Neem één deel Bauhaus en verlaag daarvan het tempo en de intensiteit. Neem ook één deel Japan en maak dat iets ruwer en killer. Voeg daar complexe ritmische structuren aan toe en meng het tot één geheel. Dan krijg je The Waking Hour van Dalis Car uit 1984: een Desert Island Disc wat mij betreft.
Information is not knowledge. Knowledge is not wisdom. Wisdom is not truth. Truth is not beauty. Beauty is not love. Love is not music. Music is the best... [Frank Zappa - 'Packard Goose' - Joe's Garage: Act III (1979)]
Zoeken in deze blog
zondag 27 september 2020
#411: Dalis Car - Dalis Car (1984)
zaterdag 19 september 2020
#410: Fleetwood Mac - Fleetwood Mac: 1969 To 1974 (2020)
Als je de naam Fleetwood Mac noemt, ontkom je er niet aan om duidelijk te maken wélke Fleetwood Mac je bedoelt. Niet dat er meerdere groepen zijn met die naam, maar de carrière van de band valt wel uiteen in een paar zeer verschillende delen.
Bij de start is het een British Blues band onder leiding van Peter Green (zie ook blog #402) met Jeremy Spencer en de enige twee 'lifetime members' Mick Fleetwood en John McVie. In de periode van 1967 tot 1969 brengen ze twee albums uit (Fleetwood Mac en Mr. Wonderful) en een handvol succesvolle non-album singles waaronder Black Magic Woman, Need Your Love So Bad en Albatross. Op een gegeven moment was Peter Green echter door zijn drugsgebruik niet meer te handhaven en in 1970 vertrok hij.
De versie van Fleetwood Mac die bij de meeste mensen bekend zal zijn is die van de periode 1975-1995. De band bestaat dan uit Fleetwood, McVie en Christine McVie samen met de Amerikanen Lindsey Buckingham en Stevie Nicks uit de VS. De bekendste albums zijn Fleetwood Mac, Rumours, Tusk, Mirage en Tango In The Night en vooral in die periode werden grote hits gescoord als Rhiannon, Go Your Own Way, Don't Stop, Tusk, Little Lies en Everywhere. De band split voor iets meer dan een jaar (rondom 1996) om daarna toch weer bij elkaar te komen. Sindsdien zijn er nog één studio- en twee live-albums verschenen.
Dan blijft nog de periode 1969 tot 1974 over. Gitarist Danny Kirwan werd aan de bezetting toegevoegd en alhoewel dit tijdvak van Fleetwood Mac veel minder bekend is, zijn er wel een aantal uitstekende platen gemaakt. Gelukkig is deze maand de box Fleetwood Mac: 1969 To 1974 verschenen die deze periode documenteert.
De eerste LP is Then Play On uit 1969 en dit zou de laatste zijn waarop Peter Green te horen is. Het is een hele sterke plaat waarop de transitie van blues naar rock wordt ingezet met songs als Coming Your Way en Rattleshake Shake. Ook de non-album singles Oh Well en The Green Manalishi (With the Two Prong Crown) zijn geweldig. Op dit album speelt voor het eerst Christine Perfect (later McVie) mee, al wordt dat niet op het album vermeld, net als op opvolger Kiln House uit 1970. Ook dit is een sterk album met nummers als Jewel Eyed Judy en Earl Gray.
Op Future Games uit 1971 is Christine McVie officieel groepslid geworden en is Bob Welch Danny Kirwan komen vervangen. Nummers als Morning Rain en Future Games illustreren mooi de ontwikkeling die Fleetwood Mac nog steeds doormaakt op dat moment. Deze bezetting maakt daarna in 1972 het sterke Bare Trees met nummers als Sentimental Lady en Spare Me A Little Of Your Love.
Op de drie daaropvolgende studio-albums wordt het hoge niveau niet helemaal vastgehouden, maar er zijn met bijvoorbeeld Bright Fire (van Penguin uit 1973), Emerald Eyes (van Mystery To Me uit 1973) en Heroes Are Hard To Find (van Heroes Are Hard To Find uit 1974) voldoende momenten om de aandacht vast te houden.
De acht CD-box die nu verschenen is bevat geremasterde versies van de zeven albums, twintig bonustracks (waaronder de non-album singles en b-kantjes) en als achtste CD een niet eerder verschenen live-concert uit 1974. Hiermee krijgt deze bezetting van Fleetwood Mac de verdiende waardering en voor iets meer dan veertig euro is deze box een goede deal.
zondag 13 september 2020
#409: Record Store Day(s) 2020
Jaarlijks schrijf ik in april een blog over de Record Store Day (RSD) van dat jaar, maar dit jaar was dat anders. De reguliere RSD op 18 april 2020 (de derde zaterdag van april) werd geannuleerd vanwege de COVID-19 uitbraak. Optimistisch werd er een nieuwe datum gepland: 20 juni. Al snel bleek die datum ook niet realistisch te zijn en werd er tot een nieuwe strategie besloten. Er kwamen drie dagen (29 augustus, 26 september en 24 oktober) waarover de uit te brengen producten werden verdeeld en vanaf 19:00 uur lokale tijd mocht alles ook online worden verkocht.In Nederland vond men dat allemaal wel wat lang gaan duren en omdat het water platenzaken en artiesten inmiddels tot de lippen stond werd besloten tot een 'Local Record Store Day' op de eerder geplande 20 juni. Vijfendertig exclusieve releases van Nederlandse en Belgische bodem waren vanaf die dag in de platenzaken en online verkrijgbaar.
