Zoeken in deze blog

zaterdag 26 oktober 2024

#624: Iron Maiden - Iron Maiden (1980) / Killers (1981)

The New Wave Of British Heavy Metal (NWOBHM) ontstond in de tweede helft van de jaren zeventig. Kenmerkend was dat de bands niet alleen hoorbaar beïnvloed werden door de intensiteit van de heavy metal uit de jaren zeventig, maar ook door snelheid, agressiviteit en doe-het-zelf-houding van de punk rock.

In de stroomversnelling van de hype die door de (met name Britse) media werd gecreëerd, werden een hoop matig getalenteerde bands meegevoerd. Gelukkig  braken er ook grootste bands door als Def Leppard, Saxon en Motörhead, maar één van de belangrijkste en meest succesvolle was toch wel Iron Maiden.

Inmiddels is Iron Maiden al weer 44 jaar een begrip, met zanger Bruce Dickinson als blikvanger sinds 1983 (met een korte onderbreking van 1993 tot 1999). Hij was echter niet de eerste zanger. De band startte met Paul Day en daarna Dennis Wilcock. Tijdens de eerste opnamen was echter Paul Di'Anno de zanger (hij overleed deze week op 66-jarige leeftijd).

Di'Anno (echte naam: Paul Andrews) had een andere stijl van zingen dan Dickinson (rauwer, ruiger) en die stijl paste perfect bij de stijl van Iron Maiden op dat moment. De fusie van heavy metal en punk leverde nummers op als nummers als Running Free en Prowler (van het debuut Iron Maiden uit 1980) of Killers en Another Life (van Killers uit 1981). Ook de (oorspronkelijke) non-album singles Sanctuary en Twilight Zone vallen in deze categorie.

Het muzikale palet van Iron Maiden is echter ook al op die eerste twee albums breder. Zo staan er op het debuut twee (semi-)ballads (Remember TomorrowStrange World), maar het zijn vooral de nummers met prog rock-invloeden die indruk maken.

Op het debuut staat het zeven minuten durende, inmiddels klassieke, Phantom Of The Opera waarin alle registers worden opengetrokken en op het tweede album staat bijvoorbeeld Prodigal Son. Instrumentale tracks Transylvania en Genghis Khan laten nog weer een ander facet van Iron Maiden zien.

Di'Anno's zangstijl paste minder goed bij het prog rock-achtige materiaal dat op volgende albums een steeds grotere rol zou gaan spelen en hij begon ook steeds onvoorspelbaarder gedrag te vertonen, veroorzaakt door overmatig drugsgebruik. Er zou nog een live-EP verschijnen, Maiden Japan (een knipoog naar Made In Japan van Deep Purple), maar daarna was het over en werd hij vervangen door Dickinson.

De twee albums met Paul Di'Anno staan echter nog steeds als een huis en hebben gediend als fundament voor de carrière van niet alleen Iron Maiden, maar ook die van een heleboel andere bands uit de NWOBHM.

© 2024 TTZL


Officiële website: 
Iron Maiden
Wikipedia EN: Iron Maiden
Wikipedia NL: Iron Maiden

YouTube: 
Iron Maiden [album]
YouTube: Killers [album]
Spotify: Iron Maiden [album]
Spotify: Killers [album]

Youtube: Running Free
Youtube: Prowler
Youtube: Strange World
YouTube: Transylvania

Youtube: Killers
Youtube: Another Life
Youtube: Prodigal Son
Youtube: Genghis Khan

YouTube: Sanctuary
YouTube: Twilight Zone

zaterdag 19 oktober 2024

#623: The Cure - Seventeen Seconds (1980)

Nog dertien nachtjes slapen en dan is het zover, want op 1 november a.s. verschijnt er (zestien jaar na 4:13 Dream) een nieuw album van The Cure: Songs of A Lost World. Laten we echter voor het zover is eens terugkijken naar hun doorbraakalbum uit 1980: Seventeen Seconds.

The Cure-voorman Robert Smith was ontevreden met het debuutalbum Boys Don't Cry waarvan de songkeuze, songvolgorde en hoesontwerp zonder zijn inbreng was bepaald door producer Chris Parry, tevens eigenaar van Fiction Records. Desondanks werd het album goed ontvangen door pers en publiek.

