Zoeken in deze blog

zaterdag 27 mei 2023

#550: Tina Turner - Acid Queen (1975)

Het was, sinds het verschijnen van haar boek My Love Story in 2018, bekend dat Tina Turner aan meerdere ziektes leed. Toch kwam het bericht van haar dood op 83-jarige leeftijd nog enigszins onverwacht. 

Nu denk je bij Tina Turner al snel aan de glorieperiode met de Ike & Tina Turner Revue, ondersteund door de Kings Of Rhythm en The Ikettes. Of aan de periode waarin Tina Turner succesvol was als solo-artiest (vanaf 1984 met Private Dancer), maar daar wil ik het niet over hebben. 

Een andere interessante periode ligt namelijk in het midden van de jaren zeventig, wanneer Tina langzaamaan loskomt van Ike. Het begint met haar solo-debuut Tina Turns the Country On! uit 1974 waarmee Ike haar bij een groter publiek onder de aandacht hoopt te brengen. Dat lukt niet echt, maar dan wordt Tina door The Who gevraagd om de rol van Acid Queen te spelen in de filmversie van hun rockopera Tommy. Tina's versie van het nummer Acid Queen slaat in als een bom en om munt te slaan uit de ontstane situatie wordt er een tweede solo-album met Tina gemaakt, natuurlijk onder de titel Acid Queen

Op kant A staan vijf covers en het album start met twee nummers van de Rolling StonesUnder My Thumb en Let's Spend The Night Together, en die klinken verdomd lekker. Daarna volgen twee covers van The Who. Naast een nieuwe versie van Acid Queen ook een heerlijk slepende (met strijkers versierde) versie van I Can See For Miles

De afsluiter van kant A is wat mij betreft het hoogtepunt: Whole Lotta Love van Led Zeppelin. Het is een door de bas gedreven versie met fijn gitaarwerk en opnieuw accenten door de strijkers. Tina's versie is heerlijk traag, ze kan zich vocaal helemaal laten gaan en het nummer heeft een hele mooie coda. Dat is nog eens een manier om een nummer af te sluiten!

Kant B wordt gevuld met vier nieuwe nummers van Ike Turner, waaronder het duet Baby - Get It On dat een succesvolle single wordt (in Nederland een Top 10 hit). Het is een uptempo nummer met disco-invloeden en fijne blazers. Daarna komt Bootsey Whitelaw en dat is een lekker mid-tempo nummer met blues-invloeden. De andere twee tracks, Pick Me Tonight en Rockin' And Rollin', zijn prima nummers maar niet zo memorabel.

Baby - Get It On zou Tina's laatste single met Ike zijn, want na veel lichamelijk en geestelijk misbruik vond Tina het genoeg en vluchtte ze op 1 juli 1976 uit de relatie en vroeg een scheiding aan. Het album Acid Queen was daarmee een voorbode van wat nog zou komen: Tina werd solo nog succesvoller dan ze samen met Ike ooit was geweest.

Tekenend voor de handelswijze van Ike was de manier waarop de stemmen van The Ikettes terecht kwamen op de albums Over-Nite Sensation en Apostrophe (') van Frank Zappa. Beide waren in dezelfde studio aan het werk en  Ike vond het goed dat zij zongen bij Zappa, maar dan mocht hij hen niet meer betalen dan 25 dollar per nummer. Dat was namelijk wat Ike aan The Ikettes betaalde en als Zappa meer gaf dan was hij bang dat zij dat voortaan ook van Ike wilde hebben. Zappa gaf de dames echter 25 dollar per uur. 

Tina Turner, Linda Sims en Debbie Wilson zijn te horen op vijf van de zeven nummers op Over-Nite Sensation (waaronder I'm The Slime en Montana) en op Cosmik Debris and Uncle Remus van Apostrophe ('), maar hun namen mochten van Ike niet vermeld worden in de credits. En hoewel de vocale partijen behoorlijk uitdagend waren en er flink gestudeerd moest worden (luister maar naar het middenstuk van Montana) kun je ook duidelijk horen dat ze er plezier in hadden.

