tracks soms nog nauwelijks te herkennen zijn. Daarnaast staan de twee Rolling Stones en The Beatles gerelateerde singles uit die tijd op de heruitgave (met o.a. Satisfaction en Flying) en ook hier veel nog niet eerder gepubliceerd werk.
Cherry Red heeft voor maart 2018 ook al de heruitgaven van de volgende twee albums aangekondigd: Duck Stab/Buster & Glen en Fingerprince. 2018 wordt een mooi jaar!
Voor de volledigheid: verwijzingen naar The Residents zijn ook nog te vinden in de blogs #53, #70, #176, #179, #190 en #257.
Officiële website: The Residents
Wikipedia EN: The Residents
Wikipedia NL: The Residents
YouTube: Meet The Residents [hele album]
YouTube: Smelly Tongues
YouTube: Rest Aria
YouTube: N-ER-GEE (Crisis Blues)
YouTube: Fire
YouTube: The Third Reich 'N Roll [hele album]
YouTube: Satisfaction
YouTube: Flying
zaterdag 20 januari 2018
#271: The Cranberries - No Need To Argue / To The Faithful Departed (1994/1996)
Afgelopen maandag verscheen opeens het bericht dat Dolores O'Riordan op 46-jarige leeftijd was overleden. De doodsoorzaak is (nog) niet bekendgemaakt, maar er is wel aangegeven dat er geen verdachte omstandigheden waren.
O'Riordan was de zangeres van de Ierse band The Cranberries die tussen 1993 en 2003 behoorlijk populair was aan beide zijden van de Atlantische Oceaan. Na 2003 nam de band een pauze om onder andere aan solo-projecten te werken. Zo leverde O'Riordan in die periode twee solo-albums af. Vanaf 2009 kwam de band weer bij elkaar en verschenen er nog twee albums.Het debuutalbum Everybody Else Is Doing It, So Why Can't We? uit 1993 was direct een succes in diverse landen, maar niet in Nederland. Ook de in ander landen succesvolle singles Linger en Dreams deden hier niet veel.
De grote doorbraak kwam met het tweede album uit 1994: No Need To Argue. De mix van rock, pop, post-punk en (Ierse) folk is wat verder uitgekristalliseerd en dat leverde een paar grote hits op. In Ode To My Family, maar vooral in Zombie met zijn scheurende gitaar intro en grote dynamische verschillen vormen de verschillende stijlen en invloeden een mooi geheel. Maar ook albumtracks als The Icicle Melts, Ridiculous Thoughts en Daffodil Lament tonen aan dat dit een prima album is.
De opvolger, To The Faithful Departed uit 1996, was wel een commercieel, maar geen artistieke triomf. Voor een deel ligt dit aan de wisseling van producer. Stephen Street, die de eerste twee albums had geproduceerd, werd vervangen door Bruce Fairburn, bekend van producties voor Aerosmith, Kiss, Van Halen en Bon Jovi. Het stadionrockgeluid dat The Cranberries daardoor kregen aangemeten past niet echt. De subtiliteiten die op de vorige albums aanwezig waren is verdwenen.
Het is geen slecht album en het leverde een flink aantal succesvolle nummers op: Hollywood, Salvation, When You're Gone en Free To Decide. Helaas zijn er teveel tracks op dit album waar het meer om kracht en volume draait dan om wat anders. Dat is jammer als je weet dat The Cranberries beter kunnen, zoals bijvoorbeeld Electric Blue aantoont.
Bruce Fairburn zou niet meer terugkeren als producer bij de band en in 2001 werd zelfs weer een beroep gedaan op Stephen Street.
Officiële website: The Cranberries
Wikipedia EN: The Cranberries
Wikipedia NL: The Cranberries
YouTube: No Need To Argue [hele album]
YouTube: Ode To My Family
YouTube: Zombie
YouTube: The Icicle Melts
YouTube: Ridiculous Thoughts
YouTube: Daffodil Lament
YouTube: To The Faithful Departed [hele album]
YouTube: Hollywood
YouTube: Salvation
YouTube: When You're Gone
YouTube: Free To Decide
YouTube: Electric Blue
YouTube: Linger [van 'Everybody Else Is Doing It, So Why Can't We?', 1993]
YouTube: Dreams [van 'Everybody Else Is Doing It, So Why Can't We?', 1993]
zondag 14 januari 2018
#270: Yukihiro Takahashi - Neuromantic / What, Me Worry? (1981/1982)
Al eerder schreef ik over mijn voorliefde voor Japanse popmuziek (#217) en dan die van het Yellow Magic Orchestra (YMO) (#72) en haar bandleden (#79) in het bijzonder. De invloed van YMO kan niet overschat worden, niet in Japan, maar ook zeker niet daarbuiten. Artiesten als Duran Duran, Japan en David Sylvian zijn schatplichtig aan YMO en in het geval van Sylvian leidde dat ook tot samenwerkingen met Ryuichi Sakamoto. Maar ook in genres als techno, ambient house en hip hop is YMO veelvuldig een invloed en bron van samples.
Zanger/drummer Yukihiro Takahashi is altijd degene geweest van het trio met de meeste affiniteit met pure pop en dat klinkt ook door op zijn solo-albums. Met name de invloed van The Beatles steekt hij niet onder stoelen of banken. Zo staat er op het tweede YMO-album een aparte versie van Day Tripper en ook op zijn solo-albums zijn The Fab Four nooit ver weg.
Takahashi heeft een flink aantal prima soloplaten gemaakt, maar Neuromantic (1981) en What, Me Worry? (1982) steken er toch wel bovenuit. Zijn zang op deze albums behoort tot het beste wat hij gedaan heeft en de sterke songs en dito uitvoering maken het helemaal af. Dat laatste verbaast niet als je naar de lijst met gastmuzikanten kijkt. Naast YMO-maatjes Ryuichi Sakamoto en Haruomi Hosono zien we ook nog Bill Nelson, Zaine Griff, Tony Mansfield (van New Musik) en Andy Mackay & Phil Manzanera (beide van Roxy Music).