Smith had echter een andere koers voor ogen en dat botste met bassist van het eerste uur, Michael Dempsey. Smith verwoordde het eens als: "He wanted us to be XTC part 2 and – if anything – I wanted us to be the Banshees part 2. So he left.". 

Die andere koers was een donkere, dreigende, sombere mengeling van new wave en post-punk die later gothic rock genoemd zou gaan worden. Het resultaat was een album dat in 1980 (en ook daarna) zeer frequent op mijn draaitafel te vinden was. 

De A-kant van de plaat opent met A Reflection en die titel dekt de lading. Zeer traag toetsenwerk verklankt een melodie die treurig en lieflijk tegelijk klinkt. Dit gaat naadloos over in het uptempo Play For Today, met heerlijke gitaarmotiefjes van Smith. Na het door bas (Simon Gallup) en drums (Lol Tolhurst) gedreven Secrets volgt In Your House, één van de beste tracks van het album. De hoofdrol is hier voor de ijle klanken van toetsenist Matthieu Hartley. Kant A wordt afgesloten door het instrumentale Three dat eerst even op gang lijkt te moeten komen, maar daarna een heerlijk stuwend ritme heeft en licht experimenteel is (met name het outtro vind ik briljant).

Op de B-kant horen we als eerste nummer The Final Sound. Het is een slechts 52 seconden durend fragment in de stijl van de opener van kant A. Ik zeg met nadruk 'fragment', want het nummer had veel langer moeten zijn. Er was echter niet veel budget (ca. 2500 pond) waardoor het album in zeven dagen (van ieder zo'n 17 uur) werd opgenomen en gemixt. Toen The Final Sound werd opgenomen was de tape ineens op (vandaar het vervormde geluid aan het einde van het nummer) en er was geen tijd meer om het opnieuw te doen.

Op één of andere manier gaat het nummer wel mooi over in het bekendste nummer van het album, de single A Forest. Die geweldige track is onverminderd populair, getuige de constante notering in de Top 2000 (tussen 30 en 87)Op de tracks M en At Night weet The Cure het hoge niveau moeiteloos vast te houden en met titeltrack Seventeen Seconds wordt het album met weer een hoogtepunt afgesloten. Met name de heerlijk lijzige zang en het puntige gitaarspel van Smith in dit nummer zijn prachtig, naast de lekkere baspartij van Gallup.

Seventeen Seconds zou het begin blijken van te zijn van een, tot op de dag van vandaag, zeer succesvolle carrière voor The Cure. Na dit album volgde in 1981 de geweldige 'studie over verlies' Faith (zie blog #43) en in 1982 een nog donkerder album: Pornography. Voor mij zijn die drie albums een soort trilogie, maar Robert Smith beschouwt dat laatste album samen met Disintegration (uit 1989) en Bloodflowers (uit 2000) als trilogie, getuige de videoproductie Trilogy (uit 2003).

© 2024 TTZL


Officiële website: 
The Cure
Wikipedia EN: The Cure
Wikipedia NL: The Cure

YouTube: Seventeen Seconds [album]
Spotify: Seventeen Seconds [album]

Youtube: A Reflection
Youtube: Secrets
Youtube: In Your House
Youtube: Three
Youtube: A Forest
Youtube: M
Youtube: At Night

zondag 13 oktober 2024

#622: Malcolm McLaren - Fans (1984)

Malcolm McLaren kwam eind jaren zeventig in het middelpunt van de belangstelling te staan als manager van de Sex Pistols. Dat was echter niet zijn enige bezigheid, want naast het managen van die band (en bands als New York DollsAdam and the Ants en Bow Wow Wow) was hij ook actief als muzikant en mode-ontwerper.

Dat laatste vloeide voort uit zijn studies aan diverse kunstacademies in Engeland. Vanaf 1971 bestierde hij diverse winkeltjes waar hij onder andere platen, afspeelapparatuur en kleding verkocht. 

De winkels hadden fantasievolle namen als "In The Back Of Paradise Garage", "Let It Rock" en "Too Fast To Live Too Young To Die". Vanaf oktober 1974 heette zijn winkel "Sex", werd hij samen met zakenpartner Vivienne Westwood succesvol met zijn kledingontwerpen. In die winkel ontstond ook het project "Sex Pistols". 