Gelukkig was voor Tina het tweede deel van haar leven zowel artistiek als privé een stuk beter, want naast haar solo-carrière had ze in 1986 Erwin Bach ontmoet, een Duitse music executive, waarmee ze gelukkig was tot aan haar dood.

© 2023 TTZL


Official website: Tina Turner
Wikipedia EN: Tina Turner
Wikipedia NL: Tina Turner

YouTube: Acid Queen [album]

YouTube: Under My Thumb
YouTube: Acid Queen

YouTube: Private Dancer
YouTube: Acid Queen [uit 'Tommy']
YouTube: I'm The Slime [Frank Zappa]
YouTube: Montana [Frank Zappa]
YouTube: Cosmik Debris [Frank Zappa]
YouTube: Uncle Remus [Frank Zappa]


zondag 21 mei 2023

#549: John Giblin (1952 - 2023)

Deze week overleed de Schotse bassist John Giblin, nadat hij al een lange tijd ziek was. Nu zal de naam Giblin misschien niet bij iedereen direct associaties oproepen, maar hij was een gewilde sessiemuzikant. Zo is hij te horen op albums van uiteenlopende artiesten als Jon Anderson, Chris de Burgh, The Everly BrothersFish, Scott Walker en David Sylvian en hij was van 1985 tot 1989 lid van Simple Minds.

Bij mij was Giblin vooral bekend van zijn korte periode in 1979 bij de jazzrock band Brand X (zie blog #440) waarin ook Phil Collins speelde. Hij speelde op het album Product en op nummers als Not Good Enough - See Me!Rhesus Perplexus en het door hem geschreven April is goed te horen wat  een stijl- en talentvol bassist hij was.

Tijdens de sessies voor Product werden veel meer tracks gemaakt dan op het album paste. Dit zorgde ervoor dat, toen de band kort na dat album ophield te bestaan, er toch nog twee albums volgden (Do They Hurt? en Is There Anything About?) met al dat andere materiaal. Zo komt het dat Giblin's naam op drie Brand X albums staat.

Het zijn echter vooral de samenwerkingen van John Giblin met Peter Gabriel en Kate Bush die het meest zullen beklijven. Uit zowel het bericht van Gabriel als het bericht van Bush in reactie op Giblin's dood spreekt veel waardering en liefde. 

Gabriel geeft aan dat Phil Collins hem in contact bracht met Giblin nadat deze met hem speelde in Brand X. Gabriel's favoriete werk van Giblin voor hem staat op zijn derde album en is het nummer No Self Control, waarop ook Collins speelt en Kate Bush achtergrondzang verzorgt. We horen hier Giblin's baspartij zich soepel door de hoekige, staccato drumpatronen van Collins weven en sfeerbepalend zijn voor het nummer. Gabriel en Giblin werkten ook nog samen op de soundtrack voor de film Birdy.

Met Kate Bush had Giblin een heel lange historie. Al in 1980 verrijkte hij  Babooshka en Breathing (van het album Never For Ever) met zijn smaakvolle bastonen. Tot en met de comeback van Kate Bush in 2014 bleven ze samenwerken.

Giblin blijkt trouwens op meer fijne albums uit mijn collectie mee te doen zoals Grace & Danger van John Martyn (luister maar naar Johnny Too Bad), Face Value van Phil Collins (ja, ook op In The Air Tonight is Giblin te horen) en de fabuleuze bas die te horen in Duncan Browne's The Wild Places (van het gelijknamige album) is ook van Giblin.

Het is duidelijk dat met het verscheiden van John Giblin een zeer veelzijdig en getalenteerd bassist én, zoals uit de beschrijvingen blijkt, aimabel mens is heengegaan.