Neuromantic opent met Glass en dat nummer had niet misstaan op een YMO-album. Lekker tegendraads ritme, mooie toetsenriffs en die onmiskenbare vocalen van Takahashi die altijd nét achterop lijken te raken ten opzichte van de muziek. Andere sterke tracks van dit album zijn het majestueuze Grand Espoir, het met scheurgitaar en sax gezegende Extra Ordinary en het lekker opgefokte Charge. Zijn 'pure pop' is te horen in het mooie Drip Dry Eyes.
Opvolger What, Me Worry? doet hier niet voor onder en start direct sterk met het het tweeluik What, Me Worry?/It's Gonna Work Out. Het is verder een heel divers album waar romantiek (Sayonara, Disposable Love), traditie (My Highland Home In Thailand), pretentieloze pop (Flashback, All You've Got To Do) en meer avontuurlijke songs (This Strange Obsession, The Real You) hand in hand gaan. En natuurlijk zijn The Beatles ook weer van de partij middels de George Harrison cover It's All Too Much.
Takahashi heeft met en zonder YMO mooie dingen gedaan en deze twee albums verdienen het om nog lang beluisterd te worden.
Wikipedia EN: Yukihiro Takahashi
YouTube: Neuromancer [hele album]
YouTube: Glass
YouTube: Grand Espoir
YouTube: Extra Ordinary
YouTube: Drip Dry Eyes
YouTube: Charge
YouTube: What, Me Worry? [hele album]
YouTube: What, Me Worry?/It's Gonna Work Out
YouTube: Sayonara
YouTube: This Strange Obsession
YouTube: Flashback
YouTube: The Real You
YouTube: Disposable Love
YouTube: My Highland Home In Thailand
YouTube: All You've Got To Do
YouTube: It's All Too Much
YouTube: Day Tripper [YMO]
zondag 7 januari 2018
#269: Hoodoo Gurus - Stoneage Romeos (1984)
In de vroege jaren tachtig was er een ware garagerock 'revival'. In Amerika, in Europa, maar ook in Oceanië schoten garagebandjes als paddenstoelen uit de grond. Hun roem reikte echter vaak niet tot ver buiten de eigen landsgrenzen.
De Australische Hoodoo Gurus zijn daarvan een voorbeeld. Hun bekendheid buiten hun thuisland is niet groot, maar ze werden in 2007 wel opgenomen in de Australian Recording Industry Association Hall of Fame.Garagerock wordt vaak gezien als een voorloper van de punkbeweging uit de jaren zeventig. Daarom worden ook wel benamingen als protopunk, garage punk of 60's punk gebruikt. De Hoodoo Gurus echter als pure garagerockband afdoen zou hen tekort doen.
Invloeden uit onder andere hard rock, power pop en surf music worden door de Gurus verwerkt. Het resultaat is een onweerstaanbare mengelmoes van stijlen uitmondend in een pakkend, soms lekker kitscherig, rammelend rockgeluid. Of zoals voorman gitarist, zanger en voornaamste zongschrijver Dave Faulkner zingt in (Let's All) Turn On:
Shake some action
Psychotic reaction
No satisfaction
Sky pilot, Sky Saxon
That's what I like
Blitzkrieg bop
To the jailhouse rock
Stop stop, at the hop
Do the bluejean bop
That's what I like!
Eén nummer met referenties naar respectievelijk The Flamin' Groovies, The Count Five, The Rolling Stones, Eric Burdon & The Animals, The Seeds, Ramones, Elvis Presley, Danny & The Juniors en Gene Vincent And His Blue Caps... ik zou zeggen: what's not to like?
Hun debuutalbum Stoneage Romeos was direct een voltreffer. De LP werd gestoken in een heerlijke 'b-movie' hoes die helaas voor de Amerikaanse en Europese markt werd vervangen door een minder aansprekende oranje hoes.
Het album opent met de heerlijke trits I Want You Back, Tojo en Leilani. Alle drie deze nummers werden hits in Australië en als je ze hoort is het niet moeilijk om te bedenken waarom. Het album staat verder vol met lekkere uptempo nummers als Arthur, Death Ship, In The Echo Chamber en I Was A Kamikaze Pilot.
Soms gaat het tempo iets naar beneden en ook dat gaat ze goed af getuige het heerlijk smerige Dig It Up (á la The Cramps), het mooie Zanzibar en hun hit My Girl (met opvallende videoclip).
Na hun debuutalbum maakte Hoodoo Gurus nog een drietal heel sterke platen en na een korte onderbreking van 1998 tot 2003 zijn ze nu nog steeds actief, al dateert hun laatste, goed ontvangen studioalbum van 2010.
© 2018 TTZLNa hun debuutalbum maakte Hoodoo Gurus nog een drietal heel sterke platen en na een korte onderbreking van 1998 tot 2003 zijn ze nu nog steeds actief, al dateert hun laatste, goed ontvangen studioalbum van 2010.
Officiële Website: Hoodoo Gurus
Wikipedia EN: Hoodoo Gurus
YouTube: Stoneage Romeos [hele album]
YouTube: I Want You Back
YouTube: Tojo
YouTube: Leilani
YouTube: Arthur
YouTube: Dig It Up
YouTube: (Let's All) Turn On
YouTube: Death Ship
YouTube: In The Echo Chamber
YouTube: Zanzibar
YouTube: I Was A Kamikaze Pilot
YouTube: My Girl [clip]
Abonneren op:
Posts (Atom)