Begin jaren tachtig begon McLaren zich ook te manifesteren als uitvoerend artiest. Zijn eerste album was Duck Rock uit 1983 en dat maakte hij samen met onder andere producer Trevor Horn en The World's Famous Supreme Team, een Amerikaans duo dat bekend was van een hip hop radio show. Het album gaf hip hop bekendheid bij een breed publiek in Engeland, mede door de hits Buffalo Gals en Double Dutch. Hij bevestigde hiermee zijn gevoel voor de tijdgeest, maar raakte ook verstrikt in plagiaat-rechtszaken omdat hij schaamteloos had gejat van Zuid-Afrikaanse artiesten. Hij werd gedwongen schikkingen te treffen.

Zijn tweede plaat was een mini-LP en bevatte heel andere muziek. Op Fans uit 1984 mengt hij namelijk Dance, R&B en Opera tot een uniek geheel. Het album kreeg een gemixte ontvangst, maar het kan mij wel bekoren. Al moet ik wel zeggen dat niet ieder van de zes nummers even geslaagd is. 

Fans (Nessun dorma) [uit Turandot], Death of Butterfly (Tu Tu Piccolo) [uit Madama Butterly] en Boys Chorus (Là Sui Monti Dell'Est) [uit Turandot] zijn nummers waarin de pop- en klassieke muziek eerder naast elkaar staan dan dat er sprake is van een geslaagde fusie.

Heel anders is dat in Carmen (L'Oiseau Rebelle) (uit Carmen). De pop- en klassieke elementen kronkelen hier om elkaar heen, gaan uit elkaar en komen dan weer samen in een elegante dans. In het prachtige, langzame Lauretta (O mio babbino caro) (uit Gianni Schicchi) is die samensmelting ook aanwezig, maar nergens wordt het zo mooi als in de openingstrack en eerste single van het album.

Madame Butterfly (un bel dì vedremo) [uit Madama Butterly] is zoals je zou wensen dat het hele album klinkt. Het gesproken woord en de klassieke zang vertolken het verhaal van de opera, alleen ondersteund door een hip hop ritme. Daar tussendoor zitten R&B-achtige stukjes zang gemixt met rap en dat werkt wonderwel.

Misschien kun je niet het hele mini-album als geslaagd beschouwen, maar het feit dat het maken van de plaat het nummer Madame Butterfly (un bel dì vedremo) heeft opgeleverd, maakt het al meer dan de moeite waard.

© 2024 TTZL


Officiële website: Malcolm McLaren

Wikipedia EN: Malcolm McLaren
Wikipedia NL: Malcolm McLaren

YouTube: Fans [album]
Spotify: Fans [album]

zaterdag 5 oktober 2024

#621: Roxy Music - Manifesto (1979)

Na het verschijnen in 1975 van Siren, het 5-sterren vijfde studio-album van Roxy Music, zou het vier jaar duren voor er een nieuwe album verscheen. Natuurlijk, in 1976 verscheen het live-album Viva! en in 1977 Greatest Hits, maar het wachten was op Manifesto.

De bezetting was uitgedund tot de kern van Bryan Ferry (zang, toetsen, mondharmonica), Andy Mackay (hobo, saxofoon), Phil Manzanera (gitaar) en Paul Thompson (drums) en er was ook een accentverschuiving in de muziek. 

Waar op de eerste vijf albums de balans tussen (experimentele) art rock en sophisti-pop nog doorsloeg naar art rock (zie ook blog #28), verandert dat vanaf Manifesto. Dat wordt misschien ook wel geïllustreerd door het hoesontwerp van feestende mannequins (waarbij de picture disc version in 1979 een afbeelding had waarbij de mannequins geen kleding aanhadden).

Die verandering is het duidelijkst aanwezig op de 'West Side' van de LP (kant B). Hierop staan de uptempo tracks Ain't That So en Cry, Cry, Cry, de mid-tempo track My Little Girl en de ballad Spin Me Round die het album afsluit. Temidden van dit alles bevindt zich nog de grote hit met disco-invloeden, Dance Away

Alle nummers op die plaatkant zitten min of meer in het 'gepolijste romantiek' kamp. Dat is niet erg, want het is waar Bryan Ferry zich thuis voelt. Er is dan ook zeker een link met zijn solo-albums

Op de 'East Side' (kant A) is dat gevoel ook aanwezig, maar de balans is hier meer in evenwicht omdat de art rock een grotere rol speelt. 