© 2023 TTZL


Discogs page: John Giblin
Wikipedia EN: John Giblin
Wikipedia NL: John Giblin

YouTube: Rhesus Perplexus
YouTube: April
YouTube: No Self Control
YouTube: Babooshka
YouTube: Breathing
YouTube: Johnny Too Bad
YouTube: The Wild Places

Spotify: Brand X - Product [album]
Spotify: Brand X - Do They Hurt? [album]
Spotify: Peter Gabriel - Peter Gabriel [album] (aka 'Melt', aka '3')
Spotify: Phil Collins - Face Value [album]

zaterdag 13 mei 2023

#548: Bronz - Taken By Storm (1984)

Er zijn van die bands die worden samengesteld met een bepaald doel voor ogen. De platenmaatschappij of een bepaalde producer heeft dan grote invloed en daarbij denk je dan als snel aan een boy band of girl group. Toch komt het ook in andere genres voor. Bronz is een voorbeeld uit het metal genre.

Tegen 1984 liep de New wave of British heavy metal (NWOBHM) een beetje op z'n einde. Het Engelse Bronze Records (in samenwerking met Island Records in de VS) besloot echter het nog op de Amerikaanse markt te gaan proberen, in het kielzog van succesvolle bands als Def LeppardIron Maiden en Saxon.

De vier muzikanten Chris Goulstone (gitaar, toetsen), Shaun Kirkpatrick (gitaar), Paul Webb (bas) en Carl Matthews (drums) werden gekoppeld aan zanger Max Bacon die net was gestopt bij Nightwing.

Het leverde Taken By Storm op, een album waarbij maar liefst vijf verschillende producers in drie teams de tien nummers voor hun rekening hebben genomen. Het gevolg is een album waarin weinig eenheid is te ontdekken in stijl, arrangementen en productie. 

Soms neigt het naar AOR met standaard gedubbelde zang, zoals in Send Down An Angel en The Cold Truth. En soms gaat het er net iets fanatieker aan toe zoals in Night Runner of Loneliness Is Mine, al krijgt het nooit dat echt rauwe randje dat het geluid van Iron Maiden of Saxon zo lekker maakt. 

Dat de Amerikaanse markt de focus was hoor je vooral goed terug in nummers als Don't Ever Wanna Loose You en Harder Than Diamond. Het klinkt gepolijst en bedacht.

Zelfs met de hoezen werd er rekening gehouden met de Amerikaanse consumenten. Waar de rest van de wereld een prisma-afbeelding kreeg, werd er voor de VS een versie gemaakt waarop een Magere Hein-achtige figuur een voluptueuze dame schaakt. Er zal vast een goede reden voor zijn geweest...

Taken By Storm is het enige album van Bronze en zal niet herinnerd worden als een hoogtepunt van de NWOBHM (verre van, zelfs). Pas een jaar of twintig jaar later werd er weer een teken van leven vernomen van Bronze, al is Chris Goulstone in de huidige triobezetting het enige originele bandlid.

© 2023 TTZL


Official website: Bronz
Wikipedia EN: Bronz
Wikipedia NL: Bronz

YouTube: Taken By Storm [album]

zondag 7 mei 2023

#547: Dweezil Zappa - My Mother Is A Space Cadet (1982)

Kinderen die in de voetsporen treden van hun ouders, dat zien we overal. Een kind neemt de zaak van de ouders over of kiest hetzelfde beroep. Ook in de muziek komt het regelmatig voor. Denk bijvoorbeeld aan Frank Sinatra en dochter Nancy, John Lennon en zoons Julian en Sean, John Bonham en zoon Jason of Frank Zappa en zoon Dweezil.