© 2020 TTZL
zondag 6 september 2020
#408: Namlook - Seasons Greetings =Autumn= (1994)
© 2020 TTZL
zaterdag 29 augustus 2020
#407: White Noise - An Electric Storm (1969)
BBC's Radiophonic Workshop was vanaf 1958 veertig jaar lang verantwoordelijk voor de geluiden en muziek bij talloze BBC-programma's. Hun meest bekende track is waarschijnlijk Doctor Who theme uit 1963 voor de tv-serie Doctor Who. De Workshop was vermaard vanwege de gebruikte technieken die nauwe verwantschap hadden met musique concréte. Geluiden uit het dagelijks leven werden vervormd door middel van tapemanipulaties of geluiden werden gemaakt door middel van toongeneratoren.
Leden van de Workshop gaven ook lezingen en bij één daarvan was de in Engeland woonachtige Amerikaan David Vorhaus aanwezig. Geïnspireerd door de lezing benaderde Vorhaus de Workshop-leden Delia Derbyshire en Brian Hodgson om gezamenlijk een muzikaal project te starten.
In eerste instantie was het de bedoeling om twee nummers te maken voor een single. De eerste track is Love Without Sound en die komt nog redelijk dicht in de buurt van popmuziek, al is er halverwege een passage waarin de musique conréte invloeden naar voren komen. Het tweede nummer, My Game Of Loving, start ook redelijk conventioneel, al zijn de zang en gesproken teksten apart te noemen. Ook hier is halverwege een abrupte break waarin de 'game of loving' expliciet wordt verklankt.
De nummers werden gepresenteerd aan Chris Blackwell van Island Records en die was zo onder de indruk dat hij ze vroeg het uit te breiden tot een album. Daarop gingen Vorhaus, Derbyshire en Hodgson weer aan het werk en met behulp van een groep bevriende zangers en muzikanten werden nog een aantal tracks gemaakt. Hierbij werd, naast de al eerder genoemde tapemanipulaties en toongeneratoren, gebruik gemaakt van een EMS VCS 3 (één van de eerste synthesizers).
De drie resterende tracks van kant A (Here Come The Fleas, Firebird, Your Hidden Dreams) hebben dezelfde, typisch Engelse psychedelica-karakteristieken. Daarbij wordt aan eerstgenoemde track absurdistische humor toegevoegd en heeft die track in twee minuten meer 'edits' dan een contemporain album in zijn geheel had.
Echt uitdagend wordt het op kant B. Die start met de ruim elf minuten durende trip The Visitation waarin een overleden man een laatste bezoek probeert te brengen aan zijn ontroostbare geliefde. De rest van kant B liet op zich wachten.
Er was inmiddels een jaar verstreken sinds het verzoek van Blackwell en Island Records begon was ongeduldig te worden en stelde een ultimatum. De laatste track, Black Mass: Electric Storm In Hell, werd daarop snel geïmproviseerd en is een (door Pink Floyd's A Saucerful Of Secrets geïnspireerde) hypnotiserende kakofonie die, zeker na herhaalde beluistering, boeiend te noemen is en een waardige afsluiter van het album.
An Electric Storm is geen lichte kost en zal zeker niet iedereen aanspreken. Het album was geen succes toen het uitkwam, maar heeft in de afgelopen vijftig jaar uiteindelijk de waardering én invloed gekregen die het als pionier van het elektronische genre verdient, getuige de waardering die groepen als Stereolab, Add N To (X) en Broadcast voor het album hebben uitgesproken.
© 2020 TTZL
zaterdag 22 augustus 2020
#406: In Tua Nua - Seven Into The Sea (1986)
Voor een land met slechts vijf miljoen inwoners heeft Ierland een indrukwekkend aantal belangrijke artiesten voortgebracht. Zo zijn er traditionele groepen als The Chieftains en The Dubliners, het modernere geluid van Clannad en Enya solo, je had Them en later Van Morrison solo en er was natuurlijk Thin Lizzy.
De jaren tachtig waren met name succesvol voor Ierse bands met hits als I Don't Like Mondays en Banana Republic van The Boomtown Rats, A Girl Called Johnny en The Whole Of The Moon van The Waterboys en een waterval aan hits van U2 waaronder Sunday Bloody Sunday en Pride (In the Name of Love).
In hun slipstream volgden natuurlijk vele Ierse bands die ook hun geluk beproefden. Eén van die bands was In Tua Nua, waarvan de bandnaam een fonetische weergave is van het Iers-Gaelische 'An Tuath Nua', wat 'de nieuwe stam' betekent.
Na een paar singles (waarvan er één kleine hit werd in Ierland) kregen ze meer succes met het felle, opzwepende Seven Into The Sea. Naast de top tien in Ierland bereikten ze er ook de onderste regionen van de Nederlandse Top 40 mee, wat ze een plek op Pinkpop in 1987 opleverde.
Het nummer start met een heerlijk drums-en-bas-intro en dat heerlijke geluid houdt het hele nummer aan. Na dat intro valt een staccato gitaar in en in de rest van het nummer zorgen fluit en viool voor een Iers gevoel. De soepele en toch krachtige stem van Leslie Dowdall doet de rest, in combinatie met het pakkende refrein en fijn outro (gelukkig geen fade-out). Ballad Of Irish Love op de b-kant is heel anders (lees: rustiger) van sfeer, maar is ook een fijne track met een schurende tekst over disfunctionerend gezinsleven.
In Tua Nua brak daarna niet écht door en na twee albums (Vaudeville in 1987 en The Long Acre in 1988) was het afgelopen. Er werd nog een derde album opgenomen (When Night Came Down On Sunset), maar dat werd niet meer uitgebracht door de platenmaatschappij. Uiteindelijk is dat album in 2007 voor korte tijd verkrijgbaar geweest op iTunes.
© 2020 TTZL