Openingstrack Manifesto is daarvan een mooi voorbeeld. Ferry is nog steeds de grote verleider, maar muzikaal gebeuren er achter hem allerlei spannende dingen en tijdens de outro lijken de vroege jaren zeventig teruggekeerd. 

Trash is een lekker kort, puntig en uptempo nummer voordat de tweede hit van het album losbarst: Angel Eyes. Hierin is het art rock-gevoel veel meer aanwezig dan in bijvoorbeeld Dance Away.

Still Falls the Rain en Stronger Through the Years sluiten deze LP-kant af en dat zijn beide heel sterke tracks. De eerste is een prima uptempo track waarin Manzanera's gitaar en Mackay's saxofoon op de voorgrond treden. De tweede is een zich ruim zes minuten lekker langzaam voorslepend nummer waarin op de achtergrond en onder de oppervlakte van alles gebeurt. Het is misschien wel mijn favoriete track van het album.

De single-versies van de twee hits (Dance Away en Angel Eyes) verschillen overigens flink van de originele album versies. De single-versie van Dance Away is een remix en Angel Eyes is een geheel nieuwe opname. Op latere versies van het album (zowel op LP als CD) kan een combinatie van die LP- of single-versies staan. 

Je kunt natuurlijk het verschil horen, maar je kunt ook aan de lengte zien welke versie het betreft. Zo duurt de LP-versie van Dance Away 4:21 en is de single-remix 3:48 lang. De 're-recorded version' van Angel Eyes duurt 3:06, terwijl de LP-versie 3:32 lang is. Van beide bestaat ook een 12-inch versie van ruim zes minuten, maar die is niet gebruikt om de LP-versie te vervangen.

© 2024 TTZL


Officiële website: 
Roxy Music
Wikipedia EN: Roxy Music
Wikipedia NL: Roxy Music

YouTube: Manifesto [album]
Spotify: Manifesto [album]

EAST SIDE
Youtube: Manifesto
Youtube: Trash
Youtube: Angel Eyes [LP version]

WEST SIDE
Youtube: Ain't That So
Youtube: Dance Away [single remix]
Youtube: Cry, Cry, Cry
Youtube: Spin Me Round

zondag 29 september 2024

#620: Strawberry Switchblade - Since Yesterday (1984)

Het Schotse duo Strawberry Switchblade was geen lang leven beschoren. De groep bestond slechts vijf jaar en maakte in drie jaar één album en een handvol singles. Toch hadden Jill Bryson and Rose McDowall alles in zich om zeer succesvol te worden.

Hun actieve periode (de eerste helft van de jaren tachtig) viel samen met de hoogtijdagen van de Gothic Rock, met bands als Siouxsie and the Banshees, Joy DivisionBauhaus en The Cure

Op de één of andere manier pasten deze twee jonge meisjes prima in dat plaatje met polkadot-jurken, vlammende rode lippenstift en haarlinten. Ik zag dat ze ergens worden omschreven als "de bruiden van Robert Smith" (van The Cure). 

Op het eerste gehoor heeft hun enige grote hit Since Yesterday (top 10 in de UK en Ierland en nummer 24 in de Nederlandse Top 40) weinig gemeen met de eerder genoemde bands. Aan de oppervlakte lijkt het vrolijke popmuziek, die op een lekkere lijzige wijze wordt gezongen door twee stemmen die mooi bij elkaar passen. 

Als je echter een laag dieper gaat hoor je verrassende instrumentatie (geweldige drumsound, lekkere break) en de tekst blijkt helemaal niet zo vrolijk. Het nummer lijkt te verhalen over de implosie van een relatie, maar sommige verwijzingen passen dan niet helemaal: 

If you're still there when it's all over
I'm scared I'll have to say
That a part of you has gone
Since yesterday'

Well, maybe this could be the ending
with nothing left of you
A hundred wishes couldn't say
I don't want to

In een interview uit 2015 geeft Rose McDowall aan dat het nummer eigenlijk over een nucleaire oorlog gaat, maar dat ze dat nooit heeft verteld omdat ze geen politiek geladen songs wilde schrijven. 