Over die laatste wil het natuurlijk hebben. Allereerst, 'Dweezil' is zijn echte naam, al is dat niet altijd zo geweest. Het was wel vanaf zijn geboorte de bedoeling om hem Dweezil te noemen, maar in het ziekenhuis weigerde men de nieuwgeborene onder die naam in te schrijven. Vader Frank, de discussie zat zijnde, ratelde toen snel wat namen van bevriende musici op en die werden allemaal als naam genoteerd, met als eindresultaat Ian Donald Calvin Euclid Zappa

Op zijn vijfde begreep Dweezil dat dit niet zijn echte naam was en op zijn verzoek hebben zijn ouders toen een advocaat in de arm genomen die 'Dweezil' alsnog als zijn wettige naam heeft laten registreren. Dat past ook veel beter bij de namen van oudere zus Moon Unit Zappa (auteur, actrice, zangeres), jongere broer Ahmet Emuukha Rodan Zappa (zanger/muzikant, acteur, beheerder van de Zappa Family Trust) en jongere zus Diva Muffin Zappa (actrice, mode-ondernemer).

De kinderen groeiden op te midden van muziek, maar het is Dweezil op wie dit de meeste greep kreeg. Vanaf een jonge leeftijd is hij gefascineerd door de elektrische gitaar en hij heeft natuurlijk een goede leermeester in zijn vader, maar ook van regelmatige gasten in huize Zappa als Steve Vai en Eddie Van Halen.

In 1984, Dweezil is dan veertien jaar oud, maakt hij zijn opwachting op het  Frank Zappa album Them Or Us waar hij de solo's speelt in Sharleena en Stevie's Spanking. Hij komt op nog een paar albums van zijn vader voor, wordt een veelgevraagd sessiemuzikant, maakt zes solo-albums en creëert twee albums met broer Ahmet onder de groepsnaam Z.

Het meeste succes krijgt Dweezil echter als hij gaat optreden met het repertoire  van zijn vader om de nagedachtenis aan Frank levend te houden. Dat doet hij eerst onder de groepsnaam Zappa Plays Zappa en later onder zijn eigen naam. Vaak wordt de band aangevuld met oudgedienden van zijn vader (zoals Napoleon Murphy Brock) en Zappa fans wereldwijd verwelkomen de mogelijkheid om de muziek nog eens live te kunnen horen (en zijn verbaasd over de geweldige kwaliteit van de uitvoeringen).

Bovenstaande is een hele lange inleiding tot de single waar ik het eigenlijk over wil hebben. Op twaalfjarige leeftijd maakte Dweezil namelijk al zijn debuut met de single My Mother Is A Space Cadet* waarop Eddie Van Halen de intro speelt en de coproductie van heeft gedaan. Steve Vai en zuster Moon hebben het nummer met Dweezil geschreven en de gitaarsolo aan het einde laat de grote belofte horen van Dweezil als gitarist. Leuk om te zien is de Zappa Plays Zappa-uitvoering van het nummer.
helaas staat alleen deze gemankeerde versie op YouTube
 
Op de b-kant staat Crunchy Water, dat Dweezil met Greg Kurstin schreef. Ook dit is een aanstekelijk nummer en knap gemaakt als je de leeftijd van de uitvoerenden in acht neemt (kijk nog even naar de hoesfoto). De debuutsingle is nu misschien een curiosum, maar door de schaduwen die deze vooruitwierp wel erg leuk om af en toe eens terug te horen.

© 2023 TTZL


Official website: Dweezil Zappa
Wikipedia EN: Dweezil Zappa
Wikipedia NL: Dweezil Zappa

YouTube: My Mother Is A Space Cadet
YouTube: Crunchy Water

YouTube: Sharleena [Frank Zappa]
YouTube: Stevie's Spanking [Frank Zappa]
YouTube: Inca Roads [Zappa Plays Zappa feat. Napoleon Murphy Brock]
YouTube: My Mother Is A Space Cadet [Zappa Plays Zappa]
YouTube: House Of Blues 2015 [Zappa Plays Zappa - compleet concert]

zondag 30 april 2023

#546: Jakko - Silesia (1982)

Michael Lee Curran werd in 1958 geboren in Londen en had een Ierse moeder en een onbekende militair uit de VS als vader. Toen hij 18 maanden oud was adopteerden de Pools/Franse emigranten Jakszyk hem en werd het Michael "Jakko" Jakszyk. Als artiest koos hij eerst voor Jakko en later Jakko M. Jakszyk. Zijn complexe familiegeschiedenis en ongelukkige jeugd verwerkte hij in 1996 in een werk voor BBC Radio, getiteld The Road To Ballina, wat daarna ook een theaterproductie en album werd.

Jakko had drie interesses in zijn jeugd: voetbal, acteren en muziek. Voor het eerste had hij niet genoeg aanleg om er zijn brood mee te verdienen, maar met de andere twee kon hij zich in leven houden nadat hij op zestienjarige leeftijd uit huis was gezet door zijn adoptievader. 

Hij bleek een talentvol gitarist te zijn en speelde tussen 1975 en 1980  in verschillende bands en leerde Dave Stewart (niet die van Eurythmics) kennen die later succes zou hebben als duo met Barbara Gaskin. Daarnaast werd hij een veelgevraagd sessiemuzikant en werkte voor onder andere Tom Robinson, Level 42 en The Kinks

In 2002 was hij belangrijk bij de oprichting van de 21st Century Schizoid Band die zich toelegde op het uitvoeren van het jaren zestig en zeventig repertoire van King Crimson (KC). In die band zaten ook ex-leden en bekenden van KC en op die manier raakte Jakko ook bevriend met KC-frontman Robert Fripp. Naast een gezamenlijk album in 2011 leidde dit ertoe dat Jakko in 2013 werd gepresenteerd als "lead singer & second guitarist" van weer een nieuwe incarnatie van KC en dat bleef zo totdat KC in 2021 weer in de inactieve modus ging (maar je weet nooit of Fripp weer van gedachten veranderd...).

Waar ik nog geen aandacht aan besteed heb is het solowerk van Jakko. Inmiddels zijn dat al ruim tien albums, maar de start verliep allesbehalve gladjes. Al in 1981 tekende hij een contract bij Chiswick Records en nam hij een album op. Er werden drie singles uitgebracht zonder succes en alhoewel het al in productie was werd besloten het album niet uit te brengen. Alleen in Duitsland, Italië en Nederland kwam het album op de markt en zo heb ik toch een exemplaar uit een afprijsbak kunnen vissen.

Gedurende tientallen jaren was het album alleen (moeilijk) tweedehands verkrijgbaar, maar inmiddels staat het gelukkig op alle streamingplatforms. Gelukkig, want het is een heel leuk album dat perfect past in de trend van de betere (Britse) synth-pop van de vroege jaren tachtig met bands als Depeche Mode, Japan, Art Of Noise en Soft Cell

Dit is goed terug te horen in de eerste drie, prima nummers van het album, I'll Stand On My Own, Grab What You Can (Biez Co Mozesz) en Something On The Mirror. In dat laatste nummer hoor ik met name de liefde voor de muziek van Japan doorklinken.

Ook het met een rustig intro beginnende en met lekkere breaks gezegende One More Time kan mij bekoren, net als het instrumentale titelnummer Silesia en de afsluiter Ingmar Bergman On The Windowsill.

Het absolute prijsnummer is echter Mills & Boon. Hierin horen we echo's van de vroege jaren zeventig King Crimson (à la In The Wake Of Poseidon) en dat plaatst de 21st Century Schizoid Band en zijn uiteindelijke toetreding tot KC helemaal in perspectief. Silesia is daarmee een mooi tijdsbeeld, geeft hints naar de toekomst en is gewoon een fijne plaat om te horen.

© 2023 TTZL


Fan website (archief): Jakko M. Jakszyk 
Wikipedia EN: Jakko M. Jakszyk
Wikipedia NL: Jakko M. Jakszyk

YouTube: Silesia [album]
Spotify: Silesia [album]

zondag 23 april 2023

#545: A·F·X - Orphaned Deejay Selek 2006-08 (2015)

Wat hebben AFX, Aphex Twin, Blue Calx, Bradley Strider, Brian Tregaskin, Caustic Window, GAK, Karen Tregaskin, Phonic Boy On Dope, Polygon Window, Power-Pill, Q-Chastic, Ricardo Jamiro, Rutchkfard Games, Smojphace, Soit - P.P., The Dice Man, The Tuss, user18081971 en user48736353001 met elkaar gemeen? 