De b-kant van de single is By The Sea en dat nummer is, net als de a-kant en hun album, door Bryson en McDowell zelf geschreven. Het ruimschoots aanwezige melancholische gevoel in Since Yesterday is hier in nog veel nadrukkelijker te horen. Het nummer heeft een heerlijke baslijn, is opnieuw mooi gezongen en heeft ook veel lagen. Kortom, een prima nummer dat opvallend genoeg alleen op deze single is terug te vinden. Op hun enige, zelfvernoemde album is het niet opgenomen en ook niet op de CD-heruitgaven met negen bonustracks. 

Gezien de Japanse voorliefde voor meidengroepen is het niet opvallend dat Strawberry Switchblade daar populair is, maar het is wel opvallend dat het album alleen in Japan is heruitgegeven (in 1996, 1997, 2006 en 2013). Tot aan het schrijven van dit blog kende ik eigenlijk alleen de single, maar nu ik het album een keer heb beluisterd kan ik zeggen dat een Europese heruitgave met álle tracks hoogstverdiend zou zijn.

© 2024 TTZL


Discogs: Strawberry Switchblade

Wikipedia EN: Strawberry Switchblade

Spotify: Since Yesterday [single]
Spotify: Strawberry Switchblade [album]

YouTube: Since Yesterday
YouTube: By The Sea
YouTube: Since Yesterday [video]

zondag 22 september 2024

#619: The Steve Miller Band - Circle of Love (1981)

In de week waarin dit blog de 100.000 weergaven is gepasseerd (dank daarvoor!), wil ik aandacht besteden aan The Steve Miller Band (ook regelmatig zonder 'The' geschreven). Het is een artiest waar ik ambivalente gevoelens voor heb.

In de jaren zestig begaf Steve Miller zich in de wereld van de blues en speelde onder andere met Paul ButterfieldMuddy WatersHowlin' Wolf en Buddy Guy. De eerste opnamen van de Steve Miller Band zijn te horen als op Chuck Berry's Live at the Fillmore Auditorium

Op de eerste zeven studio-albums van de Steve Miller Band is dit ook terug te horen in de psychelische blues (met progressive rock-invloeden) die de band speelt. Als je die albums nu terugluistert is het lastig voor te stellen dat dit dezelfde Steve Miller Band is als de pop rock-hitmachine die vanaf 1973 nummers produceert als The Joker, Fly Like An Eagle en Jet Airliner.    

In het begin van de jaren tachtig, na een pauze van vier jaar, probeert Miller met wisselend (artistiek en commercieel) succes aan te haken bij heersende trends als synth-pop en new wave. Aan het einde van dat decennium keert hij weer terug naar de blues met zijn solo-album Born 2 Be Blue en tussen 1993 en 2011 volgen nog drie prima albums met pop rock en blues invloeden.

Het is de periode in de jaren tachtig waarover ik tegenstrijdige gevoelens heb. De muziek doet vaak geforceerd aan en is soms ronduit suf ('cheesy'). Denk hierbij bijvoorbeeld aan de hit Abracadabra (heb je weleens goed naar die songtekst geluisterd?) van het gelijknamige album, het tweede uit de jaren tachtig. En toch, omdat het goed wordt uitgevoerd, blijft het iets aanstekelijks houden.

Dat laatste geldt zeker voor het eerste album uit de jaren tachtig, Circle Of Love. Op kant A staan vier nummers, waaronder drie aardige uptempo nummers (Heart Like A Wheel, Get On Home en Baby Wanna Dance) waarin opmerkelijk genoeg synth-pop en jaren vijftig invloeden worden gecombineerd. Het titelnummer van het album (Circle Of Love) is een laid back track die niet had misstaan op een Fleetwood Mac-album uit dezelfde periode. Wat mij betreft het beste nummer van kant A.