Het zijn allemaal aliassen van Richard D. James en dan heb ik nog niet eens de samenwerkingen genoemd, zoals Mike & Rich en Universal Indicator.

De discografie van James is een nachtmerrie voor de ware verzamelaar met zoveel verschillende namen waaronder hij werk uitbrengt. Er zijn reguliere albums, maar er zijn vooral tientallen EP's in veelal gelimiteerde oplagen. En er zijn losse tracks op compilatie-albums. En dan zijn er nog compilaties van die EP's en losse tracks. En geen van de discografieën op internet lijkt helemaal compleet  te zijn. 

Aphex Twin is wel de bekendste naam waaronder James muziek uitbrengt en dit is ook de naam waaronder hij tot nu toe de meeste (zes) volledige albums heeft uitgebracht, die allemaal zeer de moeite waard zijn. Als getracht wordt om de muziek te omschrijven die hij als Aphex Twin uitbrengt vallen veelal termen als 
  • ambient techno
  • IDM
  • electronica en 
  • dark ambient, naast onder andere drone, minimalism, acid techno en avant-garde .

  • De gemene deler van de releases onder de variantnaam AFX (c.q. 
  • /afx\, A.F.X., Afx, A·F·X of afx) is dat ritmes de basis vormen en dat ze over het algemeen wat minder hectisch zijn. Dat geldt voor de Analogue Bubblebath en Analord series, maar ook voor een losse EP als Orphaned Deejay Selek 2006-08 die in 2015 ineens verscheen na tien jaar inactiviteit onder de AFX-naam.

    De 8-track EP opent met serge fenix Rendered 2 waarin snelle synthesizerlijnen en acid-achtige melodielijnen versmelten tot een drie minuten durende achtbaanrit. oberheim blacet1b laat dan weer een ander geluidspalet horen terwijl de intensiteit behouden blijft.

    Het korte dmx acid testbonus EMT beats en NEOTEKT72 zijn kale, spartaanse, puur op ritme gebaseerde tracks en midi pipe1c sds3time cube/klonedrm is nogal afwijkend door het gebruik van pijporgel-achtige geluiden. 

    De beste nummers vind ik simple slamming b 2, dat doet denken aan de Analord-series en een prachtig gedempt karakter heeft, en de afsluiter van de EP waarin alle elementen van de EP samen lijken te komen: r8m neotek beat.

    Richard D. James is zo'n maker waar ik alleen al van hou omdat hij zich niet in een hokje laat plaatsen, volledig zijn eigen gang gaat en altijd weet te boeien, zelfs als een release je minder of niet aanspreekt. Dat soort artiesten moeten we koesteren.

    © 2023 TTZL


    Officiële (label) website: Aphex Twin
    Wikipedia EN: Aphex Twin
    Wikipedia NL: Aphex Twin


    zaterdag 15 april 2023

    #544: Randy Rose - Bigfoot Beware / For Maurice

    Voor de trouwe bloglezer zal het geen verrassing zijn dat ik een liefhebber ben van het werk van The Residents (zie eerdere blogs*). De identiteit van de bandleden is sinds de start een goed bewaard geheim gebleven. Alleen Hardy Fox bevestigde in 2017 dat hij als Charles "Chuck" Bobuck in The Residents had gezeten en nu vanwege ziekte was gestopt als bandlid (hij overleed aan een hersentumor in 2018). 
    * #3#118#170#272, #362, maar ook #176 en #257


    De naam Bobuck was slechts één van de aliassen waar Hardy Fox zich van bediende. De naam dook voor het eerst op in 2010 toen The Residents als trio op tournee gingen en de bandleden zich presenteerden als Randy, Chuck & Bob. In de jaren daarna gebruikte Fox de naam Bobuck ook voor solo-werk. Zanger Randy Rose (slechts één zijn aliassen) heeft ook solo-werk uitgebracht.

    In 2016 verscheen één single op het Duitse label Psychofon Records dat zich specialiseert in gelimiteerde uitgaven in speciale uitvoeringen (gekleurd vinyl e.d.) van etherische muziek. 

    Op die single staat op de a-kant Bigfoot Beware. Het nummer is in de typische Residents-stijl en verhaalt over een Bigfoot tijdens het een verjaardagsfeestje de hond van de ik-figuur opeet. De ik-figuur gaat vervolgens jacht gaat maken op de Bigfoot. De track is duister en dreigend met interessante ritmische patronen, ijle synthesizerklanken en een gesproken deel waarin het verhaal wordt verteld. Het nummer werd uitgebracht ter promotie van het derde seizoen van vlog-serie Randyland.

    Op de b-kant staat For Maurice en dat nummer is ter nagedachtenis aan de toen net overleden katachtige metgezel van Randy Rose. Ook dit had zomaar een Residents-nummer kunnen zijn en is melancholisch van toon.

    De single is een leuke toevoeging aan het Residents-universum, net als het enige andere solo-werk van Randy Rose, het album Moravian Meeting, waarop hij met de Tsjechische band Už Jsme Doma interpretaties van Residents-klassiekers speelt.

    © 2023 TTZL


    Officiële website: Randy Rose
    Officiële website: The Residents

    zaterdag 8 april 2023

    #543: Hawkwind - Days Of The Underground (The Studio & Live Recordings 1977-1979) (2023)

    De Britse space rock band Hawkwind bestaat sinds 1969 en de lijst met (voormalige) bandleden doet inmiddels denken aan de personeelsadministratie van een middelgroot bedrijf. Dave Brock is de centrale figuur van Hawkwind en is er als enige vanaf het begin bij. Hij is inmiddels 81 jaar, en het is alweer vijftig jaar geleden dat eerste mijlpaal Space Ritual (zie blog #458) verscheen, maar hij nog steeds zeer actief. 

    Zo verschijnt op 28 april a.s. het nieuwe studio-album The Future Never Waits, zoals er nog bijna ieder jaar nog een nieuw album uitkomt. Daarnaast is het Cherry Red Records sub-label Atomhenge sinds een jaar of vijftien bezig met prachtige heruitgaven van de Hawkwind-catalogus. 

    De nieuwste loot aan die boom is de box Days Of The Underground (The Studio & Live Recordings 1977-1979) die vorige week verscheen en uit acht CD's en twee Blu-ray's bestaat. Zoals de subtitel al aangeeft beslaat deze verzameling een specifieke periode. De bezetting had weer eens gewisseld en naast Brock had met name de Zuid-Afrikaans/Britse schrijver, dichter en zanger Robert Calvert grote invloed op het geluid van de band.

    Centraal staan de drie studio-albums die in deze periode verschenen. Deze zijn opnieuw gemixt door Steven Wilson en op de Blu-ray's staan High Resolution stereo en 5.1 surround sound versies. 

    Op Quark, Strangeness and Charm (Hawkwind's zevende album uit juni 1977) laat de band het zware, donkere geluid van de eerste albums wat achter zich en incorporeren ze meer pop-invloeden. Een ontwikkeling die zich al aankondigde op het vorige album Astounding Sounds, Amazing Music uit augustus 1976. Deze ontwikkeling is goed te horen in nummers als Spirit Of The Age, Hassan I Sahba en het titelnummer Quark, Strangeness And Charm

    Het volgende album, 25 Years On (uit oktober 1978), verscheen onder de bandnaam Hawklords vanwege een juridische strijd over de naam Hawkwind. Deze plaat gaat verder op de weg van het vorige album en voegt meer elektronica en humor toe. PSI Power en Free Fall zijn hier goede illustraties van, maar het autobiografische 25 Years mag niet onvermeld blijven omdat hierin alle invloeden samenkomen.