De verrassing zit hem in kant B en ik verwees er al eens naar in blog #481 over tracks die een hele plaatkant beslaan. Macho City is een wonderlijk amalgaan van 'space blues', synth-pop, funk en in het begin van de track een rappende Steve Miller. Vanaf een minuut of drie gaat het helemaal los en vliegt de track alle kanten op over een 'steady beat'. Met name Byron Allred (toetsen) en Gerald Johnson (bas) leven zich helemaal uit. Het nummer (18 minuten op de originele LP en 16 minuten op CD) eindigt met een minutenlange soundscape van regen en onweer.

Circle Of Love is een album van de Steve Miller Band waarvan ik verstandelijk weet dat het niet top is, maar toch kan ik het zeer waarderen (een guilty pleasure?). Dat geldt nog in de overtreffende trap voor Macho City. Wat is het lekker om dat nummer op repeat te zetten en er helemaal in op te gaan. 

© 2024 TTZL


Officiële website: 
The Steve Miller Band
Wikipedia EN: The Steve Miller Band
Wikipedia NL: The Steve Miller Band

YouTube: Circle Of Love [album]
Spotify: Circle Of Love [album]
Youtube: Macho City

YouTube: The Joker [video]
YouTube: Fly Like An Eagle
YouTube: Jet Airliner
YouTube: Abracadabra [lyric video]

zaterdag 14 september 2024

#618: Black Sabbath - Sabotage (1975)

Sabotage is Black Sabbath's zesde studio-album en toen het in 1975 uitkwam had het ruim anderhalf jaar op zich laten wachten. Hiervoor was een zich voortslepende juridische strijd met hun vorige management verantwoordelijk. Dit wordt ook gereflecteerd in de de titel en sommige van de teksten.

Het album laat een opvallende ontwikkeling zien in Black Sabbath's muziek. De groep had een grote invloed gehad op andere bands (zie ook blogs #36 en #379), maar was zelf ook niet immuun voor invloeden van buitenaf. 

Sabotage is het album waarop invloeden uit experimentele en progressieve rock voor het eerst duidelijk waarneembaar zijn in het Sabbath-universum. De toevoeging van synthesizers doet heel natuurlijk aan en dit zette zich voort op de laatste twee albums van de original line-upTechnical Ecstasy (uit 1976) en Never Say Die! (uit 1978). Die albums werden overigens minder enthousiast ontvangen (maar daarover een andere keer meer).

Hole In The Sky is een prima heavy opener in archetypische Black Sabbath-stijl en dat nummer gaat zeer abrupt over in het akoestische gitaar-intermezzo Don't Start (Too Late). Het daaropvolgende Symptom Of The Universe is direct één van de hoogtepunten van het album. Het heeft een interessante songstructuur met veel afwisseling in dynamiek en door akoestische breaks. 

Thrill Of It All is een degelijke Sabbath-track, maar er staan ook twee wat meer afwijkende nummers op het album. Zo is Supertzar een zwaar, instrumentaal nummer waarover een vocaliserend koor te horen is, maar is Am I Going Insane (Radio) is dan weer het andere uiterste. Het is alsof een Sabbath een hit wilde scoren met een popnummer. Het is net zo afwijkend als de verrassende ballad Changes van het album Vol. 4 (uit 1972).

De eerder genoemde prog rock invloeden komen het best naar voren in de twee lange tracks. Megalomania is een duistere, sombere track waarop de vocalen van Ozzy Osbourne heel goed zijn (net als op de rest van het album, trouwens) en de verschillende songonderdelen een mooi geheel vormen. Tony Iommi's gitaarsolo's zijn (zoals zo vaak) memorabel. 

De beste vocale prestatie levert Ozzy echter op The Writ, het slotnummer van het album. Afwisselend uitbundig en ingehouden zingend en dan weer half schreeuwend baant hij zich een weg door het nummer waarop de ritmetandem Bill Ward (drums) en Geezer Butler (bas) weer laat horen hoe goed ze samen zijn.

Sabotage is een album dat wat ondergewaardeerd is gebleven. Met name de eerste twee albums (Black Sabbath, Paranoid) eisen vaak de aandacht op terwijl Master Of Reality, Vol. 4, Sabbath Bloody Sabbath en zeker ook Sabotage daar niet voor onderdoen.