    Weer onder de naam Hawkwind verscheen in juni 1979 PXR 5 (ook al was het opgenomen vóór 25 Years On) en al direct in het openingsnummer Death Trap is te horen hoe Hawkwind succesvol de urgentie van punk weet te verbinden aan een sterke melodie mét referenties naar het oude, zwaardere geluid. High Rise is een ander hoogtepunt van het album en Uncle Sam's On Mars en Infinity grijpen weer wat meer terug naar het geluid van de vroege Hawkwind albums.

    Het zijn drie sterke albums die deze aandacht zeker vedienen. Op de CD's van de albums zijn ook een groot aantal bonus tracks opgenomen. De andere CD's staan vol met complete live concerten uit dezelfde periode. Steven Wilson heeft naast zijn muzikantenbestaan inmiddels een solide reputatie opgebouwd met remixen (stereo én surround) en remasteren en hij stelt ook hier niet teleur. Als je geïnteresseerd bent in Hawkwind mag deze box niet ontbreken in je collectie.

    © 2023 TTZL


    Official website: Hawkwind
    Wikipedia EN: Hawkwind
    Wikipedia NL: Hawkwind


    YouTube: Spirit Of The Age
    YouTube: Hassan I Sahba
    YouTube: PSI Power
    YouTube: Free Fall
    YouTube: 25 Years
    YouTube: Death Trap
    YouTube: Infinity
    YouTube: High Rise

    zaterdag 1 april 2023

    #542: Wim de Bie - De Bie Zingt (Een Mini-A-Capella-Elpee) (1984)

    Dat het werk van Wim de Bie een aparte en zeer prominente plek inneemt in het Nederlandse medialandschap bleek wel uit de massale aandacht voor zijn overlijden op tv en radio. Dat betreft de boeken en platen die hij maakte, maar zeker ook zijn pionierswerk op internet (en dan met name Bieslog, zijn weblog avant la lettre dat door de VPRO al eerder weer in zijn geheel online is gebracht) en zijn werk samen met Kees van Kooten

    De Bie heeft slechts twee platen gemaakt, maar dat hij graag zong en daarom in 1984 'Een Mini-A-Capella-Elpee' getiteld De Bie Zingt uitbracht, hoeft niemand te verbazen. Immers, op de platen van het Simplisties Verbond stonden al vele liedjes. Dat betreft nummers als Oh Lord, Rozen, Rumbonen En Rode Wijn, Ome Gijs en Het Wijnjaar Nul, maar ook prachtige songs als Zoek Jezelf en De Nee-Reggae.

    Op De Bie Zingt staan, door Tonny Eyk prachtig gearrangeerde, a capella nummers, gloedvol en met passie uitgevoerd door Wim de Bie. Er staan een aantal novelty songs op, zoals zijn ultra-korte bewerking van de eeuwenoude psalm Hoe Zal Ik U Ontvangen, Billeritsie (waarvan hij schrijft: "Een raadselachtig liedje, dat mijn oma mij vaak voorzong") en zijn versie van het Wilhelmus (hij vraagt zich in de hoestekst af "wie kent nog de volledige tekst van het eerste en zesde couplet?).

    Op de mini-elpee staan ook mooie, zelfgeschreven nummers als Oma, Ik Weet Het Ook Niet, het echo-lied Alleen en het nummer dat misschien wel het meest De Bie typeert, Werken Voor Een Baas (helaas is op YouTube niet de album-uitvoering beschikbaar). 

    De Bie Zingt is een boeiende plaat van een markante persoonlijkheid. In 1985 kreeg Wim de Bie een Edison voor het album en in 1990 verscheen een CD-versie met tien extra nummers. Nog steeds een aanrader.

    © 2023 TTZL

    Officële website: Wim de Bie / Bieslog
    Wikipedia NL: Wim de Bie

    YouTube: Billeritsie
    YouTube: Wilhelmus
    YouTube: Oma
    YouTube: Alleen

    YouTube: Oh Lord
    YouTube: Ome Gijs
    YouTube: Zoek Jezelf
    YouTube: De Nee-Reggae