© 2024 TTZL


Officiële website: Black Sabbath

Wikipedia EN: Black Sabbath
Wikipedia NL: Black Sabbath

YouTube: Sabotage [album]
Spotify: Sabotage [album]

Youtube: Hole In The Sky
Youtube: Symptom Of The Universe
Youtube: 
Megalomania
Youtube: Thrill Of It All
Youtube: 
Supertzar
Youtube: 
Am I Going Insane (Radio)
Youtube: The Writ

YouTube: Changes [van Vol.4 uit 1973]

zondag 8 september 2024

#617: Herbie Flowers (1938-2024)

Herbie Flowers is deze week op 86-jarige leeftijd overleden. De naam van deze bassist zal waarschijnlijk niet direct bij iedereen een belletje doen rinkelen, maar er zijn nummers waar hij op speelt die iedere lezer van dit blog kent.

Hij was redelijk bekend van de Brits/Australische band Sky, die jazz, rock en klassiek tot een eigen geluid mengde en in 1980 met Toccata een hit had (zie ook blog #67). Alhoewel Sky een trouwe aanhang had sinds de start in 1978, is ander werk van Herbie Flowers veel bekender. 

Zo was hij bijvoorbeeld mede-oprichter van Blue Mink (bekend van  onder andere Melting Pot, Good Morning Freedom en Banner Man) dat bestond van 1969 tot 1977. Daarnaast was Flowers van augustus 1976 tot aan de dood van frontman Marc Bolan in september 1977 lid van de laatste versie van T. Rex en is hij te horen op het laatste album, Dandy in the Underworld.

Toch leeft hij vooral voort door zijn werk als sessiemuzikant, iets dat hij zijn hele leven heeft gedaan, ook toen hij in diverse bands zat. Hij werkte voor bekende producers als Mickie MostSteve RowlandGus Dudgeon en Tony Visconti.

Op die manier kwam zijn basspel terecht op albums als Tumbleweed Connection en Madman Across The Water van Elton John, The Bride Stripped Bare van Bryan Ferry en Jeff Wayne's Musical Version of The War of the Worlds. Ook is hij te horen op diverse solo-albums van Paul McCartney, George Harrison en Ringo Starr en hij speelde met de groten uit de jazz

Flowers bespeelde echter meer instrumenten de basgitaar. Hij kon ook goed overweg met de klassieke staande bas en de tuba. Op dat laatste instrument is hij te horen op Sky-albums, maar ook bijvoorbeeld in de blazerssectie op Abbey Road van The Beatles.

Zijn meest gehoorde werk deed hij voor David Bowie en Lou Reed. Hij is te horen op het eerste album en Diamond Dogs van Bowie en daarmee op nummers als Diamond Dogs, Rebel Rebel en natuurlijk Space Oddity. Het prachtige, atmosferische bas-geluid in de intro van dat nummer is dus van Flowers.

Op Lou Reed's album Transformer deelt Flowers de baspartijen met de legendarische sessiemuzikant (en producer) Klaus Voormann. Flowers speelt op het album ook staande bas en tuba. En misschien nog wel iconischer dan zijn basspel op Space Oddity is de baspartij die hij creëerde voor Lou Reed's Walk On The Wild Side. Doe jezelf een plezier en luister nog eens een keer aandachtig naar Walk On The Wild Side en concentreer je dan niet op Reed's stem, maar op het basspel van Flowers. Zijn spel is zó bepalend voor de sfeer van het nummer, zonder dat ze op de voorgrond treden of overheersend zijn.

Flowers heeft een lang leven gehad en is dus in de gelegenheid geweest om aan hele veel mooie muziek mee te werken. Als je het allemaal overziet kun je niet anders dan concluderen dan dat een groot muzikant is heengegaan.

© 2024 TTZL


Wikipedia EN: Herbie Flowers
Wikipedia NL: 
Herbie Flowers

Spotify: Sky - Sky 2 [album]
Spotify: Lou Reed - Transformer [album]

YouTube: Toccata [Sky]
YouTube: Melting Pot [Blue Mink]
YouTube: 
Good Morning Freedom [Blue Mink]
YouTube: Banner Man [Blue Mink]
YouTube: Diamond Dogs [David Bowie]
YouTube: Rebel Rebel [David Bowie]
YouTube: Space Oddity [David Bowie]
YouTube: Walk On The Wild Side [ Lou Reed]